Dreamweaver-sjablonen
Wanneer een HTML-pagina als sjabloon wordt opgeslagen, wordt in Dreamweaver een sjabloonmap gemaakt op het hoofdniveau van de lokale hoofdmap en een DWT-bestand gegenereerd dat de bron wordt van alle pagina's die erop worden toegepast. Telkens wanneer een HTML-pagina op een sjabloon wordt toegepast, (Bestand > Nieuw van sjabloon of Wijzigen > Sjablonen > Sjabloon toepassen op pagina), wordt een koppeling naar het DWT-bestand gemaakt, die relatief is ten opzichte van de hoofdmap. De reden waarom deze hoofdmaprelatieve link altijd correct wordt gekoppeld, is dat het DWT-bestand zich altijd in de map Sjablonen bevindt op het hoofdniveau van de mapstructuur van de site. Als het DWT-bestand uit de map Sjablonen wordt verplaatst, of als de map Sjablonen wordt verplaatst of hernoemd, wordt de koppeling verbroken. Het is van groot belang dat u het DWT-bestand in de map Sjablonen laat staan, waar dit door Dreamweaver is gemaakt. Om verwarring te voorkomen, is het een goede gewoonte om andere items van uw site (afbeeldingsbronbestanden of HTML-documenten) NIET in de map Sjablonen op te slaan.

Hoe worden pagina's gekoppeld aan de sjabloonbestanden?
Wanneer een bestand wordt toegepast op een bestaande pagina of nieuw wordt gemaakt op basis van een sjabloon, wordt de volgende code ingevoegd in de bron:

<!-- #BeginTemplate "/Templates/templateName.dwt" -->

Als u de HTML-broncode wilt weergeven die Dreamweaver genereert, kiest u Venster > HTML.

Het bovenstaande pad vervangt de normale HTML-bron die op een nieuwe pagina zou verschijnen. In plaats van te beginnen met de gebruikelijke tags die het nieuwe bestand zou genereren, wordt aangegeven dat één niveau binnen de lokale hoofdmap, in een map met de naam Sjablonen, een DWT-bestand bestaat met alle gegevens die niet binnen de bewerkbare gebieden van de pagina staan. Dit pad zorgt dat de browser op de juiste locatie zoekt naar het bestand dat de pagina-eigenschappen, lay-out en grafische eigenschappen biedt - alle inhoud die alleen in het DWT-bestand voorkomt. Om deze reden moeten wijzigingen buiten de bewerkbare gebieden van een pagina rechtstreeks worden aangebracht in het DWT-bestand. Wanneer het DWT-bestand zelf wordt geopend en herzien, worden alle pagina's die op de sjabloon zijn toegepast gekoppeld aan het bestand op dezelfde locatie als voorheen. Alle pagina's die op de sjabloon worden toegepast, worden automatisch bijgewerkt met de nieuwe gegevens.

Koppelingen relatief ten opzichte van het document versus koppelingen relatief ten opzichte van de hoofdmap
Het pad dat een HTML-pagina koppelt aan een sjabloon is een pad dat relatief is ten opzichte van de hoofdmap. Het is relatief ten opzichte van de hoofdmap omdat het begint vanaf het hoogste niveau van de mapstructuur (de lokale hoofdmap) en zo verder loopt naar de volgende map eronder (Sjablonen) en tot slot koppelt naar het DWT-bestand. Dreamweaver genereert automatisch een aan de hoofdmap relatief pad naar de sjablonen in de map Sjablonen, omdat het precies weet waar de sjabloon zal worden geplaatst, ongeacht welke andere bestandmappen zich in de mapstructuur bevinden.

Bij relatief ten opzichte van document wordt een pad gemaakt dat specifiek is voor een bestand. In plaats van te beginnen bij hoogste niveau (de hoofdmap) van de bestandmappenstructuur, wordt een pad gegenereerd dat begint bij één bestand en verder loopt door de bestandsmappen die nodig zijn, en dan stopt bij de locatie van het andere bestand. Het is absoluut noodzakelijk dat beide bestanden worden opgeslagen binnen de lokale hoofdmap VOORDAT u een documentrelatieve koppeling van het ene naar het andere bestand maakt.

Als u lokaal in een browser een voorbeeld van uw pagina's wilt kunnen zien voordat u de bestanden naar een externe server uploadt, moeten ze documentrelatief zijn. Zowel Internet Explorer- als Netscape-browsers weten niet welke lokale hoofdmap is gedefinieerd (wat Dreamweaver wel weet), dus deze browsers kunnen alleen een pad volgen dat relatief is ten opzichte van het document dat op dat moment wordt weergegeven. Aangezien de meeste gebruikers hun pagina's liever lokaal in een browser bekijken voordat ze deze uploaden, wordt in Dreamweaver standaard relatief ten opzichte van document gebruikt wanneer een bestand wordt gekoppeld of een afbeelding wordt ingevoegd. Als het bestand niet is opgeslagen VOORDAT u een afbeelding of een koppeling naar een andere HTML-pagina probeert in te voegen, heeft Dreamweaver geen verwijzing voor de locatie van de huidige pagina en genereert daarom een pad dat er ongeveer als volgt uitziet:

file:///HardDrive/Desktop Folder/localRootFolder/subfolder/subfolder/images/content.htm

of

file:///C:/Desktop/localRootFolder/subfolder/subfolder/images/content.htm

Deze paden zijn specifiek voor ALLEEN uw computer en werken niet wanneer u bestanden naar een externe server uploadt.

Het diagram hieronder bevat een grafische uitleg van het verschil tussen een koppeling relatief ten opzichte van een document en een koppeling relatief ten opzichte van de hoofdmap. In het onderstaande voorbeeld heeft de pagina bio.htm een afbeelding genaamd logo.jpg die is ingevoegd via verschillende soorten paden.

 

Paden in de sjabloon die relatief zijn ten opzichte van het document

Het rechtstreeks invoegen van afbeeldingen en koppelingen in het DWT-bestand kan verwarrend zijn. Houd er rekening mee dat wanneer u werkt in het DWT-bestand en een documentrelatieve koppeling maakt, deze koppeling ook precies dat is, namelijk relatief ten opzichte van het DWT-bestand. Het pad dat wordt gegenereerd is specifiek vanaf die HTML-pagina of afbeeldingsbron naar het DWT-bestand. In Dreamweaver wordt bijgehouden waar de pagina's die op de sjabloon worden toegepast, zich bevinden en het pad naar het desbetreffende HTML-bestand wordt automatisch aangepast zodat dit correct is voor de huidige pagina. Als u de HTML-bron voor zowel het DWT-bestand als een pagina die op de sjabloon is toegepast, bekijkt, zult u zien dat de paden verschillend zijn, wat ook juist is. Als Dreamweaver niet automatisch het pad voor de specifieke locatie van elke pagina aanpast, wordt het documentrelatieve pad voor alle bestanden, behalve voor het DWT-bestand, verbroken.

Hier is een voorbeeld van de wijze waarop Dreamweaver een pad dat relatief is ten opzichte van een document, zou kunnen aanpassen:

Het oorspronkelijke pad van de sjabloon naar de afbeelding:
../graphics/images/banner.gif
Het aangepaste pad in de pagina toegepast op de sjabloon:
../../graphics/images/banner.gif

Dreamweaver past geen aan de hoofdmap relatieve of absolute (http://) paden van de sjabloon naar de pagina's toegepast in de sjabloon toe, omdat dit niet nodig is.

Paden die relatief zijn ten opzichte van het document in de pagina's toegepast op de sjabloon

Het invoegen van afbeeldingen en koppelingen binnen het bewerkbare gebied van een pagina bevestigd aan de sjabloon, werkt op precies dezelfde manier als het invoegen van afbeeldingen of koppelingen in een pagina die niet aan een sjabloon is bevestigd. Als u de procedure uitvoert waarbij u Bestand > Nieuw van sjabloon selecteert en vervolgens Bestand > Opslaan (het kiezen van een locatie binnen de lokale hoofdmap) VOORDAT u koppelingen maakt naar andere pagina's of afbeeldingen, schakelt Dreamweaver standaard over naar Relatief ten opzichte van document in zowel het dialoogvenster HTML-pagina selecteren als het dialoogvenster Afbeeldingsbron selecteren. Zolang het pop-upmenu 'Relatief ten opzichte van' niet handmatig wordt gewijzigd in Hoofdmap, zijn de afbeeldingen en koppelingen beschikbaar wanneer u lokaal een voorbeeld van uw werk in de browser bekijkt.

Paden in de sjabloon die relatief zijn ten opzichte van de hoofdmap

Wanneer u in een sjabloonbestand werkt om koppelingen naar andere pagina's te maken of te verwijzen naar de bron van afbeeldingen, kunt u via het pop-upmenu in het dialoogvenster HTML-pagina selecteren en Afbeeldingsbron selecteren kiezen tussen relatief ten opzichte van document en relatief ten opzichte van hoofdmap. Zoals getoond in het diagram hierboven, wordt met Hoofdmap een pad gemaakt vanaf de lokale hoofdmap rechtstreeks naar het bestand dat wordt geselecteerd, ongeacht welk DWT-bestand op dat moment is geopend in Dreamweaver. Het kan handig zijn om koppelingen te gebruiken die relatief zijn ten opzichte van de hoofdmap wanneer de inhoud in de mapstructuur van de site waarschijnlijk binnen de lokale hoofdmap wordt verplaatst, omdat zo de koppeling intact blijft zelfs wanneer de bestanden vanaf de oorspronkelijke locatie worden verplaatst.

Het oorspronkelijke pad van de sjabloon naar de afbeelding:
/graphics/images/banner.gif
Het pad in de pagina die wordt toegepast op de sjabloon:
/graphics/images/banner.gif

Dreamweaver past geen aan de hoofdmap relatieve of absolute (http://) paden van de sjabloon naar de pagina's toegepast in de sjabloon toe, omdat dit niet nodig is. De locatie van het document (ongeacht of dit het DWT-bestand is of een HTML-bestand dat is bevestigd aan de sjabloon) is niet relevant voor een pad dat relatief is ten opzichte van de hoofdmap.

Paden die relatief zijn ten opzichte van de hoofdmap in de pagina's toegepast op de sjabloon
Het gebruik van koppelingen die relatief zijn aan de hoofdmap kan nuttig zijn als de site complex is, als bij de site een team van ontwikkelaars betrokken is die met elkaar samenwerken, of als de site een mapstructuur heeft die regelmatig wordt veranderd. Wanneer u een koppeling wilt maken die relatief is ten opzichte van de hoofdmap, selecteert u Hoofdmap in het pop-upmenu bij 'Relatief ten opzichte van' dat zowel in het dialoogvenster HTML-pagina selecteren als het dialoogvenster Afbeeldingsbron selecteren te vinden is.

Omdat het gemaakte pad bij de lokale hoofdmap begint, door een willekeurig aantal submappen loopt en uiteindelijk eindigt bij de pagina of afbeelding waaraan het is gekoppeld, krijgen de ontwikkelaars de mogelijkheid om pagina's of elementen een of meer submappen omhoog te verplaatsen in de mapstructuur van de site, zonder de koppelingen te verbreken. Als bijvoorbeeld in het diagram hierboven het bestand logo.jpg wordt verplaatst vanuit de afbeeldingenmap naar de kenmerkenmap en de koppeling relatief is ten opzichte van de hoofdmap, kan de browser de afbeelding nog steeds vinden. Als het pad een koppeling is die relatief is ten opzichte van het document, MOETEN zowel logo.jpg als de bio.html in de mapstructuur blijven staan, waar ze zich bevonden toen het documentrelatieve pad werd gemaakt. Wanneer deze bestanden na het maken van het pad worden verplaatst, wordt het pad verbroken.

Zoals hierboven vermeld, kan alleen van documentrelatieve koppelingen lokaal in de browser een voorbeeld worden bekeken. Als u ervoor kiest om koppelingen te gebruiken die relatief zijn ten opzichte van de hoofdmap, kunt u uw pagina's slechts op twee manieren in de browser weergeven.

De eerste is de bestanden uploaden naar de externe server (Put) en vervolgens uw browser gebruiken om naar de pagina te gaan door het absolute pad in het URL-veld te typen. Met deze methode worden de pagina's net zo weergegeven als anderen ze op internet zouden zien. Als u wijzigingen in de pagina's wilt aanbrengen, opent u een lokale kopie van de bestanden, brengt u de wijzigingen aan, slaat u de HTML-pagina's op, maakt u verbinding met de FTP-server en uploadt u de nieuwe bestanden naar de externe server (Put). Bestanden met dezelfde naam in dezelfde map overschrijven de oudere versies van het bestand op de externe server.

De tweede manier om een voorbeeld van koppelingen die relatief zijn ten opzichte van de hoofdmap, in een browser weer te geven, is door een persoonlijke webserver te gebruiken. In Windows kunt u deze optie alleen instellen door via Bestand > Voorvertoning in browser > Browserlijst bewerken Dreamweaver in te gaan en Voorvertoning met lokale server te selecteren. Wanneer u deze optie instelt, kunt u in Dreamweaver een voorbeeld van documenten weergeven met gebruikmaking van een persoonlijke webserver.

Opmerking: Voor Macintosh wordt een persoonlijke webserver ingesteld op systeemniveau. Raadpleeg de documentatie bij het systeem voor hulp.

 

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid