Verfmethoden

Illustrator biedt twee methoden voor verven:

  • Toewijzen van een vulling, lijn of beide aan een geheel object
  • Omzetten van een object in een groep van Actieve verf en het toewijzen van vullingen en lijnen aan afzonderlijke randen en vlakken van paden daarbinnen

Een object verven

Nadat u een object hebt getekend, kunt u er een vulling, lijn of beide aan toewijzen. U kunt vervolgens andere objecten op dezelfde wijze verven, waarbij elk nieuw object boven op de vorige objecten komt te liggen. Het resultaat is een soort collage die bestaat uit vormen die uit gekleurd papier zijn geknipt, waarbij het uiterlijk van de illustratie afhankelijk is van de boven in de stapel met gelaagde objecten geplaatste objecten.

Een groep van Actieve verf verven

Met de methode Actieve verf verft u meer zoals u met traditionele kleurgereedschappen zou doen, zonder te letten op lagen of een stapelvolgorde, waardoor u natuurlijker kunt tekenen. Alle objecten in een groep van Actieve verf worden behandeld alsof ze deel uitmaken van hetzelfde vlakke oppervlak. Dit betekent dat u meerdere paden kunt tekenen en elk gebied binnen deze paden (een vlak genoemd) afzonderlijk kunt kleuren. Verder kunt u verschillende lijnkleuren en -dikten toewijzen aan delen van een pad tussen snijpunten (een rand genoemd). Het resultaat is dat u, ongeveer zoals in een kleurboek, elk vlak en elke rand een andere kleur kunt geven. Wanneer u paden in een groep van Actieve verf verplaatst of de vorm van de paden wijzigt, worden de vlakken en randen automatisch aangepast.

Zie Actieve verf voor meer informatie over het gebruik van Actieve verf in Illustrator.

Live-Paint
A. Een object dat bestaat uit paden die zijn geverfd met de bestaande methode, heeft een enkele vulling en een enkele lijn B. Als hetzelfde object wordt omgezet in een groep van Actieve verf, kunt u elk vlak met een verschillende vulling verven C. Als hetzelfde object wordt omgezet in een groep van Actieve verf, kunt u elke rand met een verschillende lijn verven 

Vullingen en lijnen

Een vulling is een kleur, een patroon of een verloop binnen een object. U kunt vullingen toepassen op geopende en gesloten objecten en op vlakken van groepen van Actieve verf.

Een lijn kan de zichtbare omtrek zijn van een object, een pad of de rand van een groep van Actieve verf. U kunt de breedte en de kleur van een lijn bepalen. Verder kunt u onderbroken lijnen maken met behulp van de padopties, en u kunt gestileerde lijnen verven met penselen.

Opmerking: Als u werkt met groepen van Actieve verf, kunt u een penseel alleen op een rand toepassen als u via het deelvenster Vormgeving een lijn aan de groep toevoegt.

De huidige vulling- en lijnkleuren zijn beschikbaar in het deelvenster Tools, Beheer en Eigenschappen.

Vullingen en lijnen
A. Een object met een vulkleur B. Een object met een lijnkleur C. Een object met een vul- en lijnkleur 

Besturingselementen voor vullingen en lijnen

De besturingselementen voor het instellen van vulling en lijn zijn beschikbaar in het deelvenster Eigenschappen, Tools, Beheer en Kleur.

Met de volgende besturingselementen in het deelvenster Tools kunt u kleur instellen:

Knop Vulling Dubbelklik op deze knop om een vulkleur te selecteren met de Kleurkiezer.
Knop Lijn  Dubbelklik op deze knop om een lijnkleur te selecteren met de Kleurkiezer.
Knop Vulling en lijn omwisselen Klik op deze knop om de kleuren tussen vulling en lijn om te wisselen.
Standaardvulling en -lijn, knop Klik op deze knop om terug te keren naar de standaardkleurinstellingen (witte vulling en zwarte lijn).
Knop Kleur Klik op deze knop om de laatst geselecteerde effen kleur toe te passen op een object met een verloopvulling of een object zonder lijn of vulling.
Knop Verloop Klik om de huidige geselecteerdevullingte wijzigen voor het laatst geselecteerde verloop.
Knop Geen  Klik op deze knop om de vulling of lijn van een geselecteerd object te verwijderen.

 

U kunt ook een kleur en lijn voor een geselecteerd object opgeven via de volgende instellingen in het Deelvenster Beheer en in het deelvenster Eigenschappen:

Vulkleur

Klik hierop om het deelvenster Stalen te openen. Houd Shift ingedrukt en klik op deze knop om het deelvenster Kleur te openen en een kleur te kiezen.

Lijnkleur

Klik hierop om het deelvenster Stalen te openen. Houd Shift ingedrukt en klik op deze knop om het deelvenster Kleur te openen en een kleur te kiezen.

Deelvenster Lijn

Klik op het woord Lijn om het deelvenster Lijn te openen en opties op te geven.

Lijndikte

Kies een lijndikte in het pop-upmenu.

Een vulkleur toepassen

U kunt één kleur, patroon of verloop toepassen op een geheel object, of u kunt groepen van Actieve verf gebruiken en verschillende kleuren aanbrengen op verschillende vlakken binnen het object.

  1. Selecteer het object met de tool Selecteren () of de tool Direct selecteren ().

  2. Klik op het vak Vulling in het deelvenster Tools, het deelvenster Eigenschappen of het deelvenster Kleur om aan te geven dat u een vulling wilt toepassen in plaats van een lijn.

    Het vak Vulling
    Pas een vulkleur toe via het deelvenster Tools of het deelvenster Eigenschappen.
  3. Selecteer een vulkleur door een van de volgende handelingen uit te voeren:
    • Klik op een kleur in het regelpaneel, Kleur, Stalen, Verloop of een staalbibliotheek.

    • Dubbelklik op het vak Vulling en selecteer een kleur via de Kleurkiezer.

    • Selecteer het gereedschap Pipet en houd Alt (Windows) of Option (Mac OS) ingedrukt terwijl u klikt op een object om de huidige kenmerken toe te passen, waaronder de huidige vulling en lijn.

    • Klik op de knop Geen  om de huidige vulling van het object te verwijderen.

    Opmerking:

    U kunt een kleur snel op een niet-geselecteerd object toepassen door een kleur vanuit het vak Vulling of het deelvenster Kleur, Verloop of Stalen naar het object te slepen. Slepen werkt niet bij groepen van Actieve verf.

Zelfstudievideo: Vul- en lijnkenmerken toepassen

Zelfstudievideo: Vul- en lijnkenmerken toepassen
Train Simple

Een lijnkleur toepassen

  1. Selecteer het object. (Als u een rand in een groep van Actieve verf wilt selecteren, gebruik dan de tool Selectie van Actieve verf.)

  2. Klik op het vak Lijn in het deelvenster Tools, Eigenschappen, Kleur of Beheer. Hiermee geeft u aan dat u een lijn wilt toepassen in plaats van een vulling.

  3. Selecteer een kleur in het deelvenster Kleur of een staal in het deelvenster Stalen, Eigenschappen of Beheer. Of dubbelklik op het vak Lijn om met de Kleurkiezer een kleur te selecteren.

    Opmerking:

    Als u de huidige kleur in het vak Lijn wilt gebruiken, kunt u de kleur eenvoudig vanaf het vak Lijn naar het object slepen. Slepen werkt niet bij groepen van Actieve verf.

Lijnen omzetten in samengestelde paden

Als u een lijn naar een samengesteld pad omzet, kunt u de omtrek van de lijn wijzigen. U kunt bijvoorbeeld een lijn met een variabele dikte maken of de lijn in stukken verdelen.

  1. Selecteer het object.

  2. Kies Object > Pad > Omtreklijn.

    Het samengestelde pad dat ontstaat, wordt met het gevulde object gegroepeerd. Als u het samengestelde pad wilt wijzigen, maakt u het pad los van de vulling of selecteert u dit met het gereedschap Groep selecteren.

    convert-to-compound-pathzoom
    A. Een op een object toegepaste lijn B. Een lijn die is geconverteerd naar een samengesteld pad met twee sub-paden 

    Opmerking:

    Gebruik het deelvenster Lagen om de inhoud van een groep te bepalen.

Paden tekenen en samenvoegen met het Klodderpenseel

Met het Klodderpenseel kunt u gevulde vormen verven die u kunt doorsnijden en samenvoegen met andere vormen van dezelfde kleur.

Het Klodderpenseel gebruikt dezelfde standaardpenseelopties als kalligrafische penselen. (Zie Opties voor kalligrafische penselen.)

Kalligrafisch penseel - Klodderpenseel
A. Kalligrafisch penseel creëert paden met een lijn, maar zonder vulling B. De tool Klodderpenseel maakt paden met een vulling, maar zonder lijn 

Zie Het Klodderpenseel en het Gummetje gebruiken voor een video over het gebruik van de tool Klodderpenseel.

Richtlijnen voor het Klodderpenseel

Hanteer de volgende richtlijnen wanneer u met het Klodderpenseel werkt.

  • U kunt alleen paden samenvoegen die naast elkaar liggen in de stapelvolgorde.

  • Het gereedschap Klodderpenseel maakt paden met een vulling, maar zonder lijn. Als u Klodderpenseel-paden wilt samenvoegen met bestaande illustraties, dient u ervoor te zorgen dat de illustratie dezelfde vulkleur en geen lijn heeft.

  • Als u paden tekent met het Klodderpenseel, worden nieuwe paden samengevoegd met het bovenste overeenkomende pad. Als het nieuwe pad meerdere overeenkomende paden in dezelfde groep of laag aanraakt, worden alle doorsnedepaden samengevoegd.

  • Als u verfkenmerken, zoals effecten of transparantie, op het Klodderpenseel wilt toepassen, selecteert u het penseel en geeft u de kenmerken op in het deelvenster Vormgeving voordat u begint met tekenen.

  • U kunt het Klodderpenseel gebruiken om met andere gereedschappen gemaakte paden samen te voegen. Als u dit wilt doen, moet u ervoor zorgen dat de illustratie geen lijnen bevat. Stel het Klodderpenseel vervolgens in op dezelfde vulkleur en teken een nieuw pad dat alle paden doorsnijdt die u wilt samenvoegen.

Samengevoegde paden maken

Opmerking:

Paden met lijnen kunnen niet worden samengevoegd.

  1. Selecteer het pad waarin u een nieuw pad wilt samenvoegen.

  2. Schakel in het deelvenster Vormgeving de optie Nieuwe illustratie heeft basisvorm uit, zodat het Klodderpenseel de kenmerken van de geselecteerde illustraties gebruikt.

  3. Selecteer het Klodderpenseel  en zorg ervoor dat het penseel dezelfde vormgeving gebruikt als de geselecteerde illustraties.

  4. Teken paden die de illustraties doorsnijden. Als de paden niet worden samengevoegd, controleert u of de kenmerken van het Klodderpenseel precies overeenkomen met de bestaande padkenmerken en of geen van beide gebruikmaakt van een lijn.

Opties voor het gereedschap Klodderpenseel

Dubbelklik op het Klodderpenseel in het deelvenster Gereedschappen en stel naar wens de volgende opties in:

Pad blijft geselecteerd

Wanneer u een samengevoegd pad tekent, worden alle paden geselecteerd en blijven deze geselecteerd terwijl u tekent. Deze optie is handig wanneer u alle paden wilt bekijken die deel uitmaken van het samengevoegde pad.

Alleen samenvoegen met selectie

Hiermee geeft u op dat nieuwe lijnen alleen mogen worden samengevoegd met het bestaande geselecteerde pad. Als u deze optie selecteert, wordt de nieuwe lijn niet samengevoegd met een ander pad dat de lijn kruist en dat niet is geselecteerd.

Getrouwheid

Hiermee bepaalt u hoe ver u de muis of de pen moet verplaatsen voordat een nieuw ankerpunt aan het pad wordt toegevoegd. De waarde 2,5 betekent bijvoorbeeld dat penseelbewegingen van minder dan 2,5 pixels niet worden geregistreerd. De waarde van Getrouwheid ligt in het bereik van 0,5 tot 20 pixels. Hoe hoger de waarde is, des te vloeiender en minder complex het pad is.

Vloeiendheid

Hiermee bepaalt u de mate van vloeiendheid die wordt toegepast als u de tool gebruikt. U kunt voor Vloeiendheid een percentage van 0% tot 100% instellen. Hoe hoger de waarde is, hoe vloeiender het pad.

Grootte

Met deze optie bepaalt u de grootte van het penseel.

Hoek

Hiermee bepaalt u de rotatiehoek voor het penseel. Sleep de pijlpunt in de voorvertoning of voer in het tekstvak Hoek een waarde in.

Ronding

Hiermee bepaalt u de ronding van het penseel. Sleep een van de zwarte stippen in de voorvertoning van of naar het midden, of geef een waarde op in het tekstvak Ronding. Hoe hoger de waarde, des te groter de ronding.

Objecten selecteren met dezelfde vulling en lijn

U kunt objecten selecteren met dezelfde kenmerken, zoals vulkleur, lijnkleur en lijndikte.

Objecten selecteren met dezelfde vulling en lijn
A. Eén van de objecten is geselecteerd B. Alle objecten met dezelfde vulkleur worden geselecteerd 

Opmerking:

De opdrachten Selecteren > Zelfde > Vulkleur, Lijnkleur en Lijndikte werken binnen een groep van Actieve verf als u een vlak of rand selecteert met het gereedschap Selectie van Actieve verf. De andere opdrachten binnen Selecteren > Zelfde werken niet. Het is niet mogelijk om identieke objecten die zich zowel binnen als buiten een groep van Actieve verf bevinden, tegelijkertijd te selecteren.

  • Als u objecten met dezelfde vulling en lijn wilt selecteren, selecteert u een van de objecten, klikt u op de knop Vergelijkbare objecten selecteren  in het regelpaneel en kiest u de basis voor uw selectie in het menu dat wordt weergegeven.
  • Als u alle objecten met dezelfde vul- of lijnkleur wilt selecteren, selecteer dan een object met die vul- of lijnkleur of kies de kleur in het deelvenster Kleur of Stalen. Kies vervolgens Selecteren > Zelfde en klik op Vulkleur, Lijnkleur of Vulling en lijn in het submenu.
  • Als u alle objecten met dezelfde lijndikte wilt selecteren, selecteer dan een object met die lijndikte of kies de lijndikte in het deelvenster Lijn. Kies vervolgens Selecteren > Zelfde > Lijndikte.
  • Als u dezelfde selectiecriteria wilt toepassen op een ander object (stel bijvoorbeeld dat u alle rode objecten hebt geselecteerd met de opdracht Selecteren > Zelfde > Vulkleur en dat u nu alle groene objecten wilt zoeken), selecteer dan een nieuw object en kies Selecteren > Opnieuw selecteren.

    Tip: Als u rekening wilt houden met de tint van een object bij het selecteren op basis van kleur, kiest u Bewerken > Voorkeuren > Algemeen (Windows) of Illustrator > Voorkeuren > Algemeen (Mac OS) en kiest u vervolgens Zelfde tintpercentage selecteren. Als u nu een object selecteert dat is gevuld met een 50%-tint van PANTONE Yellow C en u kiest Selecteren > Zelfde > Vulkleur, worden alleen de objecten geselecteerd met een 50%-tint van die kleur. Als u deze optie uitschakelt, selecteert Illustrator objecten met elke tint van PANTONE Yellow C.

Meerdere vullingen en lijnen maken

In het deelvenster Vormgeving kunt u meerdere vullingen en lijnen maken voor hetzelfde object. Door meerdere vullingen en lijnen aan een object toe te voegen, kunt u veel interessante effecten creëren. U kunt bijvoorbeeld een tweede, smallere lijn boven op een brede lijn maken of een effect toepassen op een bepaalde vulling en niet op andere vullingen.

  1. Selecteer een of meer objecten of groepen (of selecteer een laag in het deelvenster Lagen).
  2. Selecteer Nieuwe vulling toevoegen of Nieuwe lijn toevoegen in het menu van het deelvenster Vormgeving. Of selecteer een vulling of lijn in het deelvenster Vormgeving en klik op de knop Geselecteerd item dupliceren .
  3. Stel de kleur en andere eigenschappen in voor de nieuwe vulling of lijn.

    Opmerking:

    Het kan zijn dat u de positie van de nieuwe vulling of lijn moet aanpassen in het deelvenster Vormgeving. Als u bijvoorbeeld twee lijnen met verschillende diktes maakt, moet u erop letten dat in het deelvenster Vormgeving de smallere lijn boven de bredere lijn staat.

Een vulling of lijn van een object verwijderen

  1. Selecteer het object.

  2. Klik op het vak Vulling of het vak Lijn in het deelvenster Tools om aan te geven of u de vulling of de lijn van het object wilt verwijderen.

  3. Klik op de knop Geen in het deelvenster Tools, Kleur of Stalen.

    Opmerking:

    U kunt ook op het pictogram Geen in het menuVullenop het menu Lijnkleur klikken in het deelvenster Eigenschappen of Beheer.

    De vakken Vulling en Lijn
    A. Een vul- en lijnkleur toepassen B. Een lijn van een object verwijderen C. Een vulling van een object verwijderen 

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid