Pushberichten worden buiten de app weergegeven. Zo kunt u passieve gebruikers opnieuw interesseren of informatie over nieuwe inhoud of producten doorgeven. Pushmeldingen worden ondersteund voor iOS- en Android-apps. Pushmeldingen gebruiken Apple Push Notification Service (APNS) voor iOS-apps en Google Cloud Messaging (GCM) voor Android-apps.  

Er zijn twee soorten pushmeldingen: achtergrondmeldingen, waarmee een opgegeven collectie automatisch kan worden gedownload, en tekstmeldingen, waarmee een bericht kan worden verzonden naar gebruikers, zelfs als ze de app niet gebruiken. iOS-apps ondersteunen tekstmeldingen en meldingen op de achtergrond. Pushmeldingen op de achtergrond worden nog niet ondersteund op Android-apparaten.

Gebruikers moeten bij het starten van de app toestemming geven voor het ontvangen van pushmeldingen om achtergronddownloads (alle iOS) of tekstmeldingen te ontvangen.

U kunt pushmeldingen verzenden via de on-demandportal of via API's (zie Systemen van derden integreren met AEM Mobile).

Een andere methode om pushmeldingen te verzenden, is beschikbaar via Mobile Marketing Dashboard, dat een afzonderlijke Marketing Cloud-licentie vereist. Zie Pushberichten verzenden via Marketing Cloud.

 

 

 

Pushmeldingen verzenden (iOS)

Gebruik de sectie Meldingen van de on-demandportal (https://aemmobile.adobe.com) om certificaatinformatie voor pushmeldingen te uploaden en meldingen te verzenden. Pushcertificaten worden opgeslagen op een server, niet in de app zelf.

Pushcertificaten opgeven (iOS)

U kunt tekstmeldingen verzenden via een ontwikkelingsapp voor testdoeleinden of via een distributieapp die naar Apple is verzonden. Belangrijk:

  • Als u een app ondertekent met een certificaat voor ontwikkelaars maar Preflight inschakelen niet hebt geselecteerd, werken de pushmeldingen niet. U moet Preflight inschakelen om het pushen van ontwikkelingsversies te testen.
  • Als u pushmeldingen voor een distributieapp wilt testen voordat u de app naar de App Store verzendt, maakt u een ad-hoc inrichtingsprofiel. Met een ad-hoc inrichtingsprofiel kunt u uw distributieapp (in plaats van de ontwikkelingsapp) installeren op een beperkt aantal geregistreerde apparaten.
  • Als u pushcertificaten wilt verzenden voor Enterprise-apps die intern worden gedistribueerd, moet u de beheerder die de Enterprise-certificaten maakt, vragen om certificaten voor pushmeldingen te maken voor uw specifieke app, zoals later in dit artikel wordt beschreven.

Opmerking:

Upload alle productie- en ontwikkelingscertificaten afzonderlijk en niet in een bestand met meerdere pushcertificaten. Als u een bestand met meerdere certificaten uploadt, wordt slechts één van de certificaten gedetecteerd.

  1. Maak een iOS-app in de Portal. Zorg ervoor dat u de Apple iOS Developer-site gebruikt om uw app-id geschikt te maken voor pushfunctionaliteit en om de vereiste inrichtingsprofielen en pushcertificaten te maken.

    Gebruik iOS Developer Center om uw app-id te configureren voor het gebruik van pushmeldingen en om de vereiste certificaten voor pushmeldingen te maken.

     

    Voor informatie over het maken van de door Apple vereiste certificaten voor pushmeldingen raadpleegt u de Publicatiehandleiding voor iOS voor AEM Mobile.

  2. Gebruik een Adobe ID met de machtiging Pushcertificaten beheren om u aan te melden bij de portal (https://aemmobile.adobe.com).

  3. Klik op Meldingen en controleer of iOS is geselecteerd.

  4. Selecteer bij Meldingen het project (als er meerdere projecten beschikbaar zijn) en klik op Pushreferenties.

     

    Het venster Meldingen
  5. Selecteer de app, klik op Referenties toevoegen en geef de bestanden en wachtwoorden op voor het .p12-pushcertificaat.

    iOS-pushcertificaten bewerken

    Wanneer pushcertificaten zijn verlopen of binnen 30 dagen verlopen, verschijnt er een waarschuwingsbericht wanneer u zich aanmeldt bij de sectie Meldingen van de portal. U kunt vervolgens op het pictogram voor bewerken (potlood) klikken om uw bijgewerkte certificaten te uploaden.

Een pushmelding voor achtergronddownloads verzenden (iOS)

Gebruik de optie Meldingen om pushmeldingen voor achtergronddownloads te verzenden. Als u een pushmelding verzendt voor het op de achtergrond downloaden van een collectie, wordt die collectie gedownload naar apparaten met versie 8.1 of hoger van het besturingssysteem waarop gebruikers het ontvangen van pushmeldingen hebben toegestaan. U kunt een pushmelding inplannen zodat de melding wordt geactiveerd op een tijdstip dat u opgeeft. 

  1. Gebruik een Adobe ID met de machtiging Push voor downloaden op achtergrond verzenden om u aan te melden bij de portal (https://aemmobile.adobe.com).

  2. Klik op Meldingen.

  3. Klik op Maken en kies Downloaden op de achtergrond.

  4. Geef op het tabblad Details de volgende gegevens op:

    Type iOS-app. Hier geeft aan of u een pushmelding naar de live-app (Distributie) of naar de testapp (Ontwikkelaar) verzendt. Als u een app hebt gemaakt waarvoor Preflight inschakelen is geselecteerd, moet u de optie Ontwikkeling selecteren. Als u een app hebt ondertekend met een certificaat voor ontwikkelaars maar Preflight inschakelen niet hebt geselecteerd, werken de pushmeldingen niet. U moet Preflight inschakelen om het pushen van ontwikkelingsversies te testen. In plaats van pushmeldingen te testen met behulp van een ontwikkelingscertificaat, raden we u aan een app voor ad-hocdistributie te gebruiken om de distributieapp op een beperkt aantal apparaten te testen.

    Doel. Hier geeft u de app-id op. De app-id die u opgeeft, moet overeenkomen met de app-id die u in het inrichtingsprofiel hebt gebruikt.

    Collectie. Hier selecteert u een collectie. De artikelen in de collectie die u selecteert, kunnen op de achtergrond worden gedownload.

    Meldingen op achtergrond
  5. Klik op Leveringsopties en geef de volgende gegevens op:

    Doelgroep voor melding

    Geef de doelgroep voor de achtergrondmelding op. U kunt bijvoorbeeld Telefoon selecteren om de melding alleen naar klanten te verzenden die uw app hebben gedownload naar hun telefoon.

    U kunt ook meldingen naar gebruikers verzenden die de app al meer dan 30 dagen niet hebben gebruikt.

    U kunt uw Adobe Analytics-account gebruiken om gegevens voor een subgroep van klanten in een CSV-bestand te verzamelen. Vervolgens kunt u dit CSV-bestand opgeven wanneer u de pushmeldingen verzendt. Zie het Digital Publishing Suite-artikel over Gesegmenteerde pushmeldingen (alleen Engelstalig) voor meer informatie.

    Leveringstijd

    Hier geeft u aan of u de pushmelding meteen wilt verzenden of dat de melding moet worden verzonden op de datum en tijd die u opgeeft.

    Klik op de tab Leveringsopties
  6. Klik op Maken om de pushmelding te verzenden of te plannen.

    De ingeplande pushmelding wordt weergegeven in het venster Meldingen. U kunt de ingeplande pushmelding selecteren en annuleren als het ingeplande tijdstip nog niet is bereikt.

Tekstmeldingen verzenden (iOS)

Door aangepaste tekstberichten te verzenden, kunt u lezers informeren over nieuwe inhoud in uw app.  

U kunt berichten in de app gebruiken in plaats van pushmeldingen als u vanuit de app berichten naar gebruikers wilt verzenden. Berichten in de app is een premiumproduct. Zie Berichten in de app voor meer informatie.

  1. Gebruik een Adobe ID met de machtiging Tekstmeldingen verzenden om u aan te melden bij de portal (https://aemmobile.adobe.com).

  2. Klik op Meldingen.

  3. Klik op Maken en kies Tekstmelding.

  4. Geef op het tabblad Details de volgende gegevens op:

    Type iOS-app. Hier geeft aan of u een pushmelding naar de live-app (Distributie) of naar de testapp (Ontwikkelaar) verzendt. Als u een app hebt gemaakt waarvoor Preflight inschakelen is geselecteerd, moet u de optie Ontwikkeling selecteren. Als u een app hebt ondertekend met een certificaat voor ontwikkelaars maar Preflight inschakelen niet hebt geselecteerd, werken de pushmeldingen niet. U moet Preflight inschakelen om het pushen van ontwikkelingsversies te testen. In plaats van pushmeldingen te testen met behulp van een ontwikkelingscertificaat, raden we u aan een app voor ad-hocdistributie te gebruiken om de distributieapp op een beperkt aantal apparaten te testen.

    Doel. Hier geeft u de app-id op. De app-id die u opgeeft, moet overeenkomen met de app-id die u in het inrichtingsprofiel hebt gebruikt.

    Bericht voor tekstmelding. Typ het tekstbericht dat u naar gebruikers wilt verzenden.

    Actie. Hier kunt u aangeven wat er gebeurt wanneer de lezer op de tekstmelding op het apparaat tikt. Wanneer de gebruiker op de tekstmelding tikt, kan de app in de huidige leespositie worden gestart, kan de inhoud van het startscherm worden weergegeven of kan de app, nadat deze is gestart, naar een specifieke collectie of een specifiek artikel in een collectie gaan.

    Het tabblad Details
  5. Klik op Leveringsopties en geef de volgende gegevens op:

    Doelgroep voor melding

    Geef hier het doel van de tekstmelding op. U kunt bijvoorbeeld Telefoon selecteren om de melding alleen naar klanten te verzenden die uw app hebben gedownload naar hun telefoon.

    U kunt ook meldingen naar gebruikers verzenden die de app al meer dan 30 dagen niet hebben gebruikt.

    U kunt uw Adobe Analytics-account gebruiken om gegevens voor een subgroep van klanten in een CSV-bestand te verzamelen. Vervolgens kunt u dit CSV-bestand opgeven wanneer u de pushmeldingen verzendt. Zie het Digital Publishing Suite-artikel over Gesegmenteerde pushmeldingen (alleen Engelstalig) voor meer informatie.

    Leveringstijd

    Hier geeft u aan of u de pushmelding meteen wilt verzenden of dat de melding moet worden verzonden op de datum en tijd die u opgeeft.

  6. Klik op Maken om de tekstmelding te verzenden of te plannen.

    Tekstmelding weergegeven op een iPad
    Tekstmelding weergegeven op een iPad

    Tekstmeldingen worden weergegeven op elk iOS-apparaat waarop de app is geïnstalleerd en de gebruiker zich heeft aangemeld voor het ontvangen van pushmeldingen.

    Als een ingeplande tekstmelding nog niet is verzonden, kunt op Annuleren klikken om de tekstmelding te annuleren.

De geschiedenis van tekstmeldingen weergeven

De sectie Meldingen van de portal bevat de geschiedenis van de meldingen. Als u de geschiedenis wilt weergeven, hebt u een Adobe ID met de machtiging Geschiedenis van meldingen weergeven nodig.

HTTP 417-statusbericht

Als u bij het verzenden van een pushmelding een HTTP 417-statusbericht ontvangt, betekent dit dat er geen SSL-verbinding met Apple APNS tot stand kan worden gebracht met het certificaat van de pushmelding. Controleer of het certificaat van de pushmelding geldig en niet verlopen is.

Pushmeldingen verzenden voor Enterprise-apps

Wanneer u een Enterprise-app maakt voor interne distributie, moet u deze ondertekenen met een Enterprise-certificaat en een inrichtingsprofiel. Deze Enterprise-certificaten kunnen worden gebruikt om elke interne app te ondertekenen en bevatten geen specifieke bundel-id.

Als u pushcertificaten wilt verzenden voor Enterprise-apps die intern zijn gedistribueerd, moet u de beheerder die de Enterprise-certificaten maakt, vragen om certificaten voor pushmeldingen te maken voor uw specifieke app. Deze pushcertificaten moeten dezelfde bundel-id hebben die is opgegeven in de sectie Apps van de Portal. U kunt vervolgens deze certificaten uploaden naar de sectie Meldingen van de Portal en pushmeldingen verzenden naar de Enterprise-app.

Pushmeldingen verzenden (Android)

Voer het verzenden van pushmeldingen naar gebruikers van Android-apps zijn vier stappen vereist:

  1. Gebruik de Google Developer Console om uw app te configureren voor Google Cloud Messaging.
  2. Ontwikkel de Android-app met ingeschakelde pushmeldingen.
  3. Geef de certificaatinstellingen op in de sectie Meldingen van de Portal.
  4. Verzend de tekstmelding.

Android-pushmeldingen (video)

Android-pushmeldingen (video)
Bekijk deze video voor installatie-instructies voor Android-pushmeldingen.

De app configureren voor Google Cloud Messaging (Android)

Als u meldingen naar uw AEM Mobile-app wilt verzenden, moet u de app configureren met behulp van de Google Developer Console, sleutelinformatie ophalen en een .json-bestand downloaden. Vervolgens kunt de sleutelinformatie opgeven in de sectie Meldingen van de Portal en het .json-bestand uploaden wanneer u uw Android-app ontwikkelt. Hiermee wordt de AEM Mobile-app gekoppeld met Google Cloud Messaging.

Het is belangrijk dat u dezelfde bundel-id gebruikt voor de Android-app en de configuratie van Google Cloud Messaging.

Opmerking:

Google brengt af en toe wijzigingen aan in de interface van Developer Console. Breng de benodigde wijzigingen aan als deze stappen verouderd zijn.

  1. Ga naar de Google Developer Console (https://developers.google.com/mobile/add?platform=android) en meld u aan met uw Google Developer-referenties.

  2. Maak een nieuwe app of kies een bestaande app.

  3. Geef de naam van het Android-pakket op. Gebruik dezelfde pakketnaam die u voor bundel-id gebruikt (meestal in de indeling com.bedrijf.appnaam) wanneer u de Android-app maakt in de on-demandservices.

  4. Klik op Choose and Configure Services.

  5. Selecteer Cloud Messaging en klik vervolgens op Enable Google Cloud Messaging.

  6. Klik op Generate configuration files.

  7. Kopieer de waarden voor Server API Key en Sender ID. Sla deze informatie op een veilige plaats op. U hebt deze informatie nodig als u referenties opgeeft in de sectie Meldingen van de Portal. (Gebruik voor “Project Number” de waarde “Sender ID”.)

  8. Klik op de optie voor het downloaden van het google-services.json-bestand en sla het bestand op een veilige plaats op. U moet dit .json-bestand aan het .apk-bestand van de Android-app toevoegen wanneer u de Android-app ontwikkelt.

Een Android-app ontwikkelen

Wanneer u de Android-app ontwikkelt, moet u pushmeldingen inschakelen en het JSON-bestand uploaden dat u hebt gedownload van Google Developer Console.

  1. Gebruik de sectie Apps section van Portal om een Android-app te ontwikkelen of te bewerken.

  2. Controleer of u de bundel-id gebruikt die u hebt opgegeven tijdens het configureren van de app in Google Developer Console.

  3. Selecteer Pushmeldingen inschakelen.

  4. Klik op Uploaden en geef vervolgens JSON-bestand op dat u hebt gedownload van Google Developer Console.

  5. Ontwikkel, onderteken en laad of distribueer uw Android-app.

Certificaatinformatie opgeven in de Portal (Android)

Nadat u met Google Developer Console de app hebt geconfigureerd voor Google Cloud Messaging, geeft u de waarden voor Server API Key en Sender ID (Project Number) op in de sectie Meldingen van de on-demandportal.

  1. Gebruik een Adobe ID met de machtiging Pushcertificaten beheren om u aan te melden bij de portal (https://aemmobile.adobe.com).

  2. Klik op Meldingen.

  3. Selecteer bij Meldingen het project (als er meerdere projecten beschikbaar zijn) en klik op Pushreferenties. Klik vervolgens op de tab Android.

     

  4. Selecteer de Android-app die u hebt gemaakt en klik op Referenties toevoegen.

  5. Geef de waarden op voor Server API Key en Project Number (de zogeheten Sender ID in Google Developer Console).  

    Haal de sleutel voor de server-API op uit de waarde Server API Key in de Google Developers Portal, en niet uit het bestand google-services.json.

    Als u Google Cloud met Firebase Server integreert en u aanmeldt bij de Firebase Console, kunt u deze waarde uit de waarde Legacy Server Key in Firebase Console ophalen (Settings > Cloud Messaging). De waarde van Legacy Server Key is gelijk aan de waarde van Server API Key op de Google Developers Portal.

Tekstmeldingen verzenden (Android)

Wanneer u tekstmeldingen naar gebruikers van uw Android-app verzendt, kunt u de methode en leveringsopties opgeven. U kunt het bericht bijvoorbeeld alleen naar telefoongebruikers verzenden en u kunt leveringstijd inplannen. Op dit moment worden acties zoals koppelingen naar een specifiek collectie niet ondersteund in Android-apps.

U kunt berichten in de app gebruiken in plaats van pushmeldingen als u vanuit de app berichten naar gebruikers wilt verzenden. Berichten in de app is een premiumproduct. Zie Berichten in de app voor meer informatie.

  1. Gebruik een Adobe ID met de machtiging Tekstmeldingen verzenden om u aan te melden bij de portal (https://aemmobile.adobe.com).

  2. Klik op Meldingen en op Android.

  3. Klik op Maken > Tekstmelding.

  4. Geef op het tabblad Details de volgende gegevens op:

    App-id van doel. Hier geeft u de app-id op. De app-id die u opgeeft, moet overeenkomen met de bundel-id die u hebt gebruikt bij het configureren van uw app in Google Developer Console.

    Bericht voor tekstmelding. Typ het tekstbericht dat u naar gebruikers wilt verzenden.

  5. Klik op Leveringsopties en geef de volgende gegevens op:

    Doelgroep voor melding

    Geef hier het doel van de tekstmelding op. U kunt bijvoorbeeld Telefoon selecteren om de melding alleen naar klanten te verzenden die uw app hebben gedownload naar hun telefoon. U kunt ook meldingen naar gebruikers verzenden die de app al meer dan 30 dagen niet hebben gebruikt.

    Leveringstijd

    Hier geeft u aan of u de pushmelding meteen wilt verzenden of dat de melding moet worden verzonden op de datum en tijd die u opgeeft.

  6. Klik op Maken om de tekstmelding te verzenden of in te plannen.

    Tekstmeldingen worden weergegeven op elk Android-apparaat waarop de app is geïnstalleerd en de gebruiker zich heeft aangemeld voor het ontvangen van pushmeldingen.

    Als een ingeplande tekstmelding nog niet is verzonden, kunt op Annuleren klikken om de tekstmelding te annuleren.

Opmerking:

Controleer de meldingsdetails nadat u de pushmelding hebt verzonden om er zeker van te zijn dat het aantal doelapparaten groter dan nul is. Als het aantal verzonden meldingen 0 is, hebt u waarschijnlijk een onjuiste Google Cloud Marketing API-sleutel gebruikt. Zorg dat u de sleutel ophaalt uit de Google-console en niet uit het bestand google-services.json, zoals eerder beschreven.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid