Informatie over de wizards Handelingen

Wanneer u een of meer routinesets met opdrachten op uw bestanden toepast, kunt u tijd en werk besparen door een wizard Handelingen. Een handeling bestaat uit een gedefinieerde reeks opdrachten met specifieke instellingen en een specifieke volgorde die u in één stap uitvoert. U kunt een handeling toepassen op één document, op meerdere documenten of op een gehele verzameling documenten. U kunt zelfs documenten scannen en diverse documenten combineren in één PDF voordat u een handeling uitvoert.

Acrobat wordt geleverd met enkele vooraf gedefinieerde wizards Handelingen. U kunt uw eigen aangepaste handelingen maken. U kunt ook de acties beheren in het venster Gereedschappen > Wizard Handelingen.

Met Adobe Acrobat XI kunt u ook handelingen exporteren en importeren, zodat u deze kunt delen met anderen.

Opmerking:

De interface en architectuur voor handelingen vervangen de modus voor batchscripts die beschikbaar was in eerdere versies van Adobe Acrobat XI. De meeste batchscripts van Acrobat 9 kunnen worden geïmporteerd als handelingen. Voor sommige scripts zijn kleine wijzigingen vereist.

Een handeling uitvoeren

Acrobat bevat diverse eenvoudige, vooraf gedefinieerde handelingen die u kunt gebruiken om uw werk te stroomlijnen. Deze handelingen bevatten algemene taken die u routinematig uitvoert om bestanden voor te bereiden op verspreiding. U hoeft geen PDF-bestanden te openen voordat u deze handelingen uitvoert.

Opmerking:

U kunt voorkomen dat er om wachtwoorden wordt gevraagd wanneer u een reeks toepast op PDF's waarvoor wachtwoorden nodig zijn. U kunt het invoeren van wachtwoorden automatiseren of in het deelvenster Wizard Handelingen van het dialoogvenster Voorkeuren een beveiligingsmethode opgeven voor deze bestanden. Als u Niet om een wachtwoord vragen selecteert, worden PDF's waarvoor wachtwoorden nodig zijn, niet verwerkt.

  1. Kies Gereedschappen > Wizard Handelingen > [naam van handeling].
  2. Het gereedschap verandert om elke taak weer te geven die is opgenomen in de handeling, en eventuele instructies weer te geven die door de auteur van de handeling zijn gegeven.
  3. Onder Bestanden weergeven die moeten worden verwerkt klikt u op Bestanden toevoegen om de bestanden te selecteren waarop u de handeling wilt uitvoeren. U kunt bestanden, mappen en e-mailbijlagen toevoegen of bestanden openen.
  4. Wanneer alle bestanden die u wilt verwerken, worden weergegeven, klikt u op Start.
  5. Als u hierom wordt gevraagd, voert u aanvullende gegevens in zoals de uitvoerlocatie en -instellingen.

Een voortgangsindicator geeft de status van het momenteel actieve proces of de taak weer. Een vinkje geeft aan dat handelingen of taken zijn voltooid. 'Handeling voltooid' wordt weergegeven onder aan het venster wanneer alle taken zijn uitgevoerd.

Opmerking:

U kunt in het dialoogvenster Voortgang op Stoppen klikken om de verwerking te stoppen. Bevestig door te klikken op Afsluiten in het dialoogvenster dat verschijnt. Alle bestanden die tijdens de handeling al zijn verwerkt zoals gedefinieerd, worden opgeslagen. U kunt op Hervatten klikken om de Handeling voort te zetten, of op Sluiten om deze te beëindigen.

Een eigen handeling maken

Het is gemakkelijker om de handeling te volgen als u de stappen in deelvensters groepeert, scheidingslijnen toevoegt en instructies opneemt. U kunt de handeling beperken tot specifieke bestanden of een ingestelde map, of u kunt de gebruiker het bestand laten kiezen.

  1. Als u de handeling op een specifiek bestand of op alle bestanden in een map wilt toepassen, klikt u op het bestand of de map onder Bestanden die moeten worden verwerkt (rechts). Blader naar het bestand of de map en klik op Openen.

  2. In het venster Selecteer gereedschappen om toe te voegen vouwt u de deelvensters uit en dubbelklikt u op een taak om deze toe te voegen. U kunt meerdere taken toevoegen. Taken worden uitgevoerd in de volgorde waarin ze in de Stappen van handeling om weer te geven rechts worden weergegeven.

  3. Als u opties voor de taak vooraf wilt definiëren, klikt u op Instellingen opgeven.

  4. Als u wilt dat de gebruiker tijdens de handeling wordt gevraagd om opties te selecteren, schakelt u het selectievakje Gebruiker vragen in.

  5. Voeg zo nodig meer taken toe.

  6. Verfijn de handeling met de knoppen aan de rechterkant. Voeg een nieuwe deelvenstergroepering, instructies of een scheidingslijn toe of verplaats of verwijder of items in de lijst.

    Hiermee wordt een nieuwe deelvenstergroepering gemaakt onder aan de huidige set taken. Typ desgevraagd de naam van het deelvenster en klik op Opslaan.

    Voegt instructies onder de momenteel geselecteerde taak toe. Typ desgevraagd de instructies en klik op Opslaan.

    Hiermee wordt een scheidingslijn toegevoegd onder de geselecteerde taak.

    Hiermee wordt het momenteel geselecteerde item omhoog verplaatst in de lijst. U kunt een taak, instructies, een scheidingslijn of een hele deelvenstergroepering verplaatsen.

    Hiermee wordt het momenteel geselecteerde item omlaag verplaatst in de lijst. U kunt een taak, instructies, een scheidingslijn of een hele deelvenstergroepering verplaatsen.

    Verwijdert het momenteel geselecteerde item. Wees voorzichtig wat u selecteert. U kunt een volledige deelvenstergroep verwijderen.

  7. Klik op Opslaan.

  8. Voer in het dialoogvenster Handeling opslaan een naam en beschrijving in voor de handeling en klik op Opslaan.

Eigen handelingen beheren

In het dialoogvenster Handelingen beheren kunt u handelingen bewerken, een andere naam geven, kopiëren, verwijderen, herschikken, importeren of exporteren.

Een handeling bewerken

  1. Kies Gereedschappen > Wizard Handelingen > Handelingen beheren.

  2. Selecteer in het dialoogvenster Handelingen beheren een handeling en klik op Bewerken om de taak of instellingen te wijzigen. U kunt in het dialoogvenster Handelingen bewerken ook een handeling bekijken en afsluiten zonder eventuele wijzigingen op te slaan.

  3. Als u taken wilt toevoegen, vouwt u de deelvensters uit en klikt u op een taak.

  4. Klik op Opslaan.

  5. In het dialoogvenster Handeling opslaan bewerkt u desgewenst de beschrijving en klikt u op Opslaan.

De naam van een handeling wijzigen

  1. Kies Gereedschappen > Wizard Handelingen > Handelingen beheren.

  2. Selecteer in het dialoogvenster Handelingen bewerken een handeling en klik op Naam wijzigen.

  3. Voer in het dialoogvenster Handeling opslaan een nieuwe naam en beschrijving in.

Een handeling kopiëren

U kunt een handeling dupliceren en u kunt de taken in een handeling wijzigen voordat u de kopie opslaat.

  1. Kies Gereedschappen > Wizard Handelingen > Handelingen beheren.

  2. Selecteer in het dialoogvenster Handelingen beheren een handeling en klik op Kopiëren.

  3. Bekijk de opties voor bron en bestemming, taken en instellingen en breng zo nodig wijzigingen aan.

  4. Klik op Opslaan.

  5. Voer in het dialoogvenster Handeling opslaan een naam en beschrijving in.

Een handeling verwijderen

  1. Kies Gereedschappen > Wizard Handelingen > Handelingen beheren.

  2. Selecteer in het dialoogvenster Handelingen beheren een handeling en klik op Verwijderen.

  3. Klik in het bevestigingsvenster op Verwijderen.

Een handeling exporteren

  1. Kies Gereedschappen > Wizard Handelingen > Handelingen beheren.

  2. Selecteer in het dialoogvenster Handelingen beheren een handeling en klik op Exporteren.

  3. Geef in het dialoogvenster Opslaan als de naam en locatie op van het bestand waarin de handeling wordt opgeslagen. Handelingenbestanden hebben de extensie .sequ.

  4. Klik op Opslaan.

Een handeling importeren

  1. Kies Gereedschappen > Wizard Handelingen > Handelingen beheren.

  2. Klik in het dialoogvenster Handelingen beheren op Importeren.

    Opmerking:

    U kunt ook dubbelklikken op een .sequ-bestand om het importeren te starten.

  3. Geef in het dialoogvenster Openen de naam en locatie op van het handelingenbestand dat u wilt importeren. Handelingenbestanden hebben de extensie .sequ. Klik op Openen.

  4. Als er al een handeling met dezelfde naam bestaat, verschijnt er een waarschuwing. Klik op Vervangen om de bestaande handeling te overschrijven.

Invoeren van wachtwoord automatiseren voor handelingen

Voordat u een handeling uitvoert voor PDF's die zijn versleuteld of met een wachtwoord zijn beveiligd, kunt u uw digitale id zo instellen dat het vereiste wachtwoord automatisch wordt ingevoerd.

Opmerking:

 Geef in het deelvenster Wizard Handelingen van het dialoogvenster Voorkeuren een beveiligingsmethode op voor deze bestanden. Als u Niet om een wachtwoord vragen selecteert, worden PDF's waarvoor wachtwoorden nodig zijn, niet verwerkt.

  1. Open het dialoogvenster Voorkeuren.
  2. Kies Handtekeningen in de Categorieën aan de linkerkant.
  3. Voor Identiteiten & vertrouwde certificaten klikt u op Meer.
  4. Open links Digitale id's en selecteer Digitale id-bestanden.
  5. Selecteer een id in de lijst aan de rechterzijde en selecteer de volgende opdrachten in de bovenste werkbalk:

Aanmelden

Hiermee meldt u zich aan met de opgegeven digitale id. Typ het wachtwoord en klik op OK.

Afmelden

Hiermee meldt u zich af met de opgegeven digitale id wanneer een handeling is voltooid.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid