Selecteer een laag of een gebied in de afbeelding die u wilt verdraaien.
Met de opdracht Verdraaien kunt u controlepunten slepen voor het bewerken van de vorm van afbeeldingen, vormen of paden en dergelijke. U kunt ook verdraaien met een vorm in het pop-upmenu Verdraaien op de optiebalk. U kunt de vormen in het pop-upmenu Verdraaien ook aanpassen door de controlepunten te verslepen.
Bijgewerkt in Photoshop 22.5 (versie van augustus 2021)
Selecteer een laag of een gebied in de afbeelding die u wilt verdraaien.
Ga als volgt te werk na het maken van een selectie:
Kies Bewerken > Transformatie > Verdraaien of
Druk op Control+T (Windows) of Command+T (Mac), klik vervolgens op de knop Overschakelen tussen de modi voor vrije transformatie en verdraaien
op de optiebalk.
Klik op het tandwielpictogram in de optiebalk om extra opties voor visuele hulplijnen te zien. In Photoshop 22.4.1 (versie van mei 2021) zijn de visuele hulplijnen beter dan ooit tevoren dankzij extra opties.
U kunt nu de weergave van hulplijnen voor verdraaien instellen en kiezen wanneer de visuele hulplijnen moeten worden weergegeven: Hulplijnen automatisch weergeven, Hulplijnen altijd weergeven en Hulplijnen nooit weergeven. Standaard staat het raster ingesteld op Hulplijnen altijd weergeven.
U kunt ook de kleur en dekking van de visuele hulplijnen wijzigen, evenals het aantal hulplijnen. Met de optie Dichtheid stelt u het aantal lijnen in dat tussen de lijnen voor Verdraaiing splitsen wordt weergegeven. De Dichtheid staat standaard ingesteld op 2.
Als u de controlepunten gebruikt voor het vervormen van een beeldelement, kunt u ook Weergave > Extra's kiezen om het verdraaiingsnet en de controlepunten weer te geven of te verbergen.
Als u uw selectie wilt verdraaien met een verdraaiingsvoorinstelling, kiest u een verdraaiingsstijl in het pop-upmenu Verdraaien op de optiebalk.
Als u een aangepast verdraaiingsnet wilt maken, kiest u een rastergrootte in het pop-upmenu Raster op de optiebalk.
Kies een optie om de verdraaiing te splitsen als u meer controlerasterlijnen aan het verdraaiingsnet wilt toevoegen.
Zie Verdraaiing splitsen voor meer informatie over de opties voor het splitsen van de verdraaiing.
Druk op Enter (Windows) of op Return (macOS), of klik op de knop Vastleggen
op de optiebalk.
Als u de transformatie wilt annuleren, drukt u op Esc of klikt u op de knop Annuleren
op de optiebalk.
Wanneer u een bitmapafbeelding verdraait (in plaats van een vorm of een pad), wordt deze bij elke keer dat u een transformatie toepast minder scherp. Het verdient daarom aanbeveling meerdere opdrachten uit te voeren voordat u de verzamelde transformatie toepast in plaats van elke transformatie afzonderlijk toe te passen.
Verpakkingsontwerpers, we hebben naar jullie geluisterd! In deze versie van Photoshop wordt cilindrische transformatie verdraaien geïntroduceerd, waardoor vlakke illustraties gebogen kunnen worden naar een rond, cilindrisch oppervlak. Bovendien krijgt u besturingselementen voor vergroten/verkleinen en perspectief aanpassen, zodat de gehele selectie er natuurlijk uitziet.
Volg de volgende stappen om te werken met de nieuwe functie voor cilindrische transformatie verdraaien:
Selecteer in de afbeelding een laag die of een gebied dat u wilt verdraaien.
Kies Bewerken > Transformeren > Verdraaien op de menubalk of druk op Command + T (Mac) of Ctrl + T (Windows).
Klik op de knop Modi vrije transformatie/verdraaien op de optiebalk.
Ga naar het vervolgkeuzemenu Verdraaien op de optiebalk en selecteer het pictogram onderaan: Cilinder.
Klik op en sleep de besturingselementen op het scherm om de vorm in te stellen en de verdraaiing aan te passen:
A. Hiermee past u de kromming aan de boven- en onderkant aan B. Hiermee stelt u de rechterbovenhoek in C. Hiermee past u het perspectief aan. Sleep naar het midden om meer afstand te suggereren, schuif naar rechts om nabijheid te suggereren D. Hiermee past u de onderste kromming aan, onafhankelijk van de bovenkant E. Hiermee stelt u de linkerbenedenhoek in
U kunt verdraaien van cilindrische transformatie ook toepassen op tekstlagen terwijl u uw creatieve documenten bewerkt.
In Photoshop-versie 22.5 van augustus 2021 kunt u nu de wijzigingstoets Control (Windows) of Command (Mac) gebruiken om snel tussen de opties voor verdraaiing splitsen te schakelen zonder terug te keren naar de menubalk.
U kunt de besturingsgrepen (ook wel Bézier-grepen genoemd) van de ankerpunten onafhankelijk verplaatsen wanneer u met een sneltoets een gesplitste verdraaiing als transformatie toepast.
Momenteel zijn er de volgende opties voor het verplaatsen van Bézier-grepen:
U kunt Alt (Win)/Option (Mac) gebruiken en op het punt klikken om de status van de Bézier-greep te wijzigen (onafhankelijke beweging versus gelijktijdig). U kunt ook op Ctrl en de rechtermuisknop klikken op een ankerpunt, en vervolgens in het contextmenu de optie Ankerpunt voor verdraaien omzetten kiezen.
U kunt ook meerdere ankerpunten selecteren (Shift + klikken) en vervolgens de beweging van alle punten tegelijk wijzigen.
Met Marionet verdraaien ontstaat een visueel net waarmee u specifieke afbeeldingsgebieden ingrijpend kunt vervormen, terwijl andere gebieden onveranderd blijven. U kunt afbeeldingen zo subtiel retoucheren (door bijvoorbeeld het haar van een persoon vorm te geven) of juist totaal transformeren (door bijvoorbeeld de positie van armen of benen te veranderen).
U kunt Marionet verdraaien niet alleen toepassen op afbeeldingslagen, maar ook op laag- en vectormaskers. Gebruik slimme objecten om afbeeldingen op niet-destructieve wijze te vervormen. Zie voor meer informatie Slimme objecten maken.
Selecteer in het deelvenster Lagen de laag die of het masker dat u wilt transformeren.
Kies Bewerken > Marionet verdraaien.
Pas de volgende netinstellingen aan in de optiebalk:
Modus
Hiermee bepaalt u de algemene elasticiteit van het net.
Kies Vervormen voor een bijzonder elastisch net dat geschikt is voor het verdraaien van panorama's of structuurafbeeldingen.
Dichtheid
Hiermee bepaalt u de tussenruimte tussen netpunten. Meer punten betekent hogere precisie, maar ook meer verwerkingstijd. Minder punten betekent juist lagere precisie en minder verwerkingstijd.
Uitbreiding
Hiermee breidt u de buitenrand van het net uit of krimpt u deze in.
Net tonen
Schakel deze optie uit als u alleen de aanpassingspunten wilt zien, zodat u een beter overzicht van uw transformaties krijgt.
Druk op H om aanpassingspunten tijdelijk te verbergen.
Klik in het afbeeldingsvenster om punten toe te voegen aan de gebieden die u wilt transformeren en aan gebieden die u wilt verankeren.
Voer een of meer van de volgende handelingen uit om de positie van punten te wijzigen of om punten te verwijderen:
Sleep punten om het net te verdraaien.
Klik op de puntdieptknoppen
of
in de optiebalk om een netgebied te tonen dat door een ander netgebied wordt overlapt.
Druk op Delete om geselecteerde punten te verwijderen. Als u andere individuele punten wilt verwijderen, plaatst u de cursor rechtstreeks boven de punten, houdt u Alt (Windows) of Option (Mac OS) ingedrukt en klikt u als het schaarpictogram
verschijnt.
Klik op de knop Alle punten verwijderen
in de optiebalk.
Als u meerdere punten wilt selecteren, houdt u Shift ingedrukt en klikt u op deze punten of u kiest Alles selecteren in het contextmenu.
Als u het net rond een punt wilt roteren, selecteert u het desbetreffende punt en voert u een van de volgende twee handelingen uit:
Als u het net een vast aantal graden wilt roteren, houdt u Alt (Windows) of Option (Mac OS) ingedrukt en plaatst u de cursor bij maar niet boven de punten. Wanneer een cirkel wordt weergegeven, sleept u om het net visueel te roteren.
In de optiebalk ziet u de mate van rotatie.
Druk op Enter of Return wanneer de transformatie voltooid is.
Aanmelden bij je account