Gezichtskenmerken aanpassen

Geïntroduceerd in Photoshop Elements 15

Bij de workflow Gezichtskenmerken aanpassen wordt gebruikgemaakt van gezichtsdetectietechnologie voor het vaststellen en aanpassen van gezichtskenmerken van de personen in een foto. U kunt een portretfoto maken en vervolgens gezichtskenmerken zoals de kaaklijn, neus, lippen en ogen aanpassen met gebruiksvriendelijke schuifregelaars om een effect te versterken of te verzwakken.

  1. Open een foto in Photoshop Elements.

    Opmerking:

    U bereikt de beste resultaten met Gezichtskenmerken aanpassen als de foto die u gebruikt een of meerdere gezichten bevat.

  2. Klik op Verbeteren > Gezichtskenmerken aanpassen.

  3. In het dialoogvenster Gezichtskenmerken aanpassen ziet u dat het gezicht van de persoon is voorzien van een cirkelvormige markering. Hiermee wordt aangegeven dat de gezichtsdetectiefunctie een gezicht in de foto heeft gevonden.

    Opmerking:

    Meerdere gezichten in de afbeelding? Als de foto meer dan één gezicht bevat, ziet u meerdere cirkelvormige markeringen die aangeven waar Photoshop Elements gezichten heeft herkend. Klik op een cirkel of een gezicht om de kenmerken van dat gezicht aan te passen.  

    Gezichtskenmerken aanpassen
    Een gezicht selecteren en de gezichtskenmerken van een persoon aanpassen

  4. U kunt de volgende kenmerken van een geselecteerd gezicht aanpassen met de beschikbare schuifregelaars:

    Gezichtskenmerk

    Eigenschappen 

    Lippen Glimlach, hoogte, breedte, bovenlip, onderlip
    Ogen Hoogte, breedte, grootte, hoek, afstand
    Neus Hoogte, breedte
    Gezicht Breedte, hoogte van voorhoofd, kaaklijn, kinhoogte

    Opmerking:

    Klik op de schakelknop Voor/Na om de wijzigingen te controleren nadat u de schuifregelaars naar links of rechts hebt verplaatst.

    Gezichtskenmerken aanpassen
    Verplaats de schuifregelaars om effectwijzigingen op het gezicht toe te passen.

  5. (Optioneel) Als u de bewerkingen van een specifieke eigenschap wilt herstellen, dubbelklikt u op de schuifregelaar. De wijzigingen voor de desbetreffende eigenschap worden dan geannuleerd.  

  6. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Klik op Herstellen om de reeks wijzigingen voor de gezichtskenmerken te annuleren.
    • Klik op OK om de wijzigingen van de gezichtskenmerken toe te passen.

Rode ogen nauwkeurig verwijderen

Rode ogen is een veelvoorkomend probleem dat optreedt wanneer het netvlies van het onderwerp van uw foto door de flitser van de camera wordt belicht. U ziet dit vooral bij foto's die zijn genomen in een donkere ruimte, omdat de iris dan vergroot is. U voorkomt rode ogen door de camerafunctie voor het verminderen van rode ogen (indien beschikbaar) te gebruiken.

Opmerking:

Bij het importeren van foto's naar de Elements Organizer kunnen rode ogen automatisch worden gecorrigeerd als de optie Rode ogen automatisch corrigeren in het dialoogvenster Foto's ophalen is ingeschakeld. Ook kunt u de rode ogen corrigeren in foto's die in de Fotobrowser zijn geselecteerd.

Rode ogen verwijderen
U corrigeert rode ogen door het oog te selecteren (boven) of door te klikken op het oog (midden).

  1. Als u rode ogen handmatig wilt corrigeren, selecteert u de tool Rode ogen verwijderen  in de modus Snel of Expert. 

  2. Stel in de balk met toolopties de schuifregelaars Pupilgrootte en Hoeveel donkerder in.

  3. Voer een van de volgende bewerkingen op de foto uit:

    • Klik op een rood gedeelte van een oog.
    • Teken een selectie over het ooggebied.

    Wanneer u de muisknop loslaat, zijn de ogen niet meer rood.

    Opmerking:

    U kunt rode ogen ook automatisch corrigeren door te klikken op Automatisch corrigeren in de optiebalk voor de tool Oog.

Het dierenogeneffect verwijderen

Met de tool Oog kunt u de rode gloed in de ogen verwijderen die ontstaat doordat licht wordt gereflecteerd (als gevolg van laag omgevingslicht of het gebruik van een flitser). Voor dieren geldt dat de ogen een witte, groene, rode of gele gloed kunnen hebben. Met de veelgebruikte tools voor het verwijderen van rode ogen kunt u dit effect mogelijk niet goed corrigeren.

Dierenogeneffect verwijderen
Golden retriever met het dierenogeneffect (links) en na toepassing van de tool Dierenogen (rechts)

Het dierenogeneffect corrigeren:

  1. Selecteer in de modus Snel of Expert de tool Oog.

  2. Schakel op de balk met toolopties het selectievakje Dierenogen in.

    Het deelvenster met opties van de tool Rode ogen verwijderen
  3. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Teken een rechthoek rondom de ogen.
    • Klik op het oog in de afbeelding.

    Opmerking:

    Wanneer u het selectievakje Dierenogen selecteert, wordt de knop Automatisch corrigeren uitgeschakeld.

Dichte ogen openen

Verbeterd in Photoshop Elements 2019

Met de functie Dichte ogen openen kunt u gesloten ogen in uw foto's openen. U kunt de ogen van iemand openen door de ogen uit een andere foto op uw computer of uit de Elements Organizer-catalogus te gebruiken.

  1. Open een foto in Photoshop Elements.

  2. Voer in de modus Snel of Expert een van de volgende handelingen uit:

    • Selecteer de tool Oog  en klik op de knop Dichte ogen openen in de optiebalk voor de tool. 
    • Selecteer Verbeteren > Dichte ogen openen.

    In het dialoogvenster Dichte ogen openen kunt u zien dat het gezicht van de persoon is voorzien van een cirkelvormige markering. Hiermee wordt aangegeven dat de gezichtsdetectiefunctie een gezicht in de foto heeft gevonden.

  3. (Optioneel) Er worden een paar voorbeelden weergegeven in de lijst Probeer voorbeeldogen. U kunt een gezicht kiezen dat nauw aansluit bij de hoofdfoto. Photoshop Elements gebruikt het geselecteerde gezicht om de dichte ogen in de hoofdfoto te vervangen.  

  4. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Klik op Computer om een bronfoto op uw computer te selecteren.
    • Klik op Organizer om een bronfoto uit de Elements Organizer te selecteren.
    • Klik op het Fotovak om een van de momenteel geopende bestanden als bronfoto te selecteren.  

    Opmerking:

    U kunt desgewenst meerdere bronfoto's selecteren. Photoshop Elements gebruikt gezichten uit deze bronfoto's om de dichte ogen op de hoofdfoto te vervangen. U kunt experimenteren met verschillende ogen voor het beste resultaat.

  5. Selecteer een gezicht in de hoofdfoto waarin u ogen wilt openen en klik vervolgens op een van de gezichten in de bronfoto's. Probeer verschillende gezichten uit voor het beste resultaat.

    Opmerking:

    Als de bronfoto een andere huidskleur heeft, stemt Photoshop Elements de huidskleur rond de ogen af op de hoofdfoto.  

  6. (Optioneel) Klik op Voor/Na om het resultaat te vergelijken met de originele foto.

  7. (Optioneel) Klik op Opnieuw instellen als u niet tevreden bent met het resultaat. U kunt het met een andere bronfoto proberen voor een beter resultaat.

  8. Klik op OK.

  9. Sla de foto met de wijzigingen op.

Objecten verplaatsen en de positie ervan wijzigen  

Met de tool Verplaatsen met behoud van inhoud kunt u een object in uw foto selecteren en de selectie naar een andere locatie verplaatsen of deze uitbreiden.

Objecten verplaatsen en de positie ervan wijzigen
De originele foto (links); de vlieger is verplaatst en bevindt zich nu dichter bij de grond (midden); de vlieger is verplaatst en bevindt zich nu hoger in de lucht (rechts).

  1. Selecteer de tool Verplaatsen met behoud van inhoud .

  2. Kies een modus om op te geven of u een object wilt verplaatsen of een kopie van het object wilt maken.

    Verplaatsen

    Hiermee kunt u objecten naar een andere locatie in de afbeelding verplaatsen.  

    Uitbreiden

    Hiermee kunt u het object meerdere malen repliceren.

  3. Kies het type selectie dat u wilt maken:

    Nieuw

    Sleep met de muis om het object heen dat u wilt verplaatsen of uitbreiden, als u een nieuwe selectie wilt maken.

    Toevoegen

    Elke selectie die u maakt, wordt toegevoegd aan de vorige selectie.

    Verwijderen

    Wanneer u een nieuwe selectie maakt over een bestaande selectie heen, wordt het overlappende gedeelte verwijderd uit de resulterende selectie.

    Doorsnede

    Wanneer u een nieuwe selectie maakt over een bestaande selectie heen, blijft alleen het gemeenschappelijke gebied geselecteerd waarin de oude en nieuwe selectie elkaar overlappen.

  4. Sleep de muisaanwijzer () over de afbeelding en selecteer het object dat u wilt verplaatsen of uitbreiden.

    De tool Verplaatsen met behoud van inhoud
    Sleep de muis rond het object dat u wilt selecteren

  5. Als u een selectie hebt gemaakt, verplaatst u het object naar een nieuwe locatie. Als u dit wilt doen, klikt en sleept u het object naar een nieuwe positie.

    Het gebied waaruit de selectie wordt verplaatst, wordt automatisch gevuld op basis van de afbeeldingsinhoud om het gebied heen.

  6. Transformeer uw selectie op de nieuwe locatie. Klik op een van de volgende opties:

    • Roteren  Hiermee kunt u de selectie onder een andere hoek in de afbeelding roteren.
    • Schalen  Hiermee kunt u de grootte van de selectie aanpassen.
    • Schuintrekken  Hiermee kunt u het perspectief van de selectie in de afbeelding wijzigen.
  7. Als het automatisch gevulde gebied niet correct wordt weergegeven, schakelt u het selectievakje Monster nemen van alle lagen in en verschuift u de schuifregelaar Retoucheren.

Vlekken en ongewenste objecten verwijderen

Photoshop Elements bevat diverse tools waarmee u kleine onvolkomenheden, zoals vlekken of ongewenste objecten, uit uw afbeeldingen kunt verwijderen.

Vlekken en kleine onvolkomenheden verwijderen

Met het Snel retoucheerpenseel verwijdert u snel vlekken en andere onvolkomenheden uit uw foto's. Klik eenmaal op een vlek of sleep om onvolkomenheden in een gebied weg te halen.

Snel retoucheerpenseel
U verwijdert vlekken of onvolkomenheden in een handomdraai met de tool Snel retoucheerpenseel.

  1. Selecteer de tool Snel retoucheerpenseel  .

  2. Kies een penseelgrootte. Een penseel dat iets groter is dan het gebied dat u wilt corrigeren, is het meest geschikt. U kunt dan het hele gebied met één klik bedekken.
  3. Kies op de balk met toolopties een van de volgende retoucheeropties:

    Afstemmen op omgeving

    Bij deze methode worden de pixels langs de rand van de selectie gebruikt om te zoeken naar een gedeelte dat kan worden gebruikt voor het herstellen van het geselecteerde gedeelte. Als deze optie geen afdoende oplossing biedt, kiest u Bewerken > Ongedaan maken en probeert u de optie Structuur maken.

    Structuur maken

    Hierbij worden alle pixels in de selectie gebruikt om een structuur te maken voor het corrigeren van het gebied. Als de structuur niet werkt, probeert u nogmaals door het gebied te slepen.

    Opmerking:

    Klik op Monster nemen van alle lagen om de wijziging toe te passen op alle lagen van de afbeelding.

  4. Klik op het gedeelte van de foto dat u wilt herstellen, of klik en sleep over een groter gebied.

Ongewenste objecten verwijderen via retoucheren, waarbij de inhoud behouden blijft

U kunt ongewenste objecten of figuren uit uw foto's verwijderen zonder de foto's te verknoeien. Gebruik de optie Inhoud behouden met de tool Snel retoucheerpenseel om geselecteerde objecten uit een foto te verwijderen. Photoshop Elements vergelijkt de nabijgelegen inhoud van de afbeelding om de selectie naadloos te vullen, waardoor belangrijke details zoals schaduwen en randen van objecten op realistische wijze behouden blijven.

Ongewenste objecten verwijderen
Afbeelding voor- en nadat het ongewenste object (de bezem) is verwijderd met gebruik van de optie voor vullen met behoud van inhoud.

Ga als volgt te werk om een ongewenst object te verwijderen:

  1. Selecteer de tool Snel retoucheerpenseel  .

  2. Selecteer Inhoud behouden op de balk met toolopties.

  3. Teken over het object dat u uit de afbeelding wilt verwijderen.

Het retoucheerpenseel werkt het beste op kleine objecten. Als de afbeelding die u bewerkt, groot is en een groot ongewenst object bevat, is het raadzaam hiervoor een krachtige computer te gebruiken. U kunt de Systeemvereisten voor Photoshop Elements raadplegen voor informatie over de aanbevolen computerconfiguratie.

Als u problemen ondervindt met grote afbeeldingen, kunt u de volgende handelswijzen toepassen:

  • Teken met kleinere penseelstreken.
  • Verlaag het aantal pixels in de afbeelding.
  • Verhoog het toegewezen RAM en start de toepassing opnieuw op.

Grote onvolkomenheden corrigeren

Met het Retoucheerpenseel corrigeert u grote gebieden met onvolkomenheden door eroverheen te slepen. U kunt met dit penseel ook tegen een uniforme achtergrond geplaatste objecten verwijderen, zoals een object in een grasveld.

De tool Retoucheerpenseel
Voor en na het toepassen van het retoucheerpenseel.

  1. Selecteer de tool Retoucheerpenseel .

  2. Kies een penseelgrootte op de balk met toolopties en stel opties voor het retoucheerpenseel in.

    Modus

    Hiermee bepaalt u hoe de bron of het patroon wordt gemengd met bestaande pixels. Met Normaal worden nieuwe pixels over de oorspronkelijke pixels heen gelegd. Bij Vervangen blijven de filmkorrel en de structuur aan de randen van de penseelstreek behouden.  

    Bron

    Hiermee stelt u de bron in voor het repareren van de pixels. Met Monster worden pixels uit de huidige afbeelding gebruikt. Met Patroon worden pixels gebruikt uit het patroon dat is opgegeven in het deelvenster Patroon.

    Uitgelijnd

    Hiermee worden doorlopend pixels in een monster opgenomen, zonder dat het huidige monsterpunt verloren gaat, zelfs niet als u de muisknop loslaat. Schakel Uitgelijnd uit als u de pixelmonsters vanaf het eerste monsterpunt steeds wilt hergebruiken als u het tekenen onderbreekt en hervat.

    Monster nemen van alle lagen

    Kies Monster nemen van alle lagen om monsters te nemen van gegevens in de huidige laag, de huidige laag en de onderliggende lagen of alle zichtbare lagen.

  3. Plaats de aanwijzer in een geopende afbeelding en druk op Alt (of Option in Mac OS) terwijl u klikt, om een monster te nemen van gegevens.

    Opmerking:

    Als u pixelmonsters uit de ene afbeelding in een andere wilt toepassen, moeten beide afbeeldingen dezelfde kleurmodus hebben, tenzij een van de afbeeldingen in de grijswaardenmodus staat.

  4. Sleep over de onvolkomenheid in de afbeelding als u bestaande pixels wilt laten samensmelten met de monstergegevens. Telkens als u de muisknop loslaat, smelten de pixelmonsters samen met de bestaande pixels.

    Opmerking:

    Als er een sterk contrast is bij de randen van het gebied dat u wilt retoucheren, maakt u een selectie voordat u het Retoucheerpenseel gebruikt. De selectie moet groter zijn dan het gebied dat u wilt retoucheren, maar nauwkeurig de grenzen van de contrasterende pixels volgen. Als u tekent met het Retoucheerpenseel, voorkomt u met de selectie dat kleuren van buiten naar binnen aflopen.

Cameravervorming corrigeren

In het dialoogvenster Cameravervorming corrigeren kunt u veel voorkomende problemen met betrekking tot lensvervorming oplossen, zoals donkere randen die worden veroorzaakt door lensfouten, of onjuiste lensschaduwen. In een bij weinig licht gemaakte foto van de lucht kan het bijvoorbeeld gebeuren dat de afbeelding in de hoeken donkerder is dan in het midden. Door de instellingen voor vignet en de middentonen te wijzigen corrigeert u deze vervorming.

Vervormingen die te wijten zijn aan een verticaal of horizontaal gekantelde camera corrigeert u met de besturingselementen voor perspectief. Roteer een afbeelding of verbeter het perspectief van de afbeelding om vervormingen te corrigeren. Met het filterafbeeldingsraster voor Cameravervorming corrigeren kunt u eenvoudig en nauwkeurig aanpassingen aanbrengen.

Cameravervorming corrigeren
Cameravervorming corrigeren

  1. Kies Filter > Cameravervorming corrigeren.

  2. Schakel het selectievakje Voorvertoning in.

  3. Stel de volgende opties naar wens in om uw afbeelding te corrigeren en klik op OK:

    Vervorming verwijderen

    Hiermee worden vervormingen als korrelvorming en speldenkusseneffect gecorrigeerd. Typ een nummer in het vak of verplaats de schuifregelaar om de horizontale en verticale lijnen die naar het middelpunt van de afbeelding toe of er juist bij vandaan buigen, recht te trekken.

    Mate van vignet

    Hiermee stelt u de mate in waarin de randen van een afbeelding lichter of donkerder worden gemaakt. Typ een getal in het vak of verplaats de schuifregelaar om de afbeelding geleidelijk donkerder te maken.

    Middelpunt van vignet

    Hiermee geeft u de breedte op van het gebied dat wordt aangepast door de schuifregelaar Hoeveelheid. Verplaats de schuifregelaar of typ een lager getal als u een groter gedeelte van de afbeelding wilt beïnvloeden. Als u een groter getal opgeeft, blijft het effect beperkt tot de randen van de afbeelding.

    Verticaal perspectief

    Hiermee corrigeert u het perspectief van de afbeelding dat is veroorzaakt doordat de camera onder een hoek naar boven of beneden is gehouden. Typ een getal in het vak of gebruik de schuifregelaar om de verticale lijnen in een afbeelding parallel te laten lopen.

    Horizontaal perspectief

    Typ een getal in het vak of gebruik de schuifregelaar om het perspectief te corrigeren door de horizontale lijnen in een afbeelding parallel te laten lopen.

    Hoek

    Hiermee wordt de afbeelding geroteerd om de camerahoek te corrigeren of om na het corrigeren van het perspectief aanpassingen aan te brengen. Typ een getal in het vak of sleep de hoekschijf om de afbeelding linksom of rechtsom te roteren.

    Schaal

    Hiermee past u de afbeeldingsschaal naar boven of beneden aan. De pixelafmetingen van de afbeelding worden niet gewijzigd. Typ een getal in het vak of gebruik de schuifregelaar om lege gebieden uit de afbeelding te verwijderen die zijn veroorzaakt door speldenkussen-, rotatie- of perspectiefcorrecties. Omhoog schalen resulteert in het uitsnijden van de afbeelding en interpolatie tot de oorspronkelijke pixelafmetingen.

    Raster tonen

    Als deze optie is ingeschakeld, wordt het raster getoond. Als deze optie is uitgeschakeld, wordt het raster niet weergegeven.

    Zoomen

    Zoom in voor een gedetailleerdere weergave en zoom uit voor een algemenere weergave.

    Kleur

    Hiermee geeft u de rasterkleur op.

Nevel automatisch verwijderen

Nevel, mist of smog uit een foto verwijderen

U kunt nu het effect van atmosferische omstandigheden of de omgeving op foto's (bijvoorbeeld van landschappen) verwijderen. Met de functie Automatisch nevel verwijderen kunt het maskerende effect van nevel, mist of smog beperken.

De functie Automatisch nevel verwijderen gebruiken:

  1. Open een afbeelding in Photoshop Elements in de modus Snel of Expert.
  2. Open de afbeelding en klik op Verbeteren > Automatisch nevel verwijderen.

De afbeelding wordt verwerkt en de effecten van wolken of mist worden verminderd. Herhaal stap 2 om de foto verder te bewerken.

Opmerking:

Automatisch nevel verwijderen werkt beter bij niet-gecomprimeerde afbeeldingen of Raw-afbeeldingen.  

Nevel handmatig verwijderen

Een alternatief voor het automatisch verwijderen van nevel

Nevel verwijderen
Een foto die onder mistige omstandigheden is genomen

Nevel verwijderen
Foto die is behandeld met Nevel verwijderen, extra belichting en contrastwijzigingen


  1. Open een afbeelding in Photoshop Elements in de weergave Snel of Expert.

  2. Kies Verbeteren > Nevel verwijderen.

  3. Gebruik de schuifregelaars Nevelreductie en Gevoeligheid om de gewenste nevelreductie te bereiken.

    Nevelreductie en Gevoeligheid aanpassen
    Beperkte mate van nevelreductie toegepast

    Nevelreductie en Gevoeligheid aanpassen
    Nevelreductie toegepast totdat de afbeelding helderder werd

    Opmerking:

    Bedenk wel dat wanneer u met de schuifregelaars te veel nevel verwijdert, dit kan resulteren in een afbeelding met een hoog contrast of een afbeelding waarin bestaande kleine onvolkomenheden zijn uitvergroot. Probeer beide schuifregelaars uit totdat u het gewenste resultaat bereikt.

  4. Gebruik de schakelknop Voor/Na om het effect van de nevelreductiefunctie op de foto te bekijken.

  5. Wanneer u klaar bent, klikt u op OK. Klik op Annuleren om de wijzigingen die u met Nevel verwijderen hebt aangebracht te annuleren.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid