Leer hoe u verschillende typen verlopen maakt in Illustrator.
Een verloop is een geleidelijke overvloeiing van twee of meer kleuren of van twee tinten van dezelfde kleur. U kunt verlopen gebruiken om kleurovervloeiingen te maken, om volume toe te voegen aan vectorobjecten en om een licht- en schaduweffect toe te voegen aan uw illustratie. In Illustrator kunt u verlopen maken, toepassen en wijzigen met het deelvenster Verloop, de tool Verloop of het regelpaneel.
In Illustrator kunt u de volgende drie typen verloop maken:
Opmerking: Een kleurstop is een punt op de verloopannotator (lineair en radiaal) of op het object (vrije vorm) die de kleur van het verloop bepaalt. U kunt de kleur van de kleurstop wijzigen om een verloop in te stellen
A. Lineair verloop B. Radiaal verloop C. Vrije-vormverloop (punten)
Lineaire en radiale verlopen kunnen worden toegepast op de vulling en de lijn van een object. Een vrije-vormverloop kan alleen worden toegepast op de vulling van een object.
U kunt een verloop maken of wijzigen met het deelvenster Verloop of de tool Verloop. Gebruik de tool Verloop als u verlopen rechtstreeks in de illustratie wilt maken of aanpassen en de aanpassingen in real-time wilt bekijken.
Klik op de tool Verloop in de toolset om deze tool te openen.
Ga op een van de volgende manieren te werk om het deelvenster Verloop te openen:
Het deelvenster Verloop wordt weergegeven op het canvas.
A. Actief of eerder gebruikt verloop B. Keuzelijst voor bestaande verlopen C. Vulkleur D. Lijnkleur E. Verloop omkeren F. Verloopannotator G. Kleurstop H. Middelste punt I. Kleurkiezer J. Opties tonen of verbergen K. Typen verloop L. Lijntypen M. Hoek N. Verhouding O. Stop verwijderen P. Dekking Q. Locatie R. Vulling of lijn (met kleur) S. Kleurstap T. Spread U. Vrije-vormverloop V. Vrije-vormverloop (modi)
De tool Verloop en het deelvenster Verloop hebben vele opties gemeen. Er zijn echter enkele taken die u alleen kunt uitvoeren met de tool of met het deelvenster. Met de tool en het deelvenster Verloop kunt u meerdere kleurstops en de locatie en spreiding van deze stops opgeven. U kunt ook de hoek waaronder de kleuren worden weergegeven, de verhouding van een elliptisch verloop en de dekking van elke kleur opgeven.
U kunt de functie voor het tekenen en bewerken van real-time inschakelen om de actieve weergave van objecten te verbeteren wanneer u ermee werkt. U schakelt deze functie als volgt in:
[Windows] Kies Bewerken > Voorkeuren > Prestaties > Realtime tekenen en bewerken.
[macOS] Kies Illustrator > Voorkeuren > Prestaties > Realtime tekenen en bewerken.
Als u voor lineaire en radiale verlopen op de tool Verloop op de werkbalk klikt, verschijnt een verloopannotator in het object. De verloopannotator is een schuifregelaar waarop een beginpunt, een eindpunt, een middelpunt en twee kleurstops voor het begin- en eindpunt worden weergegeven.
A. Verloopannotator B. Gestippelde ring C. Punt voor aanpassen van de verhouding D. Rotatiecursor E. Punt voor vergroten/verkleinen radiaal verloop F. Eindpunt (pijlpunt) G. Kleurstop H. Middelste punt I. Geselecteerde kleurstop J. Oorsprong
U kunt de verloopannotator gebruiken om de hoek, locatie en spreiding van een lineair verloop of het brandpunt, de oorsprong en de spreiding van een radiaal verloop aan te passen. Zodra de verloopannotator in het object verschijnt, kunt u het deelvenster Verloop of de verloopannotator gebruiken om nieuwe kleurstops toe te voegen, nieuwe kleuren op te geven voor afzonderlijke kleurstops, de dekking te veranderen en kleurstops naar nieuwe locaties te slepen.
Als u de verloopannotator wilt verbergen of weergeven, kiest u Weergave > Verloopannotator verbergen of Weergave > Verloopannotator tonen.
Als u in lineaire en radiale verloopannotators het cirkelvormige uiteinde (beginpunt) van de schuifregelaar Verloop sleept, wijzigt u de oorsprong van het verloop, en als u het pijluiteinde (eindpunt) sleept, vergroot of verkleint u het bereik van het verloop. Wanneer u de aanwijzer op het eindpunt plaatst, verschijnt een rotatiecursor waarmee u de hoek van het verloop kunt wijzigen.
Opmerking: Met een vrije-vormverloop kunt u overal in het object kleurstops plaatsen. Daarom is de verloopannotator niet nodig voor een vrije-vormverloop.
Als u voor de eerste keer met de tool Verloop klikt om een verloop toe te passen, wordt standaard het wit-zwarte verloop toegepast. Als u al eerder een verloop hebt toegepast, wordt standaard het laatst gebruikte verloop toegepast op het object.
Illustrator verschaft ook een aantal vooraf gedefinieerde verlopen die u kunt instellen via het deelvenster Verloop of Stalen. Bovendien kunt u een verloop maken en opslaan in het deelvenster Stalen voor toekomstig gebruik. Een vooraf gedefinieerd of opgeslagen verloop toepassen via het deelvenster Verloop:
Een vooraf gedefinieerd verloop toepassen vanuit de staalbibliotheek:
Al naar gelang uw wensen, kunt u een lineair verloop, een radiaal verloop of een vrije-vormverloop toepassen op uw illustratie.
Voer een van de volgende handelingen uit om een lineair verloop te maken:
Voer een van de volgende handelingen uit om een radiaal verloop te maken of toe te passen:
Voer een van de volgende handelingen uit om een vrije-vormverloop te maken of toe te passen:
Als u op Vrije-vormverloop hebt geklikt, kunt u de volgende twee opties kiezen:
Gebruik de tool Kleurkiezer in de werkbalk als u een vrije-vormverloop naar een ander object wilt kopiëren.
Voer de volgende handelingen uit om een vrije-vormverloop voor de puntmodus te maken, wijzigen en verwijderen:
U kunt de spreiding van een kleurstop in een vrije-vormverloop met punten instellen. Met spreiding wordt het cirkelvormige gebied rondom de kleurstop bedoeld waarin een verloop moet worden toegepast. U stelt de spreiding van een kleurstop in door de kleurstop te selecteren en een van de volgende handelingen uit te voeren:
Standaard is de spreiding van kleurstops 0%.
Spreiden wordt alleen ondersteund in de puntmodus.
Ga als volgt te werk om kleurstops toe te voegen voor een vrije-vormverloop in de lijnmodus:
U kunt meerdere afzonderlijke lijnsegmenten maken in een object. Een nieuw lijnsegment maken:
Opmerking: U kunt de lijnsegmenten desgewenst ook slepen en samenvoegen.
De geselecteerde kleurstops verwijderen:
De positie van kleurstops wijzigen:
Als u een verloop toepast, wordt de standaardfunctionaliteit toegepast op het geselecteerde object. Als u deze functie wilt uitschakelen, schakelt u de optie Standaardinstellingen voor behoud van inhoud inschakelen in het menu Bewerken > Voorkeuren > Algemeen (Windows) of Illustrator > Voorkeuren > Algemeen (Mac OS) in. Deze optie is uitgeschakeld voor de 32-bits versie van Windows.
U kunt de kleur, oorsprong, dekking, locatie en hoek van een verloop wijzigen met de tool Verloop, in het regelpaneel of in het deelvenster Verloop of Eigenschappen.
Als u rechtstreeks in het deelvenster Verloop de bewerkingsmodus voor verlopen wilt activeren, selecteert u het object en klikt u op de knop Verloop bewerken. U kunt nu de opties bewerken, zoals kleurstops, kleur, hoek, dekking, locatie, verhouding enz.
A. Tinten van dezelfde kleur B. Twee verschillende kleuren C. Gewijzigde hoek D. Annotator waarvan het formaat is aangepast E. Gewijzigde locatie
A. Twee verschillende kleuren B. Gewijzigde oorsprong binnen de gestippelde ring C. Gewijzigde locatie van de verloopannotator D. Gewijzigde verhouding E. Gewijzigde locatie middelpunt
Nadat u een verloop hebt toegepast, kunt u verschillende kleurstops toevoegen aan de verloopannotator.
Kleurstops toevoegen:
Er wordt een kleurstop toegevoegd op het punt waar u klikt.
U verwijdert een kleurstop door de kleurstop te selecteren en een van de volgende handelingen uit te voeren:
U kunt meerdere kleurstops selecteren door Shift ingedrukt te houden en op de kleurstops te klikken.
Druk op de toets Escape om alle geselecteerde kleurstops te wissen.
Opmerking: Wanneer u een kleurstop selecteert voor een verloop, verschijnen de opties voor het aanpassen van kleurstops in het regelpaneel en in de werkbalk. Bovendien worden de kleuropties weergegeven op het tabblad Kleur rechts in het scherm.
U wijzigt de kleur van een kleurstop door op een van de volgende manieren te werk te gaan:
A. Kleurstop B. Spread C. Dekking D. Kleur E. Stalen F. Kleurkiezer G. Kleuren in stalen
Het beginpunt van de verloopannotator wordt de oorsprong genoemd.
Opmerking: U kunt het formaat van de verloopannotator niet aanpassen met het beginpunt (de oorsprong).
De locatie van kleurstops en hun middelpunten wijzigen:
Door het middelpunt te wijzigen, kunt u de kleurverdeling tussen de twee kleurstops aanpassen.
De hoek van het verloop wijzigen:
U wijzigt de dekking van een kleurstop door op een kleurstop te klikken en een van de volgende handelingen uit te voeren:
Als een kleurstop een lagere waarde dan 100% heeft voor Dekking, verschijnt de kleur in geblokte vorm in de verloopannotator.
Als u de kleuren in het verloop wilt omkeren, klikt u op Verloop omkeren in het deelvenster Verloop.
Ga als volgt te werk als u een nieuw of gewijzigd verloop wilt opslaan als een staal in het huidige bestand:
Sla de verlopen op in de Creative Cloud-bibliotheek om ze in de toekomst weer te kunnen gebruiken.
Als u een verloop wilt toepassen op de lijn van het object, selecteert u het object en voert u de volgende handelingen uit:
Ga als volgt te werk om een lineair of een radiaal verloop toe te passen op meerdere objecten:
Voer een van de volgende handelingen uit met de tool Verloop:
Opmerking:
Gebruik een netobject als u een enkelvoudig object met meerdere kleuren wilt maken waarop kleuren in verschillende richtingen kunnen verlopen. Zie Netten voor meer informatie.
Aanmelden bij je account