Tekensets en alternatieve glyphs

Lettertypen bevatten veel meer tekens dan de tekens die u op uw toetsenbord ziet. Afhankelijk van het lettertype kunnen deze tekens ligaturen, breuken, sierletters, ornamenten, rangtelwoorden, titels en stilistische alternatieven, verhoogde en verlaagde tekens, oude stijlfiguren en uitlijningsgetallen bevatten. Een glyph is een bepaalde verschijningsvorm van een teken. Zo is in bepaalde lettertypen de hoofdletter A beschikbaar in verschillende vormen, zoals een sierletter of een kleinkapitaal.

Alternatieve glyphs kunt u op drie manieren invoegen:

  • In het menu Selectie in context kunt u glyphs weergeven en invoegen die voor een geselecteerd teken beschikbaar zijn.
  • Met het deelvenster Glyphs kunt u glyphs van elk lettertype weergeven en invoegen.
  • Met het deelvenster OpenType kunt u regels voor het gebruik van glyphs instellen. U kunt bijvoorbeeld opgeven dat u in een bepaald tekstblok ligaturen, titeltekens en breuken wilt gebruiken. Het gebruik van het deelvenster OpenType is eenvoudiger dan de glyphs één voor één invoeren, en zorgt voor een consistenter resultaat. U kunt het deelvenster echter alleen voor OpenType-lettertypen gebruiken.

Een teken vervangen door een alternatieve glyph op het canvas

Geïntroduceerd in de Illustrator CC 2017-versie

Als u een tekstobject bewerkt, kunt u een teken selecteren om snel de alternatieve glyphs te bekijken in een contextmenu ernaast. Klik op de alternatieve glyph om het teken te vervangen door de glyph.

special-character_1
Alternatieve glyphs in het contextmenu

Opmerking:

In Illustrator worden maximaal vijf alternatieve glyphs voor een geselecteerd teken op het canvas weergegeven. Als er meer dan vijf alternatieven beschikbaar zijn, ziet u in Illustrator het pictogram  rechts naast de getoonde alternatieve glypghs. Klik op het pictogram   om het deelvenster Glyphs te openen en meer alternatieven te bekijken.

Overzicht van het deelvenster Glyphs

U kunt het deelvenster Glyphs (Venster > Tekst > Glyphs) gebruiken om de glyphs van een lettertype weer te geven en om bepaalde glyphs in uw document te plaatsen.

Standaard bevat het deelvenster Glyphs alle glyphs voor het huidige geselecteerde lettertype. Als u het lettertype wilt wijzigen, selecteert u onder in het deelvenster een andere lettertypefamilie en -stijl. Als er tekens in het document zijn geselecteerd, kunt u alternatieve tekens weergeven door Alternatieven voor huidige selectie te kiezen in het menu Tonen boven in het deelvenster.

Deelvenster Glyphs
Deelvenster Glyphs

A. Menu Tonen B. Lettertypefamilie C. Lettertypestijl D. Zoomknoppen 

Wanneer u een OpenType-lettertype kiest in het deelvenster Glyphs, kunt u de weergegeven glyphs tot bepaalde soorten beperken door een categorie te kiezen in het menu Tonen. U kunt ook een pop‑upmenu met alternatieve glyphs weergeven door op het driehoekje rechts onder in het vak met glyphs te klikken.

Pop‑upmenu voor alternatieve glyphs
Pop‑upmenu voor alternatieve glyphs

Een teken invoegen of vervangen met het deelvenster Glyphs

  1. Om een teken in te voegen klikt u met een teksttool om het invoegpunt daar te plaatsen waar u het teken wilt invoegen en dubbelklikt u op het teken dat u wilt invoegen in het deelvenster Glyphs.
  2. Om een teken te vervangen kiest u Alternatieven voor huidige selectie in het pop-upmenu Tonen en selecteert u een teken in uw document met het teksttool. Dubbelklik op een glyph in het deelvenster Glyphs, als er één beschikbaar is.

    Opmerking:

    Er zijn nog meer vervangingsopties beschikbaar voor Aziatische glyphs.

Overzicht van het deelvenster OpenType

U kunt het deelvenster OpenType (Venster > Tekst > OpenType) gebruiken om op te geven hoe u alternatieve tekens wilt toepassen in OpenType-lettertypen. U kunt bijvoorbeeld opgeven of u standaardligaturen in nieuwe of bestaande tekst wilt gebruiken.

Houd er rekening mee dat de hoeveelheid kenmerken van OpenType-lettertypen sterk kan variëren. Niet alle opties van het deelvenster OpenType zijn in elk lettertype beschikbaar. U kunt de tekens van een lettertype weergeven in het deelvenster Glyphs.

Deelvenster OpenType
Deelvenster OpenType

A. Standaardligaturen B. Contextafhankelijke alternatieven C. Handmatige ligaturen D. Sierletter E. Stijlalternatieven F. Alternatieven voor titelformaat G. Rangtelwoorden H. Breuken I. Stilistische sets J. Deelvenstermenu K. Cijferstijl L. Tekenpositie 

Opmerking:

Voor Aziatische OpenType-lettertypen zijn mogelijk extra functies beschikbaar.

Via het menu van het deelvenster OpenType, in de rechterbovenhoek van het deelvenster, krijgt u toegang tot extra opdrachten en opties. 

Alternatieve glyphs markeren in de tekst

  1. Kies Bestand > Documentinstellingen.
  2. Selecteer Vervangen glyphs markeren en klik op OK. Vervangen glyphs in de tekst worden gemarkeerd.

Ligaturen en contextafhankelijke alternatieven gebruiken

Ligaturen zijn typografische vervangingstekens voor bepaalde lettercombinaties. De meeste lettertypen bevatten ligaturen voor standaardlettercombinaties als fi, fl, ff, ffi en ffl. Daarnaast bevatten sommige lettertypen handmatige ligaturen voor lettercombinaties als ct, st en ft. Hoewel het lijkt alsof de tekens van ligaturen zijn gecombineerd, kunnen de afzonderlijke tekens zonder problemen worden bewerkt en wordt de spellingcontrole op de normale manier uitgevoerd.

Contextafhankelijke alternatieven zijn alternatieve tekens die in bepaalde scriptlettertypen voorkomen om het aan elkaar schrijven van letters te verzorgen. Als u bijvoorbeeld Caflisch Script Pro gebruikt en contextuele alternatieven hebt ingeschakeld, worden de letters 'bl' in het woord 'bloem' samengevoegd zodat het lijkt alsof ze met de hand geschreven zijn.

  1. Selecteer de tekens of tekstobjecten waarop u de instelling wilt toepassen. Als u geen tekst selecteert, wordt de instelling toegepast op nieuwe tekst.
  2. Zorg ervoor dat een OpenType-lettertype is geselecteerd.
  3. Voer in het deelvenster OpenType een van de volgende handelingen uit:
    • Klik op de knop Standaardligaturen om ligaturen voor standaardlettercombinaties (zoals fi, fl, ff, ffi en ffl) in of uit te schakelen.

    • Klik op de knop Handmatige ligaturen om optionele ligaturen in of uit te schakelen (mits deze beschikbaar zijn in het huidige lettertype).

    • Klik op de knop Contextafhankelijke alternatieven om contextafhankelijke ligaturen in of uit te schakelen (mits deze beschikbaar zijn in het huidige lettertype).

Stilistische sets gebruiken

Een stilistische set is een groep met glyph-alternatieven die kan worden toegepast op een geselecteerd tekstblok. Wanneer u een stilistische set toepast, vervangen de in de set gedefinieerde glyphs de standaard glyphs van het lettertype in de geselecteerde tekst. De naam die de ontwikkelaar van het lettertype aan de stilistische set heeft gegeven, wordt weergegeven op verschillende plaatsen in Illustrator. Voor sommige lettertypen geeft Illustrator de namen van de stilistische sets weer als Set 1, Set 2 enzovoort. U kunt meerdere stilistische sets op een stuk tekst toepassen.

stylistic-set_open-type-bar
  1. Selecteer het tekstblok of het tekstbereik waarop u een stilistische set wilt toepassen.

  2. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Kies VensterTekstOpenType om het deelvenster OpenType te openen. Voer nu een van de volgende stappen uit:
      • Klik op het pictogram Stilistische sets () onder aan het deelvenster en kies de gewenste set.
      • Selecteer Stilistische sets in het deelvenstermenu en kies de gewenste set.
    OpenType-panel--stylistic-sets
    Stilistische sets toepassen met het deelvenster OpenType

    A. Op het pictogram onder in het deelvenster klikken B. De gewenste stilistische set in het deelvenstermenu kiezen 
    • Kies Tekst > Glyphs om het deelvenster Glyphs te openen. Kies een stilistische set in de vervolgkeuzelijst Tonen in het deelvenster Glyphs.
    Glyphs-panel_stylistic-sets
    Stilistische sets toepassen met het deelvenster Glyphs

Opmerking:

U kunt de stilistische set die u op een tekstbereik hebt toegepast, verwijderen door de selectie hiervan op te heffen in het deelvenster OpenType of het deelvenster Glyphs.

Stilistische sets toevoegen aan een teken- of alineastijl

  1. Kies VensterTekstTekenstijlen/Alineastijlen om het deelvenster Tekenstijlen of het deelvenster Alineastijlen te openen.

  2. Kies de optie Nieuwe tekenstijl/Nieuwe alineastijl in het deelvenstermenu.

  3. Selecteer het tabblad OpenType-kenmerken aan de linkerkant van het dialoogvenster Nieuwe tekenstijl/Nieuwe alineastijl.

  4. Klik op enkies de gewenste stilistische sets in de lijst.

    Character-panel--stylistic-sets
    Stilistische sets toevoegen aan een tekenstijl
  5. Klik op OK.

Sierletters, alternatieven voor titelformaat of stijlalternatieven gebruiken

Veel OpenType-lettertypen bevatten gestileerde tekens waarmee u decoratieve elementen kunt toevoegen aan tekst. Sierletters zijn tekens met extra uithalen. Alternatieven voor titelformaat zijn tekens (doorgaans in hoofdletters) die speciaal zijn ontworpen voor tekst met een grote tekengrootte, zoals titels. Stijlalternatieven zijn gestileerde tekens die om esthetische redenen worden gebruikt.

  1. Selecteer de tekens of tekstobjecten waarop u de instelling wilt toepassen. Als u geen tekst selecteert, wordt de instelling toegepast op nieuwe tekst.
  2. Zorg ervoor dat een OpenType-lettertype is geselecteerd.
  3. Voer in het deelvenster OpenType een van de volgende handelingen uit:
    • Klik op de knop Sierletter om sierletters in of uit te schakelen (mits deze beschikbaar zijn in het huidige lettertype).

    • Klik op de knop Stijlalternatieven om stijlalternatieven in of uit te schakelen (mits deze beschikbaar zijn in het huidige lettertype).

    • Klik op de knop Alternatieven voor titelformaat om alternatieven voor het titelformaat in of uit te schakelen (mits deze beschikbaar zijn in het huidige lettertype).

Symbolen, afbreekstreepjes, streepjes en aanhalingstekens invoegen

Geïntroduceerd in Adobe Illustrator CC 2017

  1. Plaats de invoegpositie op de plaats waar u een teken wilt invoegen met de tool Tekst.

  2. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Kies Tekst > Speciaal teken invoegen.
    • Klik met de rechtermuisknop en kies Speciaal teken invoegen in het contextmenu.
  3. Kies een van de volgende opties: Symbolen, Afbreekstreepjes en streepjes of Aanhalingstekens. 

  4. Kies het gewenste teken uit de vele opties die Illustrator biedt.

Spatietekens invoegen

Geïntroduceerd in Adobe Illustrator CC 2017

  1. Plaats de invoegpositie op de plaats waar u een spatieteken wilt invoegen met de tool Tekst.

  2. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Kies Tekst > Spatieteken invoegen
    • Klik met de rechtermuisknop en kies Spatieteken invoegen in het contextmenu.
  3. Kies een van de volgende opties:

    Em-spatie

    De spatie is even breed als de tekst. In bijvoorbeeld 12‑punts tekst is een em‑spatie dus 12 punten breed.

    En-spatie

    De spatie is half zo breed als een em‑spatie. In bijvoorbeeld 12‑punts tekst is een en‑spatie dus 6 punten breed.

    Haarfijne spatie

    De spatie is zo breed als een vierentwintigste deel van een em‑spatie. In bijvoorbeeld 12‑punts tekst is een haarfijne spatie dus 0,5 punten breed.

    Dunne spatie

    De spatie is zo breed als een achtste deel van een em‑spatie. In bijvoorbeeld 12‑punts tekst is een dunne spatie dus 1,5 punten breed.

Opmerking:

Er worden symbolen weergegeven voor de spatietekens wanneer u Tekst > Verborgen tekens tonen kiest.

Een afbrekingsteken invoegen

Geïntroduceerd in Adobe Illustrator CC 2017

U kunt een afbrekingsteken invoegen om een nieuwe regel te beginnen zonder een nieuwe alinea te beginnen.

  1. Plaats de invoegpositie op de plaats waar u het afbrekingsteken wilt invoegen met de tool Tekst.

  2. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Kies Tekst > Afbrekingsteken invoegen > Geforceerd regeleinde.
    • Klik met de rechtermuisknop en kies Afbrekingsteken invoegen > Geforceerd regeleinde.

Als u een afbrekingsteken wilt verwijderen, kiest u Tekst > Verborgen tekens tonen om de niet-afdrukbare tekens weer te geven. U kunt het afbrekingsteken vervolgens selecteren en verwijderen.

Niet-afdrukbare tekens tonen of verbergen

Niet-afdrukbare tekens zijn onder meer handmatige en automatische regeleinden, tabs, spaties, vaste spaties, double-bytetekens (inclusief spaties), harde afbreekstreepjes en het teken voor het einde van de tekst.

Als u de tekens wilt weergeven terwijl u tekst opmaakt en bewerkt, kiest u Tekst > Verborgen tekens tonen. Een vinkje geeft aan dat de niet-afdrukbare tekens worden weergegeven.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid