Eén Fireworks PNG-bestand kan uit meerdere pagina's bestaan en is daardoor ideaal voor het maken van een prototype van webpagina's en toepassingsinterfaces. Elke pagina bevat unieke instellingen voor de canvasgrootte of -kleur, de afbeeldingsresolutie en hulplijnen. U kunt deze opties per pagina instellen of globaal voor alle pagina's in een document. Met uitzondering van de weblaag, bevat elke pagina bovendien een unieke set lagen. Voor gemeenschappelijke elementen kunt u echter een stramienpagina gebruiken of lagen delen over pagina's. (Zie Lagen delen.)

Opmerking:

Als u geen pagina's maakt, bevinden alle elementen van uw document zich op één pagina.

U geeft pagina's weer in het deelvenster Pagina's, waarin de objecten op elke pagina in een miniatuur worden weergegeven naast de paginanaam. De actieve pagina wordt in het deelvenster gemarkeerd en wordt weergegeven in het pop-upmenu Pagina's (boven het actieve document).

Zie Exporteren vanuit de werkruimte voor informatie over het exporteren van pagina's.

Video

Hoogwaardige prototypes maken met Fireworks of Photoshop (00:01:17)

Bekijk een kort overzicht van de manier waarop u met Fireworks of Photoshop hoogwaardige prototypes kunt maken.

Door Jim Babbage

Pagina's toevoegen, verwijderen en doorlopen

Via het deelvenster Pagina's kunt u nieuwe pagina's toevoegen, ongewenste pagina's verwijderen en bestaande pagina's dupliceren. Wanneer u pagina's toevoegt, verwijdert of verplaatst wordt het nummer links van de paginatitels automatisch bijgewerkt. Met deze automatisch gegenereerde nummers kunt u in grote documenten met veel pagina's snel naar bepaalde pagina gaan.

Een pagina toevoegen

Aan het einde van de lijst met pagina's wordt een lege pagina ingevoegd en dit wordt de actieve pagina.

  1. Ga op een van de volgende manieren te werk:

    • Klik op de knop Nieuwe pagina/Pagina dupliceren in het deelvenster Pagina's.

    • Klik met de rechtermuisknop in het deelvenster en kies Nieuwe pagina in het pop-upmenu.

    • Selecteer Bewerken > Invoegen > Pagina.

  1. Ga op een van de volgende manieren te werk:

    • Selecteer een pagina in het deelvenster Pagina's.

    • Gebruik de toetsen Page Up en Page Down op het toetsenbord.

    • Kies de pagina in het pop-upmenu Pagina's bovenaan het documentvenster of rechtsonder in het deelvenster Pagina's.

    Opmerking:

    Een asterisk naast de paginanaam in het pop-upmenu Pagina's geeft de stramienpagina aan.

Een pagina dupliceren

Als u een pagina dupliceert, voegt u een nieuwe pagina toe die dezelfde objecten en laaghiërarchie heeft als de pagina die op dat moment is geselecteerd. Gedupliceerde objecten behouden de dekking en overvloeimodus van de oorspronkelijke objecten. U kunt de gedupliceerde objecten wijzigen zonder dat dit van invloed is op de oorspronkelijke objecten.

  1. Ga op een van de volgende manieren te werk:

    • Sleep een pagina naar de knop Nieuwe pagina/Pagina dupliceren.

    • Klik met de rechtermuisknop op de pagina en kies Pagina dupliceren in het pop-upmenu.

Een of meerdere pagina's verplaatsen

In het deelvenster Pagina's kunt u pagina's verplaatsen om aan elkaar verwante ontwerpen dichter bij elkaar te plaatsen en het lay-outproces te versnellen.

  1. (Optioneel) Ga op een van de volgende manieren te werk als u meerdere pagina's verplaatst:

    • Houd Shift ingedrukt en klik op de pagina's om een groep aaneengesloten pagina's te selecteren.

    • Houd Control (Windows) of Command (Mac OS) ingedrukt en klik op de pagina's om een groep niet-aaneengesloten pagina's te selecteren.

  2. Sleep de geselecteerde pagina's omhoog of omlaag in het deelvenster. Boven en onder de andere pagina's worden donkere randen weergegeven op de plaatsen waar u de muisknop kunt loslaten om de geselecteerde pagina's te verplaatsen.

Een pagina verwijderen

De pagina boven de verwijderde pagina wordt de actieve pagina.

  1. Ga op een van de volgende manieren te werk:

    • Sleep de pagina naar het prullenbakpictogram  in het deelvenster Pagina's.

    • Klik met de rechtermuisknop op de pagina en kies Pagina verwijderen in het pop-upmenu.

Een paginacanvas bewerken

Elke pagina heeft een uniek canvas met een eigen grootte, kleur en afbeeldingsresolutie.

  1. Kies een pagina in het deelvenster Pagina's of in het pop-upmenu Pagina's boven aan het documentvenster.

  2. Selecteer Wijzigen > Canvas > Afbeeldingsgrootte, Wijzigen > Canvas > Canvaskleur of Wijzigen > Canvas > Canvasgrootte.

  3. Breng de wijzigingen aan. U kunt de wijzigingen ook aanbrengen via het deelvenster Eigenschappen wanneer u het canvas voor een pagina selecteert.

  4. Laat de optie Alleen huidige pagina ingeschakeld als u de wijzigingen alleen op de geselecteerde pagina wilt toepassen. Als u de wijzigingen op alle pagina's wilt toepassen, schakelt u de optie uit.

Een stramienpagina gebruiken

Als u een reeks elementen in al uw pagina's wilt opnemen, gebruikt u een stramienpagina. Als u een normale pagina omzet in een stramienpagina, komt deze pagina boven aan de lijst in het deelvenster Pagina's te staan. Als een stramienpagina wordt gemaakt, wordt onder aan de laaghiërarchie voor elke pagina een stramienpaginalaag toegevoegd.

Een stramienpagina maken

  1. Klik in het deelvenster Pagina's met de rechtermuisknop op een bestaande pagina en kies Instellen als stramienpagina in het pop-upmenu.

Lagen die over pagina's worden gedeeld, veranderen in gewone (niet-gedeelde) lagen. Lagen die over frames worden gedeeld, blijven echter ongewijzigd. Zie Objecten in een frame weergeven voor informatie over het weergeven van stramienpaginaframes op een gekoppelde pagina.

Nadat u een stramienpagina hebt gemaakt, nemen nieuwe pagina's automatisch de instellingen van de stramienpagina over. Deze instellingen gelden niet voor bestaande pagina's, tenzij u deze koppelt aan de stramienpagina. Als u de stramienpagina later aanpast, worden alle pagina's die aan deze stramienpagina zijn gekoppeld, automatisch bijgewerkt.

Voor het overnemen van objecten en het gedrag van stramienpagina's naar andere pagina's gelden de volgende beperkingen:

  • Pagina's nemen alleen het huidige frame over van alle objecten in een stramienpagina. Als u alle frames van alle objecten op elke pagina wilt overnemen, voegt u evenveel of meer frames toe aan het object met de meeste frames. Alle objecten op die pagina nemen alle frames van de stramienpagina over.

  • Wijzigingen aan de canvasgrootte of afbeeldingsgrootte op een pagina zijn van invloed op alle pagina's, waaronder pagina's die niet zijn gekoppeld aan de stramienpagina. Als u de wijzigingen wilt beperken tot alleen de huidige pagina, selecteert u Alleen huidige pagina.

  • Alleen de gekoppelde pagina's nemen de wijzigingen aan de canvaskleur van de stramienpagina over.

  1. Ga op een van de volgende manieren te werk:

    • Klik in het deelvenster Pagina's met de rechtermuisknop en kies Koppeling naar stramienpagina in het pop-upmenu.

    • Klik in de kolom links van de paginaminiatuur in het deelvenster Pagina's. Een koppelingspictogram geeft aan dat de pagina is gekoppeld aan de stramienpagina.

      Opmerking: Wanneer u een instelling wijzigt op een pagina die is gekoppeld aan de hoofdpagina, heeft de nieuwe instelling voorrang maar worden de koppelingen naar de hoofdpagina verbroken..

De stramienpaginalaag weergeven of verbergen

Wijzigingen in de zichtbaarheid worden weerspiegeld op alle pagina's.

  1. Klik in het deelvenster Lagen op het oogje links van de stramienpaginalaag.

Stramienpaginalagen verwijderen

  1. Klik met de rechtermuisknop in het deelvenster Lagen en selecteer Stramienpaginalaag verwijderen in het pop-upmenu.

Als u de stramienpaginalaag weer aan de pagina wilt toevoegen, klikt u met de rechtermuisknop in het deelvenster Lagen en selecteert u Stramienpaginalaag toevoegen in het pop-upmenu.

Een stramienpagina weer instellen als een normale pagina

  1. Klik met de rechtermuisknop in het deelvenster Pagina's en kies Stramienpagina herstellen in het pop-upmenu.

Geselecteerde pagina's exporteren

U kunt in één stap meerdere pagina's exporteren. Alleen de geselecteerde pagina's worden geëxporteerd. Wanneer u pagina's exporteert, worden de optimalisatie-instellingen die zijn opgegeven voor de afzonderlijke pagina's gebruikt voor het exporteren van de bestanden.

  1. Selecteer in het deelvenster Pagina's de pagina's die u wilt exporteren.

  2. Klik met de rechtermuisknop en selecteer Geselecteerde pagina('s) exporteren.

  3. Selecteer in het dialoogvenster Exporteren een van de opties in het menu Exporteren:

    Lagen naar bestanden

    Hiermee worden lagen op de geselecteerde pagina's als afzonderlijke bestanden geëxporteerd.

    Frames naar bestanden

    Hiermee worden frames op de geselecteerde pagina's als afzonderlijke bestanden geëxporteerd.

    Pagina's naar bestanden

    Hiermee worden de geselecteerde pagina's als afzonderlijke bestanden geëxporteerd.

Bestandsnamen aanpassen bij het exporteren van pagina's

  1. Selecteer in het deelvenster Pagina's de pagina's die u wilt exporteren.

  2. Klik met de rechtermuisknop en selecteer Geselecteerde pagina('s) exporteren.

  3. Klik op Opties in het dialoogvenster Exporteren. Of de knop Opties is ingeschakeld, hangt af van de geselecteerde optie in het menu Exporteren.

  4. Selecteer Voorvoegsel toevoegen of Achtervoegsel toevoegen in het dialoogvenster Exportopties en selecteer een optie in het menu. U kunt de bestanden een naam geven met een van de volgende opties:

    doc.name

    De naam van het bronbestand wordt toegevoegd als voor- of achtervoegsel. Als u bijvoorbeeld een pagina met de naam Index uit het bronbestand sites.png exporteert met de optie Voorvoegsel toevoegen, wordt een bestand gegenereerd met de naam Sites_Index.gif.

    Numeriek (1, 2, 3...of 01, 02, 03...)

    De bestanden worden gegenereerd in een numerieke reeks, waarbij de nummers worden toegevoegd aan het voor- of achtervoegsel. Alle geëxporteerde paginabestanden worden genummerd in de volgorde van weergave in het deelvenster Pagina's. Gebruik de reeks met dubbele cijfers wanneer u veel pagina's exporteert.

  5. Gebruik de opties in het menu Bestandstype om de instellingen voor het geëxporteerde bestand te optimaliseren.

Segmenten op geselecteerde pagina's exporteren

Segmenten in het bronbestand worden genegeerd wanneer u een bestand exporteert. Gebruik de volgende instellingen in het dialoogvenster Exporteren als u de segmenten wilt exporteren.

  1. Selecteer HTML en afbeeldingen of Alleen afbeeldingen in het menu Exporteren.

  2. Selecteer HTML-bestand exporteren in het HTML-menu.

  3. Selecteer Segmenten exporteren in het menu Segmenten.

  4. Selecteer een van de volgende opties:

    Alleen geselecteerde segmenten

    Gebieden die zijn gemarkeerd als segmenten worden geëxporteerd.

    Inclusief gebieden zonder segmenten

    Gebieden die niet zijn gemarkeerd als segmenten worden ook geëxporteerd.

Voorvertoning van meerdere pagina's

Geef een voorvertoning weer van alle pagina's behalve de stramienpagina bij het importeren of openen van bestanden. Wanneer het bestand wordt geopend, komt de focus te liggen op de pagina die tijdens de voorvertoning is geselecteerd.

Wanneer u een pagina invoegt die objecten uit de stramienlaag bevat, wordt de stramienpagina omgezet in een gewone laag en geïmporteerd.

Voorvertoning van meerdere pagina's inschakelen

Geef een voorvertoning weer van alle pagina's in een bestand bij het importeren of openen hiervan. De optie voor de voorvertoning van meerdere pagina's is standaard ingeschakeld in het dialoogvenster Voorkeuren.

Als u de voorvertoning van meerdere pagina's wilt inschakelen voor bestanden die zijn gemaakt in oudere versies, opent u deze in de huidige versie en slaat u ze op.

  1. Selecteer Algemeen in het dialoogvenster Voorkeuren.

  2. Selecteer Opslaan per paginaminiatuur om de voorvertoning van meerdere pagina's in te schakelen. Als deze optie is uitgeschakeld, worden de paginanamen wel opgeslagen maar worden geen miniaturen gegenereerd voor die bestanden.

Voorvertoning weergeven voordat u pagina's opent of importeert

  • In Windows wordt de voorvertoning weergegeven in het dialoogvenster Importeren of Openen wanneer u een bestand importeert of opent.

  • In Mac klikt u op Voorvertoning in het dialoogvenster Open of Importeer. U kunt ook op het bestand in het dialoogvenster Importeren dubbelklikken om de modus Voorvertoning te activeren.

    Bij het importeren van bestanden selecteert u Invoegen na huidige pagina om geïmporteerde pagina's toe te voegen na de pagina die momenteel is geselecteerd in het document.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid