Tekstlabels worden gebruikt bij het aanmaken van een document. Wanneer documenten met labels worden geüpload, genereren deze labels velden.

De eigenschappen van deze velden, zoals functies, validaties en berekeningen, worden ingesteld in het label.

Regels

Er moeten bepaalde regels gevolgd worden bij het gebruik van Tekstlabels. Zolang u deze regels volgt, genereren uw labels alle velden zoals verwacht.

Lettertypen

U kunt alleen bepaalde lettertypen gebruiken om Labels te maken. Het Adobe Sign-systeem accepteert alleen probleemloos Arial-, Helvetica- en Times New Roman-lettertypen (de eerste drie hieronder vermelde lettertypen). Als Adobe Sign aangepaste lettertypen niet accepteert, worden er geen velden gegenereerd.

Over het algemeen is Arial de beste optie.

Spaties

Er zijn twee regels voor spaties bij het gebruik van Tekstlabels.

Ten eerste kan een Tekstlabel geen spaties bevatten, tenzij ze vóór het label en na de openingsaccolades geplaatst worden of na het label en voor de sluitingsaccolades.

Ten tweede, kunnen de tekstlabels geen regel afbreken. Als het label van de ene regel naar de volgende doorloopt, herkent Adobe Sign het label niet en wordt er geen veld gegenereerd.

Als het label dat u maakt te lang is om op één regel te passen, gebruik dan Text Tag Shortening.

Labels maken

Hieronder volgt hoe u een label maakt, van begin tot einde. Er wordt een definitie en een uitleg verschaft voor de toegevoegde definities en argumenten.

Accolades

Alle Tekstlabels zijn opgenomen tussen twee openings- en twee sluitingsaccolades, zoals hieronder wordt weergegeven. Behandel hen als de container voor het label zelf. Door accolades te openen en te sluiten, kan een basisveld zonder eigenschappen worden gemaakt.

Door spaties toe te voegen tussen de accolades wordt het veld breder en past er meer informatie van de ondertekenaar in.

De tekengrootte van de accolades bepaalt de hoogte van het veld. Het bepaalt ook de tekengrootte van de gegevens die worden ingevoerd om er net in te passen. Het eerste van de twee onderstaande velden is kleiner vanwege de tekengrootte. Het tweede veld is groter en langer en de ingevoerde gegevens worden in een grotere tekengrootte weergeven.

Veldnaam

Het benoemen van de velden die u maakt is belangrijk. Door elk veld te benoemen, kunt u het automatisch invullen van velden gebruiken of voorkomen. Met deze functie kunt u informatie kopiëren van één veld naar het volgende. Het automatisch invullen van velden werkt zowel binnen één document als in meerdere documenten.

Opmerking:

Het automatisch invullen van velden tussen documenten onderling kan worden uitgeschakeld door contact op te nemen met support@echosign.com

Identiek benoemde velden herhalen de gegevens van één veld in alle andere velden met dezelfde naam. Beide velden hieronder zouden dezelfde informatie bevatten als de informatie die in een van beide is ingevoerd.

Opmerking:

Het gebruik van het automatisch invullen van velden kan de ondertekeningsprocedure voor uw ontvangers vereenvoudigen. Zo hoeft de ondertekenaar zijn adres slechts eenmaal in te voeren en kan het in andere velden in het document automatisch worden ingevuld.

Het geven van unieke veldnamen zorgt ervoor dat de informatie niet gekopieerd wordt van het ene veld naar het andere.

Adobe Sign-identificatiecode

De Adobe Sign-identificatiecode zorgt ervoor dat ons systeem de naam en de eigenschappen van het veld zoekt. Zonder deze code weet het Adobe Sign-systeem niet hoe het verschillende delen van het label moet lezen en interpreteren.

Functies

De functies zijn het belangrijkste deel van een Tekstlabel. De functies bepalen aan welke ondertekenaar de velden worden toegewezen. Wanneer u een document met Tekstlabels maakt, stelt u niet in wie specifiek met het document interactie aangaat, maar eerder wie de ondertekenaar is.

Ondertekenaar

De ondertekenaars worden bepaald door de volgorde waarin de e-mailadressen worden ingevoerd in het veld "Aan:" op de Verzendpagina. Deze verschillende numerieke ondertekenaarfuncties moeten voor alle ondertekenaars worden gebruikt, met inbegrip van zichzelf als afzender (afhankelijk van wanneer u ondertekent: als eerste of als laatste).

Met dit in het achterhoofd kunnen de functies in het document ingesteld worden, als u inzicht hebt in hoe u uw documenten zult verzenden en wie hen zal krijgen in welke volgorde.

Voorafgaand invullen

De functie Voorafgaand invullen wordt gebruikt voor velden die u moet invullen alvorens het document te versturen. Hier krijgt u de mogelijkheid om ondertekenaar-specifieke informatie in te voeren voordat het document naar deze ondertekenaar wordt verzonden.

Opmerking:

De optie Zie voorbeeld/zet handtekening/voeg formuliervelden toe moet zijn aangevinkt om de fase Voorafgaand invullen te bereiken.

Validaties

Validaties worden gebruikt om Adobe Sign-specifieke velden te maken of om te vereisen dat gegevens in een specifieke notatie worden ingevoerd. Deze worden gebruikt om ervoor te zorgen dat u de bedoelde informatie van uw ondertekenaars krijgt. Ze worden ook gebruikt om de Adobe Sign-velden in een omgeving voor slepen en neerzetten te kunnen vinden.

Voor ons voorbeeldlabel :phone vereist dat de ondertekenaar zijn telefoonnummer in het (XXX) XXX-XXXX-formaat of als een tekenreeks van tien cijfers invoert.

Er zijn veel verschillende validaties die met Tekstlabels kunnen worden gebruikt. Aanvullende informatie over Validaties.

Voorwaarden

Door de voorwaarden voor een veld in te stellen kunt u de zichtbaarheid wijzigen op basis van de status van een ander veld. Dit kan dynamisch wijzigende documenten bieden, afhankelijk van de informatie die door de ondertekenaar wordt aangebracht.

In het onderstaande voorbeeld ziet de ondertekenaar ons telefoonnummer als het vak boven het vakje aangevinkt is. In dit geval is het als vragen naar een alternatief telefoonnummer.

Als het vakje niet is aangevinkt, zijn er geen velden waarmee de ondertekenaar kan werken. Wanneer de ondertekenaar het vak aanvinkt, verschijnt het telefoonveld en kan de ondertekenaar zijn/haar alternatief telefoonnummer invoeren.

Aanvullende informatie over Voorwaarden.

Standaardwaarde

Een standaardwaarde voor een tekstveld kan met het label worden gespecificeerd. Dit is tekst die in het veld wordt weergegeven voordat de ondertekenaar ermee werkt. De standaardtekst kan als richtlijn dienen voor de ondertekenaar zodat hij/zij weet welke informatie moet worden ingevoerd.

Wanneer de ondertekenaar het document opent, ziet hij/zij de tekst in het veld en kan hij/zij deze overschrijven om de informatie in te voeren.

Opmerking:

Als de ondertekenaar de gegevens in het veld niet vervangt, kan het document met de ongewijzigde standaardtekst worden voltooid. Hierdoor wordt ook een vereist veld ingevuld, zodat de ondertekenaar de standaardtekst kan laten staan.

Knopinfo

Knopinfo is vergelijkbaar met de standaardtekst: het kan ervoor zorgen dat de ondertekenaar weet welke informatie u eigenlijk nodig hebt, als het niet zichtbaar is in het formulier zelf.

Het verschil is dat knopinfo weergegeven wordt wanneer de ondertekenaar zijn/haar muisaanwijzer boven het veld beweegt.

Wanneer de ondertekenaar zijn/haar cursor over dit veld beweegt, wordt de knopinfo weergegeven die u in de label hebt ingesteld.

Veld maskeren

Voor velden die gevoelige informatie zoals creditcard- of rekeningnummers verzamelen, raden we aan de maskereigenschap te gebruiken.

Hiermee worden alle gegevens in het veld vervangen door sterretjes.

Wanneer de ondertekenaar de informatie invult, blijft de inhoud nog steeds zichtbaar om de kans op fouten te beperken.

Wanneer de ondertekenaar uit het veld klikt, wordt de informatie vervangen. Deze sterretjes zijn ook zichtbaar in het voltooide document.

Opmerking:

Om de gemaskeerde gegevens op te halen, moet de afzender van het document de formuliergegevens exporteren uit de Beheerpagina of uit een Rapport.

Andere objecten

Naast tekstvelden kunt u andere objecten maken met tekstlabels. Alle velden die beschikbaar zijn via slepen en neerzetten kunnen aan de hand van tekstlabels worden gemaakt.

Selectievakje

Selectievakjes worden gebruikt in situaties zoals "vink alles wat van toepassing is aan". U kunt selectievakjes maken die standaard de eigenschap Standaard, Vereist of Ingeschakeld hebben.

Opmerking:

Selectievakjes kunnen de functie voor het automatisch invullen van velden gebruiken. Zorg er dan ook voor dat elk selectievakje een unieke naam heeft.

Keuzerondjes

De keuzerondjes moeten worden gebruikt voor situaties met "slechts één keuze". De keuzerondjes moeten ten minste twee opties bieden en worden gegroepeerd onder dezelfde naam. De werkelijke optie is ingesteld in het haakje na ":radio".

Keuzemenu's

De keuzemenu's bieden een lijst met opties waaruit de ondertekenaar kiest. In dit keuzemenu kan hij/zij slechts één optie kiezen.

Bijlagevelden

Opmerking:

De bijlagevelden zijn alleen beschikbaar voor het Enterprise- en Global-serviceniveau.

De bijlagevelden bieden de ondertekenaar de mogelijkheid een bestand aan de transactie toe te voegen. Dit bestand wordt aan het einde van het voltooide document toegevoegd. De ":label"-eigenschap van het label biedt u de mogelijkheid informatieve tekst in het veld, zoals standaardtekst, in te voeren.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid