Wanneer u werkt in een omgeving waar meerdere mensen samenwerken, kunt u een cache delen met andere Bridge-gebruikers, waardoor zij de gedeelde cache kunnen gebruiken in de plaats van een nieuwe cache te maken.

Een gebruiker van Adobe Bridge kan de cache naar een gedeelde map exporteren en andere gebruikers kunnen een kopie van de gedeelde cache naar hun lokale systeem importeren. Omdat de systemen worden gesynchroniseerd, kunt u door uw cache op een centrale plek te beheren de geëxporteerde cache opnieuw gebruiken, zonder dat op verschillende apparaten van gebruikers een nieuwe cache moet worden gemaakt.

Het delen van de cache biedt de volgende voordelen:

  • Verbetert de prestaties doordat cache-items sneller kunnen worden doorzocht, gevonden en gefilterd
  • Voorkomt de noodzaak om de cache weer op te bouwen en slaat de manier waarop de cache wordt gegenereerd op voor toekomstig gebruik
updatedartboard_2
Delen van cache in een omgeving waar meerdere mensen samenwerken

Voor meer informatie over de cache-voorkeuren, zie Werken met Adobe Bridge-cache.

Een gedeelde cache maken en beheren

Om de cache te maken en te beheren voor een map die u met meerdere gebruikers wilt delen, kiest u Extra > Cache beheren. Het dialoogvenster Cache beheren wordt weergegeven.

ManageCache_1

In het dialoogvenster Cache beheren gaat u als volgt te werk:

  1. Selecteer Cache opbouwen en exporteren voor map 'geselecteerde mapnaam' en alle onderliggende mappen om de cache voor de geselecteerde map en submappen te maken. Deze optie is standaard geselecteerd.

    Opmerking: Het toegangsniveau voor elke map wordt in acht genomen terwijl de cache wordt aangemaakt.

    • Selecteer 100% voorvertoningen opbouwen om volledige voorvertoningen van afbeeldingen in de cache te maken. Deze optie is standaard uitgeschakeld.

    Tip: Het wordt aangeraden om de optie '100% voorvertoningen opbouwen' te selecteren als u vaak werkt met uitvergrote en ingezoomde afbeeldingen. Houd er echter rekening mee dat dit meer schijfruimte verbruikt en dat de verwerkingstijd aanzienlijk langer wordt.

    • Klik op OK.
  2. Als u de cache uit een specifieke gedeelde map wilt importeren, selecteert u Cache importeren. Klik op Volgende en kies een gedeelde map waaruit u de cache wilt importeren.

    Wanneer u door een map bladert die een gedeelde cache bevat, downloadt Bridge standaard automatisch de cache op uw computer. Om deze automatische importfunctie uit te schakelen, deselecteert u de optie Indien mogelijk cache automatisch importeren uit mappen door Bewerken > Voorkeuren > Cache te kiezen.

    Cache_autoImport
  3. Selecteer Cache opschonen om de cache te verwijderen. U kunt deze optie gebruiken als u vermoedt dat de cache voor een map oud is en opnieuw moet worden gegenereerd (miniaturen en metagegevens worden bijvoorbeeld niet bijgewerkt).

    • Selecteer Alle bestanden in lokale cache verwijderen om alle cachebestanden op uw computer te verwijderen. Deze optie is standaard geselecteerd. Als u op Volgende klikt, krijgt u de vraag of u de actie wilt bevestigen.
    ManageCache_purge
    • Selecteer Cache van een specifieke locatie leegmaken als u cachebestanden selectief wilt verwijderen van een bepaalde locatie. Klik op Volgende en kies de locatie waaruit u de bestanden wilt verwijderen. Er verschijnt een waarschuwingsvenster als de door u gewenste locatie voor het verwijderen van cachebestanden een map is met geëxporteerde cache. Selecteer een van de volgende opties in het venster:
      • Alleen mijn cache leegmaken: Verwijdert alleen de lokale kopie van cachebestanden. De gedeelde cachebestanden worden niet aangetast. 
      • Cache leegmaken voor alle gebruikers: Verwijdert zowel de gedeelde cachebestanden als de lokale kopieën van cachebestanden.
    • Selecteer Inclusief submappen om de cachebestanden in submappen te verwijderen.
    • Klik op Doorgaan.
    Purge_cache
    • Er verschijnt een waarschuwingsvenster als de door u gewenste locatie voor het verwijderen van cachebestanden geen geëxporteerde cache heeft.
      • Selecteer Inclusief submappen om de cachebestanden in submappen te verwijderen.
      • Klik op Annuleren om dit dialoogvenster te sluiten.
      • Klik op Doorgaan om de lokale cache te verwijderen.
    ManageCache_warning

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid