De opdracht Afbeeldingsgrootte in Photoshop CC omvat nu een methode voor het behouden van details en biedt een scherper beeld als de afbeelding wordt vergroot.

Afbeelding vergroten/verkleinen in Photoshop
Oorspronkelijke, niet-uitgesneden afbeelding (links); scherpe afbeelding waarvan het formaat is gewijzigd (rechts)

Bovendien is het dialoogvenster Afbeeldingsgrootte van Photoshop CC aangepast voor meer gebruiksgemak:

  • In een venster ziet u een voorvertoning van de parameters voor het wijzigen van de grootte.
  • Als u de grootte van het dialoogvenster wijzigt, wordt de grootte van het voorvertoningsvenster ook gewijzigd.
  • De optie Schaalstijlen wordt in- en uitgeschakeld in het tandwielmenu rechts boven in het dialoogvenster.
  • In het pop-upmenu Afmetingen kiest u verschillende maateenheden om de afmetingen van de einduitvoer weer te geven.
  • Klik op het koppelingspictogram om de optie Verhoudingen behouden in of uit te schakelen.

Video | Afbeeldingen vergroten/verkleinen in Photoshop

Video | Afbeeldingen vergroten/verkleinen in Photoshop
Pete Collins legt uit in welke opzichten het vergroten en verkleinen van afbeeldingen is verbeterd in Photoshop CC...
Pete Collins

Afbeeldingen vergroten/verkleinen

Afbeelding vergroten/verkleinen in Photoshop
Afbeeldingen vergroten/verkleinen

  1. Kies Afbeelding > Afbeeldingsgrootte.

  2. Voer een van de volgende handelingen uit om de voorvertoning te wijzigen:

    • Als u de grootte van het voorvertoningsvenster wilt wijzigen, sleept u een hoek van het dialoogvenster Afbeeldingsgrootte om het venster te vergroten of verkleinen.
    • Als u een ander gedeelte van de afbeelding wilt weergeven, sleept u in de voorvertoning.
    • Als u de vergroting van de voorvertoning wilt wijzigen, houdt u Ctrl (Windows) of Command (Mac OS) ingedrukt en klikt u in de voorvertoning om de zoomfactor te verhogen. Houd Alt (Windows) of Option (Mac OS) ingedrukt en klik om de zoomfactor te verlagen. Na het klikken wordt het vergrotingspercentage kort onder aan de voorvertoning weergegeven.
  3. Als u de maateenheid voor de pixelafmeting wilt wijzigen, klikt u op het driehoekje naast Afmetingen en kiest u een optie in het menu.

  4. Als u de oorspronkelijke verhouding tussen de breedte en de hoogte wilt behouden, moet u ervoor zorgen dat Verhoudingen behouden is ingeschakeld. Als u de breedte en hoogte onafhankelijk van elkaar wilt schalen, klikt u op het pictogram Verhoudingen behouden om de breedte en hoogte van elkaar los te koppelen.

    Opmerking:

    U kunt de maateenheid voor de breedte en hoogte wijzigen door opties te kiezen in de menu's rechts van de tekstvakken Breedte en Hoogte.

  5. Ga als volgt te werk:

    • Als u de afbeeldingsgrootte of de resolutie wilt wijzigen en het totale aantal pixels proportioneel wilt aanpassen, moet u ervoor zorgen dat Nieuwe pixels berekenen is geselecteerd. Kies desgewenst een interpolatiemethode in het menu Nieuwe pixels berekenen.
    • Als u de afbeeldingsgrootte of de resolutie wilt wijzigen zonder het totale aantal pixels in de afbeelding aan te passen, schakelt u de optie Nieuwe pixels berekenen uit.
  6. (Optioneel) Ga als volgt te werk in het menu Aanpassen aan:

    • Kies een voorinstelling om de grootte van de afbeelding aan te passen. 
    • Kies Automatische resolutie om het formaat van de afbeelding aan te passen voor een specifieke afgedrukte uitvoer. In het dialoogvenster Automatische resolutie geeft u de waarde Raster op en selecteert u een Kwaliteit. U kunt de maateenheid wijzigen door een optie te kiezen in het menu rechts van het tekstvak Raster.
  7. Voer waarden in voor Breedte en Hoogte. Als u waarden in een andere maateenheid wilt invoeren, kiest u opties in de menu's naast de tekstvakken Breedte en Hoogte.

    De nieuwe bestandsgrootte voor de afbeelding verschijnt boven in het dialoogvenster Afbeeldingsgrootte, met de oude bestandsgrootte tussen haakjes.

  8. Als u de Resolutie wilt wijzigen, typt u een nieuwe waarde. (Optioneel) U kunt ook een andere maateenheid kiezen.

  9. Als de afbeelding lagen bevat waarop stijlen zijn toegepast, selecteert u Stijlen schalen in het tandwielpictogram om de effecten in de afbeelding te schalen wanneer de grootte van de afbeelding is gewijzigd. Deze optie is alleen beschikbaar als u Verhoudingen behouden hebt geselecteerd.

  10. Als u de gewenste opties hebt ingesteld, klikt u op OK.

Opmerking:

Als u de beginwaarden van het dialoogvenster Afbeeldingsgrootte wilt herstellen, kiest u Oorspronkelijke grootte in het menu Aanpassen aan of houdt u Alt (Windows) of Option (Mac OS) ingedrukt en klikt u op Herstellen.

Opties voor het berekenen van nieuwe pixels | Photoshop CC

Automatisch

De methode voor het opnieuw berekenen van de pixels wordt gekozen op basis van het documenttype en of de schaal van het document wordt vergroot of verkleind.

Details handhaven (vergroting)

Wanneer deze methode wordt gekozen, verschijnt een schuifregelaar Ruisreductie waarmee u ruis kunt gladstrijken die ontstaat als u de schaal van de afbeelding vergroot.

Bicubisch vloeiender (vergroting)

Een geschikte methode voor het vergroten van afbeeldingen op basis van Bicubische interpolatie, maar ontworpen voor het produceren van vloeiender resultaten.

Bicubisch scherper (reductie)

Een geschikte methode voor het verkleinen van de afbeeldingsgrootte op basis van Bicubische interpolatie met verbeterd verscherpen. Met deze methode blijven de details behouden wanneer u het aantal pixels wijzigt. Als Bicubisch scherper sommige gebieden van een afbeelding te scherp maakt, probeert u Bicubisch.

Bicubisch (vloeiendere verlopen)

Een langzamere maar meer precieze methode op basis van een onderzoek van de waarden van de omliggende pixels. Bicubisch maakt gebruik van complexere berekeningen en levert vloeiender toongradaties op dan Naaste buur of Bilineair.

Naaste buur (harde randen)

Een snelle, maar minder precieze methode waarbij de pixels in een afbeelding worden gedupliceerd. Bij deze methode blijven harde randen behouden en ontstaat een kleiner bestand in illustraties met randen waarop geen anti-aliasing is toegepast. Het nadeel van deze methode is dat oneffen effecten kunnen ontstaan, die zichtbaar worden wanneer een afbeelding wordt vervormd of geschaald of wanneer verschillende bewerkingen worden uitgevoerd op een selectie.

Bilineair

Een methode waarbij pixels worden toegevoegd door het gemiddelde te nemen van de kleurwaarden van de omliggende pixels. Dit levert resultaten van gemiddelde kwaliteit op.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid