Handboek Annuleren

Foto's bewerken in Lightroom voor mobiele apparaten (Android)

  1. Handboek Adobe Lightroom
  2. Inleiding
    1. Nieuw in Lightroom
    2. Systeemvereisten voor Lightroom
    3. Lightroom | Algemene vragen
    4. Lightroom-lesbestanden
    5. Werken met Adobe Photoshop Lightroom voor mobiele apparaten
    6. Voorkeuren instellen
  3. Leren in de app
    1. Leren en inspireren in de app
    2. Leren en inspireren in de app | Lightroom voor mobiele apparaten (iOS)
    3. Leren en inspiratie in de app | Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
  4. Foto's toevoegen, importeren en vastleggen
    1. Foto's toevoegen
    2. Foto's vastleggen met Lightroom voor mobiele apparaten (iOS)
    3. Foto's vastleggen met Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
    4. Foto's importeren in Lightroom voor mobiele apparaten (iOS)
    5. Foto's en video's importeren in Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
  5. Foto's ordenen
    1. Foto's ordenen
    2. Foto's van personen vinden en ordenen in de weergave Personen
    3. Foto's zoeken en indelen in Lightroom voor mobiele apparaten (iOS)
    4. Foto's zoeken en indelen in Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
  6. Foto's bewerken
    1. Foto's bewerken
    2. Maskeren in Lightroom
    3. Foto's bewerken in Lightroom voor mobiele apparaten (iOS)
    4. Foto's bewerken in Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
    5. Foto's samenvoegen tot HDR's, panorama's en HDR-panorama's
    6. Verbeter eenvoudig de afbeeldingskwaliteit in Lightroom
  7. Video's bewerken
    1. Video's bewerken 
    2. Foto's bewerken in Lightroom voor mobiele apparaten (iOS)
    3. Foto's bewerken in Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
  8. Opslaan, delen en exporteren
    1. Uw foto's exporteren of delen
    2. Foto's exporteren en delen in Lightroom voor mobiele apparaten (iOS)
    3. Foto's opslaan, delen en exporteren met Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
  9. Lightroom voor mobiele apparaten, tv en op het web
    1. Aan de slag met Lightroom voor mobiele apparaten (iOS)
    2. Aan de slag met Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
    3. Adobe Photoshop Lightroom op het web
    4. De app Lightroom voor Apple TV installeren
    5. Snelkoppelingen gebruiken in Lightroom voor mobiele apparaten (iOS en Android)
    6. Adobe Photoshop Lightroom voor mobiele apparaten en Apple TV | Veelgestelde vragen
    7. Lightroom-foto's en -video's weergeven op uw tv
    8. Voorinstellingen toevoegen/synchroniseren met mobiele apparaten
  10. Foto's migreren
    1. Apple-fotobibliotheek migreren naar Lightroom
    2. Foto's en video's migreren van Lightroom Classic naar Lightroom
    3. Foto's migreren van Photoshop Elements naar Lightroom

Pas selectieve bewerkingen toe op uw foto's. Verbeter uw foto's met selectieve bewerkingen, kleur- en tintaanpassingen en corrigeer fouten van de cameralens. Werk met voorinstellingen en profielen.

Deelvensters in de loepweergave

Wanneer u een foto opent in de loepweergave, kunt u in de volgende deelvensters werken:

Bewerken

Bewerk de foto handmatig met diverse schuifregelaars, zoals Witbalans, Temperatuur, Belichting en Contrast. Snijd uw foto's uit en pas selectieve bewerkingen toe op specifieke delen van uw foto.

Zie het deelvenster Bewerken voor meer informatie.

Info

Wijzig de titel, het bijschrift en de copyrightgegevens van uw foto's. Classificeer uw foto en markeer de foto met een vlag. Geef de metagegevens weer die aan uw foto zijn gekoppeld. Bekijk de persoonsclusters waar uw foto deel van uit maakt en de trefwoorden die aan de foto zijn gekoppeld. Zie het deelvenster Info voor meer informatie.

Classificeren en beoordelen

Doorloop uw album om uw foto's snel te classificeren en van een vlag te voorzien. Zie het deelvenster Classificeren en beoordelen voor meer informatie.

Activiteit

Plaats en bekijk opmerkingen over uw foto's die deel uitmaken van een gedeeld groepsalbum. Zie het deelvenster Activiteit voor meer informatie.

Vanaf de augustus 2022-versie van de Lightroom-app (versie 7.5) kunt u gebruikmaken van een dynamische en adaptieve schermweergave op apparaten met grote schermen, zoals tablets, Chromebook, opvouwbare schermen en Pixelbook.

adaptief scherm
Gebruikersinterface voor grote schermen (Chromebook/tablet) in Lightroom voor Android

adaptief scherm
Gebruikersinterface voor kleine schermen (mobiel) in Lightroom voor Android.

Selectieve bewerkingen toepassen

Let op:

Vanaf Lightroom voor mobiele apparaten (Android) 7.0 (versie van oktober 2021) zijn de volgende workflows niet langer van toepassing. Zie Maskeren voor gebruik van de nieuwste tools voor lokale aanpassingen.

Met de besturingselementen voor selectieve bewerkingen in het deelvenster Bewerken kunt u correcties in een bepaald gebied van een foto aanbrengen. U kunt bijvoorbeeld een gezicht lichter maken, zodat het beter uitkomt in een portret. Als u lokaal correcties wilt aanbrengen, kunt u aanpassingen aanbrengen met de tool Penseelselectie, de tool Radiale selectie en de tool Lineaire selectie.

  • Met de tool Penseelselectie kunt u specifieke delen van een afbeelding selecteren door er met het penseel overheen te gaan en aanpassingen zoals belichting, scherpte en helderheid op het geselecteerde gebied van de foto aan te brengen.
  • Met de tool Radiale selectie kunt u selectief de belichting, het contrast, de helderheid en andere aspecten in een bepaald gebied van een foto wijzigen. U kunt de vorm en de afmetingen van dat gebied bepalen.
  • Met de tool Linear Selection kunt u deze aanpassingen geleidelijk aanbrengen in een bepaald gebied van een foto. U kunt dit gebied net zo breed of smal maken als u wilt.

Selectieve bewerkingen zijn niet-destructief en worden niet definitief toegepast op de foto.

Vlekken en ongewenste objecten verwijderen

Gebruik de tool Retoucheerpenseel om onnodige vlekken, hoogspanningskabels, mensen, objecten of andere soortgelijke afleidingen uit een foto te verwijderen.

  1. Tik in het deelvenster Bewerken van de loepweergave op het pictogram Retoucheren onderaan het scherm.

  2. Selecteer een van de volgende Retoucheerpenseel-tools:

    Retoucheren: Leent de textuur van het brongebied en past deze aan de kleur en toon van het doelgebied op de foto aan.

    Klonen: Hiermee dupliceert u de pixels van het brongebied in de foto naar het doelgebied.

    Zowel de tool Retoucheren als Klonen brengen de textuur geleend van het brongebied over naar het doelgebied. De tool Retoucheren houdt echter rekening met de kleuren en tinten rond het doelgebied en mengt alles met elkaar. Terwijl de Kloon precies de pixels dupliceert van het brongebied naar het doelgebied.

    Poets over het object in uw foto dat u wilt verwijderen of retoucheren met de tool Retoucheren of Klonen geselecteerd. Nadat u over het object hebt geveegd in uw foto, ziet u twee witte selectiekaders. Een wit selectiekader over het object dat u hebt geschilderd, geeft het doelgebied aan. Een ander wit selectiekader met een pijl die wijst naar het doelgebied geeft het brongebied aan.

    Wijzig zo nodig de grootte, doezelaar of de dekking van de geselecteerde tool Retoucheerpenseel.

    • Grootte. Hiermee geeft u de diameter van de penseelpunt op in pixels.
    • Doezelaar. Hiermee bepaalt u de zachte overgang tussen het penseelgebied en de omringende pixels in het doelgebied.
    • Dekking. Hiermee bepaalt u de dekking van de aanpassing die op het doelgebied is toegepast.
    Als u een mobiel apparaat gebruikt, tikt u op de besturingselementen aan de linkerkant. Vervolgens sleept u omhoog of omlaag op het scherm om de waarde aan te passen. Als u een tablet gebruikt, gebruikt u de schuifregelaars om de waarden aan te passen.
    De tool Retoucheerpenseel gebruiken om het ongewenste object uit de foto te verwijderen
    De tool Retoucheerpenseel gebruiken om het ongewenste object uit de foto te verwijderen (in dit geval de persoon).

    A. Retoucheren B. Klonen C. Grootte D. Doezelaar E. Dekking F. Verwijderen van schijf G. Doelgebied H. Brongebied I. Verberg de besturing op het scherm om fotobewerkingen weer te geven 

  3. Als u het bron- of doelgebied wilt verplaatsen op de foto, sleept u de blauwe pin in het midden van dat gebied.

    Tik op het pictogram () in de rechterbovenhoek om de fotobewerkingen op het volledige scherm weer te geven door de bedieningselementen op het scherm en de witte bron-/doelselectiekaders te verbergen.

    Retoucheeropties

    Houd de blauwe pin in het midden van het doel- of brongebied ingedrukt om het contextmenu Retoucheeropties te openen:

    • Kies Klonen of Retoucheren in het contextmenu om te schakelen tussen de tools.
    • Verwijderen: Hiermee verwijdert u het geselecteerde bron-doelgebiedspaar.
    • Retoucheerpenseel herstellen: Hiermee herstelt en verwijdert u alle aanpassingen die u met de tools Retoucheerpenseel hebt aangebracht.
  4. Druk lang op een foto om een Voor-weergave weer te geven.  

    Tik op het pictogram  om de bewerkingen te bevestigen. 

    Tik op de pictogrammen Ongedaan maken of Opnieuw om de bewerkingen een voor een in voorwaartse of achterwaartse richting te doorlopen.

Foto's uitsnijden

  1. Tik in de loepweergave in het deelvenster Bewerken op het pictogram Uitsnijden onder aan het scherm.

  2. De beschikbare opties voor uitsnijden worden als tegels langs de onderkant van het venster weergegeven. Veeg naar links of rechts om alle tegels te bekijken. Tik op een tegel om de bijbehorende optie toe te passen.

    crop-photos-in-Adobe-Lightroom
    Foto's uitsnijden in Adobe Photoshop Lightroom voor mobiele apparaten (Android)

  3. Voer een van de volgende handelingen uit voor extra opties:

    • Tik op de tegel Aspect ratio (Hoogte-breedteverhouding) om een van de beschikbare hoogte-breedteverhoudingen voor uitsnijden te selecteren.
    • Tik op de tegel Hoogte-breedteverhouding vergrendeld om de foto uit te snijden zonder gebruik te maken van een vooraf ingestelde hoogte-breedteverhouding.
    • Tik op de tegel Automatisch rechttrekken om de foto automatisch recht te trekken.
    • Tik op de tegel Roteren om de foto 90 graden te roteren.
    • Tik op de tegel Horizontaal spiegelen om de foto horizontaal te spiegelen.
      Tik op de tegel Verticaal spiegelen om de foto verticaal te spiegelen.
    • Sleep de randen en hoeken van de hulplijn voor uitsnijden als u de vorm en grootte van de uitsnijding wilt wijzigen.
    • Sleep het uitsnijdwiel om de foto over een bepaalde hoek uit te snijden. U kunt het uitsnijdwiel slepen in het bereik van -45 tot 45 graden.
    • Tik in de hulplijn voor uitsnijden en sleep als u deze wilt verplaatsen.
  4. Tik op het pictogram om de bewerkingen te bevestigen.

Met profielen aan uw foto werken

Met profielen kunt u bepalen hoe kleuren en tinten worden weergegeven in uw foto's. De profielen zijn bedoeld als beginpunt of basis voor het bewerken van afbeeldingen.

Profielen toepassen

Opmerking:

In Lightroom voor mobiele apparaten (Android) 3.5 en Lightroom voor desktop 1.4 (versie van juni 2018) en hoger worden voorinstellingen en profielen (inclusief aangepaste gebruikersvoorinstellingen en profielen van derden) automatisch gesynchroniseerd in Lightroom voor desktop en mobiele apparaten.

De aangepaste gebruikersvoorinstellingen en profielen worden echter niet gesynchroniseerd met Lightroom Classic.

Bij het toepassen van een profiel op uw foto wordt de waarde van andere bewerkingsschuifregelaars niet gewijzigd of overschreven. U kunt uw foto's dus naar wens bewerken en vervolgens een profiel kiezen en toepassen op de bewerkte afbeelding.

Ga als volgt te werk om te bladeren naar profielen en deze toe te passen:

  1. Tik in het deelvenster Bewerken van de loepweergave op het pictogram Profielen onder aan het scherm.

    Zie de screenshots hieronder ter referentie: tik op Adobe Raw om het menu Profielgroepen te openen.

    Naar profielen bladeren en deze toepassen
    Als u op Adobe Raw tikt, wordt het menu voor profielgroepen geopend.

    Een profielgroep kiezen
    Profielgroepen zijn beschikbaar voor RAW-foto's.

    Opmerking:

    Wanneer u foto's importeert, worden de Adobe Color- en de Adobe Monochrome-profielen standaard toegepast op respectievelijk kleurenfoto's en zwart-witfoto's.

  2. Tik om een van de profielgroepen in het menu te kiezen om de beschikbare profielen in die groep te bekijken.

    Favorieten:

    Geeft de profielen weer die u hebt gemarkeerd als favoriet. Zie Een profiel toevoegen aan Favorieten.

    Standaard:

    Deze profielgroep is alleen beschikbaar voor niet-RAW-foto's en biedt twee profielopties: Kleur en Zwart-wit.

    Profielen voor RAW-foto's

    De volgende profielgroepen verschijnen wanneer u een RAW-foto bewerkt.

    Adobe Raw: Adobe Raw-profielen verbeteren de kleurweergave aanzienlijk en bieden een goed uitgangspunt voor het bewerken van RAW-afbeeldingen. Het Adobe Color-kleurprofiel is ontworpen om elke afbeelding een goede kleur- en tintbalans te geven en wordt standaard toegepast op de RAW-foto's die u importeert in Lightroom.

    Camera Matching: Geeft profielen weer op basis van het cameramerk of -model van uw RAW-foto. Gebruik Camera Matching-profielen als u de kleurweergave in uw RAW-bestanden liever wilt laten overeenkomen met wat u ziet op het scherm van uw camera.

    Verouderd: Geeft verouderde profielen uit eerdere versies van de Lightroom-app weer.

    Creatieve profielen voor RAW- en niet-RAW-foto's

    Creatieve profielen werken met elk bestandstype, inclusief RAW-foto's, JPEG en TIFF. Deze profielen zijn ontworpen om een bepaalde stijl of een bepaald effect toe te passen op uw foto.

    Artistiek: Gebruik deze profielen voor een meer opvallende kleurweergave in uw foto, met sterkere kleurverschuivingen.

    Zwart-wit: Gebruik deze profielen voor optimale tintgradaties in zwart-witfoto's.

    Modern: Gebruik deze profielen voor unieke effecten die passen bij moderne fotografische stijlen.

    Vintage: Gebruik deze profielen om de effecten van ouderwetse foto's te repliceren.

    Opmerking:

    Wanneer u een van de profielen Artistiek, Zwart-wit, Modern of Vintage toepast, verschijnt in Lightroom voor mobiele apparaten een extra schuifregelaar Hoeveelheid waarmee u de intensiteit van het profiel kunt instellen.

  3. Wanneer u een van de profielen ArtistiekZwart-witModern of Vintage toepast, verschijnt in Lightroom voor mobiele apparaten een extra schuifregelaar Hoeveelheid waarmee u de intensiteit van het profiel kunt instellen.

    Schuifregelaar Hoeveelheid voor profielen in Lightroom voor Android
    Schuifregelaar Hoeveelheid voor profielen in Lightroom voor Android

  4. U kunt horizontaal naar rechts of links vegen over de profielminiaturen om door alle beschikbare profielen onder een geselecteerde profielgroep te bladeren.

    Tik op een profiel om het toe te passen op uw foto. 

  5. Druk lang op een foto om een Voor-weergave weer te geven.  

    Tik op het pictogram om de bewerkingen te bevestigen.

    Tik op de pictogrammen Ongedaan maken of Opnieuw om de bewerkingen een voor een in voorwaartse of achterwaartse richting te doorlopen.

Een profiel toevoegen aan Favorieten

Houd uw vinger op de miniatuur van een profiel om het desbetreffende profiel toe te voegen aan de profielgroep Favorieten. Als het profiel momenteel is geselecteerd, kunt u ook op het grijze sterretje in de rechterbovenhoek van de profielminiatuur tikken.

Het witte sterpictogram in de rechterbovenhoek van de profielminiatuur geeft aan dat het een favoriet profiel is.

Profielen beheren

Met de optie Profielen beheren toont of verbergt u diverse voorinstellinggroepen die worden weergegeven in het menu Profielen: Adobe Raw, Camera Matching, Verouderd, Artistiek, Zwart wit, Modern, Vintage of andere geïmporteerde profielen.

Met de optie Profielen beheren kunt u ook verouderde Lightroom-profielgroepen weergeven die standaard verborgen zijn.

Voer de onderstaande stappen uit om profielgroepen te tonen/verbergen:

Opmerking:

Uw instellingen om profielgroepen te tonen/verbergen zijn specifiek voor elke computer of apparaat. U kunt bijvoorbeeld profielgroepen verbergen in Lightroom voor mobiele apparaten terwijl ze zichtbaar blijven in Lightroom op andere mobiele/desktop-apparaten, en omgekeerd.  

  1. Tik in het deelvenster Bewerken van de loepweergave op het pictogram Profielen onder aan het scherm.

  2. Tik op de drie puntjes rechtsboven in het pop-upmenu Profielen en kies Profielen beheren.

  3. Schakel in het venster Profielen beheren de profielgroepen in die u wilt weergeven in het menu Profielen. Schakel de profielgroepen uit die u wilt verbergen in het menu Profielen.

    Tik op in de rechterbovenhoek.

In het menu Profielen verschijnen nu alleen die profielgroepen die u hebt ingeschakeld met de optie Profielen beheren.

Profielen importeren van Google Drive en lokale opslag

Voer de volgende stappen uit om dcp- en xmp-profielen in Lightroom te importeren:

  1. Open een foto in de loepweergave. Tik in het scherm Bewerken op het pictogram Profielen in het onderste deelvenster.

  2. Tik op de drie puntjes in de rechterbovenhoek en kies Profielen importeren.

    Profielen importeren
    Het menu met de drie puntjes in Profielen

  3. Tik op de profielen die u van Google Drive of een andere map op uw mobiele telefoon wilt importeren. U kunt afzonderlijke dcp- of xmp-bestanden selecteren. U kunt ook zip-bestanden selecteren die meerdere dcp- en xmp-bestanden bevatten. 

    De geïmporteerde profielen worden weergegeven in het pop-upmenu Profielen

Met voorinstellingen aan uw foto werken

Met een voorinstelling kunt u vooraf de posities van alle of geselecteerde schuifregelaars bepalen en deze toepassen op uw foto. U kunt bovendien een foto precies naar wens bewerken en de exacte combinatie van de posities van schuifregelaars opslaan en toepassen op andere foto's.

Voorinstellingen toepassen

Opmerking:
  • Aanbevolen voorinstellingen zijn beschikbaar vanaf Lightroom voor mobiele apparaten (Android) versie 7.0 (versie van oktober 2021)
  • Premium-voorinstellingen zijn geïntroduceerd in Lightroom voor mobiele apparaten (Android) versie 6.3. Let ook op de nieuwe groepen Premium-voorinstelling en Voorinstelling die zullen worden toegevoegd in toekomstige versies.
  • Voorinstellingen en Profielen in het deelvenster Bewerken hebben onderling gewijzigde posities, te beginnen bij Lightroom voor mobiele apparaten (Android) versie 6.3.
  • In Lightroom voor mobiele apparaten (Android) 3.5 en Lightroom voor desktop 1.4 (versie van juni 2018) en hoger worden voorinstellingen en profielen (inclusief aangepaste gebruikersvoorinstellingen en profielen van derden) automatisch gesynchroniseerd in Lightroom voor desktop en mobiele apparaten. De aangepaste gebruikersvoorinstellingen en profielen worden echter niet gesynchroniseerd met Lightroom Classic.
  1. Tik in de loepweergave in het deelvenster Bewerken op het pictogram Voorinstellingen onder aan het scherm.

  2. Voorinstellingen zijn gegroepeerd in drie tabbladen: AanbevolenPremium, en Van u.

    Open een groep en tik op de voorinstelling om deze toe te passen op de foto.

    Aanbevolen

    Lightroom analyseert uw foto automatisch om op basis van uw foto de beste aanbevelingen te geven. De resultaten kunnen na verloop van tijd veranderen, zelfs voor dezelfde foto. Tik op een van de filteropties, zoals Subtiel, Sterk, Zwart-wit enzovoort, om de voorinstellingen te beperken.

    Premium

    Deze voorinstellingen zijn gecategoriseerd in groepen zoals Portretten, Vintage, Filmisch en meer. Bij elke nieuwe versie van Lightroom worden er meer voorinstellingen aan het bestaande pakket toegevoegd.

    Van u

    Dit zijn de voorinstellingen die u hebt opgeslagen. Er zijn ook voorinstellingen voor categorieën op basis van Kleur, Creatief, Zwart-wit en meer.

    Opmerking:
    • Tik in Aanbevolen voorinstellingen op de miniatuur van een voorinstelling en klik op Meer zoals dit om vergelijkbare voorinstellingen weer te geven. U kunt ook op het pictogram met drie punten in de miniatuur klikken om te zien van wie de voorinstelling afkomstig is, om de auteur te volgen of om de voorinstelling op te slaan.
    • Het is niet mogelijk om zelfgemaakte voorinstellingen van Lightroom Classic over te brengen naar Lightroom voor mobiele apparaten.
    • U hebt een betaald lidmaatschap nodig om toegang te krijgen tot Premium-voorinstellingen. Zie voor informatie over upgraden Upgrade naar een betaald Lightroom-lidmaatschap.
    aanbevolen-voorinstellingen
    Aanbevolen voorinstellingen.

    Premium-voorinstellingen-Lightroom
    Premium-voorinstellingen.

    Van u-voorinstellingen
    Voorinstellingen Van u.

  3. Druk lang op de foto om een Voor-weergave te tonen.

    Tik op het pictogram  om de bewerkingen te bevestigen.

    Tik op de pictogrammen Ongedaan maken of Opnieuw om de bewerkingen één voor één in voorwaartse of achterwaartse richting te doorlopen.

  4. Gebruik de schuifregelaar Hoeveelheid om de intensiteit van de voorinstelling aan te passen. U kunt beginnen bij 0 en doorgaan tot 200.

    Opmerking:

    De optie voor de schuifregelaar Hoeveelheid is momenteel beschikbaar voor sommige Premium-instellingen en voorinstellingen Van u

    preset-amount-slider
    Optie voor de schuifregelaar Hoeveelheid voorinstelling in Lightroom voor Android

    preset-amount-slider
    Schuifregelaar Hoeveelheid in het deelvenster Voorinstellingen

Gebruikersvoorinstellingen maken

Opmerking:

In Lightroom voor mobiele apparaten (Android) 3.5 en Lightroom voor desktop 1.4 (versie van juni 2018) en hoger worden voorinstellingen en profielen (inclusief aangepaste gebruikersvoorinstellingen en profielen van derden) automatisch gesynchroniseerd in Lightroom voor desktop en mobiele apparaten.

De aangepaste gebruikersvoorinstellingen en profielen worden echter niet gesynchroniseerd met Lightroom Classic.

  1. Open een foto in de loepweergave waarvan u een gebruikersvoorinstelling wilt maken. Ga op een van de volgende manieren te werk:

    • Tik in de loepweergave op de drie puntjes in de rechterbovenhoek van het scherm om het optiemenu weer te geven. Kies vervolgens Voorinstelling maken.
    • Tik in de loepweergave in het deelvenster Bewerken op het pictogram Voorinstellingen onderaan het scherm. Tik op de drie puntjes rechtsboven in het pop-upmenu Voorinstellingen en kies Voorinstelling maken.
  2. In het venster Nieuwe voorinstelling geeft u het volgende op:

    Naam voorinstelling: Typ de gewenste naam van de voorinstelling.

    Groep voorinstelling: Standaard worden aangepaste voorinstellingen opgeslagen in de groep Gebruikersvoorinstellingen. U kunt ook een nieuwe groep maken met de optie Nieuwe groep voorinstellingen maken.    

  3. Selecteer nu welke bewerkinstellingen u wilt opslaan als voorinstelling.

    Klik op het pop-upmenu Selecteren en kies een van de volgende opties:

    • Alles: Hiermee selecteert u alle groepen bewerkinstellingen.
    • Standaard: Hiermee selecteert u de standaardset bewerkinstellingen. Instellingen voor Tools en Geometrie worden standaard uitgesloten.
    • Gewijzigd: Hiermee selecteert u de bewerkinstellingen die u hebt toegepast op de geselecteerde foto. Tik op het selectievakje naast de groepen bewerkinstellingen om bepaalde instellingen handmatig in of uit te schakelen.
    • Geen: Hiermee deselecteert u alle bewerkinstellingen.

    Wanneer u de optie Automatisch in het bewerkdeelvenster selecteert, wordt Automatische instellingen ingeschakeld in het pop-upmenu Selecteren voor de opties Standaard en Gewijzigd.

    U kunt ook tikken op het pictogram > om te navigeren in de groep bewerkinstellingen en vervolgens specifieke instellingen in het submenu kiezen. Navigeer bijvoorbeeld binnen de groep Lichtinstellingen en selecteer/ selectie opheffen bepaalde instellingen in het submenu: Belichting, Contrast, Hooglichten, Schaduwen, Witte tinten, Zwarte tinten, Kleurtintcurve.


  4. Na het selecteren van de vereiste bewerkinstellingen tikt u rechtsboven op het vinkje ( ).

    Uw nieuwe voorinstelling is nu beschikbaar in de bibliotheekweergave in het menu Voorinstellingen.

Gebruikersvoorinstelling bijwerken, verplaatsen of verwijderen

  1. Tik in de loepweergave in het deelvenster Bewerken op het pictogram Voorinstellingen onder aan het scherm.

  2. Zoek in het pop-upmenu Voorinstellingen de gebruikersvoorinstelling die u wilt bijwerken, verplaatsen of verwijderen. Tik op de drie puntjes naast die gebruikersvoorinstelling en kies een van de volgende opties:

    Bijwerken: in het scherm Voorinstelling bijwerken wijzigt u de bewerkinstellingen om de gebruikersvoorinstelling op te nemen.

    Klik op het pop-upmenu Selecteren en kies een van de volgende opties:

    • Alles: Hiermee selecteert u alle groepen bewerkinstellingen.
    • Standaard: Hiermee selecteert u de standaardset bewerkinstellingen. Instellingen voor Tools en Geometrie worden standaard uitgesloten.
    • Gewijzigd: Hiermee selecteert u de bewerkinstellingen handmatig. Tik op het selectievakje naast de groepen bewerkinstellingen om bepaalde instellingen handmatig in of uit te schakelen.
    • Geen: Hiermee deselecteert u alle bewerkinstellingen.
    U kunt ook tikken op het pictogram > om te navigeren in de groep bewerkinstellingen en vervolgens specifieke instellingen in het submenu kiezen. Navigeer bijvoorbeeld binnen de groep Lichtinstellingen en selecteer/deselecteer de gewenste instellingen in het submenu: Belichting, Contrast, Hooglichten, Schaduwen, Witte tinten, Zwarte tinten, Kleurtintcurve.

    Na het aanpassen van de vereiste bewerkinstellingen tikt u rechtsboven op het vinkje ( ).

    Hernoemen: Wijzig in het scherm Voorinstelling hernoemen de Naam voorinstelling naar wens aan.

    Na het aanpassen van de naam van voorinstelling tikt u rechtsboven op het vinkje ( ).

    Verplaatsen naar: selecteer deze optie om een gebruikersvoorinstelling te verplaatsen naar een bestaande of nieuwe voorinstellinggroep door te tikken op het bijbehorende selectievakje. Wanneer u de gewenste voorinstellinggroep hebt geselecteerd, tikt u op Verplaatsen onder in het scherm.

    Meer informatie over het maken van een nieuwe voorinstellinggroep vindt u in Voorinstellingen maken.

    Verwijderen: Kies deze optie om de gebruikersvoorinstelling definitief te verwijderen van alle gesynchroniseerde apparaten.

Voorinstellingen importeren van Google Drive en lokale opslag

Ga als volgt te werk om voorinstellingen voor lrtemplate en xmp te importeren:

  1. Open een foto in de loepweergave. Tik in het scherm Bewerken op het pictogram Voorinstellingen in het onderste deelvenster.

  2. Tik op de drie puntjes in de rechterbovenhoek en kies Voorinstellingen importeren.

    Voorinstellingen importeren
    Het menu met de drie puntjes in Voorinstellingen

  3. Tik op de voorinstellingen die u van Google Drive of een andere map op uw mobiele telefoon wilt importeren. U kunt afzonderlijke lrtemplate- of xmp-bestanden selecteren. U kunt ook zip-bestanden selecteren die meerdere lrtemplate- en xmp-bestanden bevatten. 

    De geïmporteerde voorinstellingen worden vervolgens weergegeven in het pop-upmenu Voorinstellingen

Zie Voorinstellingen importeren voor meer informatie over het importeren van DNG-voorinstellingen. 

Voorinstellingen beheren

Met de optie Voorinstellingen beheren toont/verbergt u verschillende voorinstellinggroepen die worden weergegeven in het deelvenster Voorinstellingen: Kleur, Creatief, Zwart-wit, Curve, Korrel, Verscherpen, Vignettering en Gebruikersvoorinstellingen.

U kunt ook gebruikmaken van de optie Voorinstellingen beheren om de verouderde Lightroom-voorinstellinggroepen weer te geven die standaard zijn verborgen.

Voer de onderstaande stappen uit om voorinstellingsgroepen te tonen/verbergen:

Opmerking:

Uw instellingen om voorinstellingsgroepen te tonen/verbergen zijn specifiek voor elke computer of apparaat. U kunt bijvoorbeeld enkele voorinstellingsgroepen verbergen in Lightroom voor mobiele apparaten maar zij blijven zichtbaar in Lightroom op andere mobiele apparaten/desktop en vice versa.  

  1. Tik in de loepweergave in het deelvenster Bewerken op het pictogram Voorinstellingen onder aan het scherm.

  2. Tik op de drie puntjes rechtsboven in het pop-upmenu Voorinstellingen en kies Voorinstellingen beheren

  3. Schakel in het venster Voorinstellingen beheren de groepen voorinstellingen die u wilt weergeven in het menu Voorinstellingen. Schakel de profielgroepen uit die u wilt verbergen in het menu Voorinstellingen.

    Tik op in de rechterbovenhoek.

Het menu Voorinstellingen geeft nu alleen die voorinstellingsgroepen weer die u hebt ingeschakeld bij de optie Voorinstellingen beheren.

Verwerking van dubbele voorinstellingen

Als u probeert een dubbele voorinstelling te maken met dezelfde naam in dezelfde groep, verschijnt een dialoogvenster Dubbele naam voorinstelling met de opties:

  • Vervangen: Selecteer deze optie als u alleen de laatste voorinstelling met dezelfde naam in de groep wilt behouden
  • Dupliceren: Selecteer deze optie als u twee voorinstellingen met dezelfde naam in dezelfde groep wilt behouden
  • Naam wijzigen: Selecteer deze optie als u standaard een nummer wilt toevoegen aan de naam of als u zelf de naam wilt wijzigen

Gedeeltelijk compatibele voorinstellingen verbergen

In het deelvenster Voorinstellingen worden bepaalde voorinstellingen cursief weergegeven omdat het gedeeltelijk compatibele voorinstellingen zijn. Dit betekent dat de aan deze voorinstellingen gekoppelde profielen voor een andere camera zijn bedoeld. U kunt ervoor kiezen om deze gedeeltelijk compatibele voorinstellingen niet weer te geven in het deelvenster Voorinstellingen. Ga als volgt te werk om dat te doen:

  1. Open een foto in de loepweergave en tik in het deelvenster Bewerken op het pictogram Voorinstellingen.

  2. Tik op de drie puntjes in het deelvenster Voorinstellingen om het optiemenu te openen. 

  3. Tik op Gedeeltelijk compatibele voorinstellingen tonen om de gedeeltelijk compatibele voorinstellingen te bekijken in het deelvenster Voorinstellingen.

    Gedeeltelijk compatibele voorinstellingen tonen standaard ingeschakeld
    Tik op de drie puntjes om de optie te openen. Gedeeltelijk compatibele voorinstellingen tonen is standaard ingeschakeld.

U kunt op elk gewenst moment alle voorinstellingen weer weergeven door op Gedeeltelijk compatibele voorinstellingen tonen te tikken. 

Het toonbereik van uw foto aanpassen

Automatische instellingen toepassen

In het deelvenster Bewerken in de loepweergave klikt u op Automatisch onderin als u wilt dat Lightroom voor mobiele apparaten automatisch de beste bewerkingen voor deze schuifregelaars toepast op uw foto's: Belichting, Contrast, Hooglichten, Schaduwen, Witte tinten, Zwarte tinten, Verzadiging en Levendigheid.

De functie Automatische instellingen in Lightroom gebruikt Adobe Sensei om intelligente aanpassingen aan te brengen op basis van de licht- en kleurkenmerken van een foto.

  • Bovendien bevat de functie Automatische instellingen ook de mogelijkheid om de aanpassingen in de foto te optimaliseren, zelfs nadat de foto is uitgesneden.
  • Wanneer u een HDR-foto met de camerafunctie in Lightroom voor mobiele apparaten maakt, worden de automatische instellingen automatisch op uw bewerkte foto toegepast. 

Het toonbereik van een foto aanpassen

U kunt het algemene toonbereik van uw foto aanpassen met de kleurtoonregelaars in het menu Licht. Terwijl u bezig bent, moet u de eindpunten van het histogram in de gaten houden.

In het deelvenster Bewerken in de loepweergave tikt u op het pictogram Licht onder in het scherm om de kleurtoonregelaars te bekijken. Met de schuifregelaars past u de gewenste bewerking toe op uw foto's: Belichting, Contrast, Hooglichten, Schaduwen, Witte tinten, Zwarte tinten, Verzadiging en Levendigheid.

Het toonbereik aanpassen met de kleurtoonregelaars in het menu Licht
Het toonbereik aanpassen met de kleurtoonregelaars in het menu Licht

Het toonbereik van een foto aanpassen met de Kleurtintcurve

In de grafiek Kleurtintcurve van het menu Licht worden de wijzigingen aangegeven die in het toonbereik van een foto worden aangebracht.

Tik in het deelvenstermenu Bewerken van de loepweergave op het pictogram Licht en vervolgens op CURVE.

Opmerking:

Als u in de loepweergave het histogram van een foto wilt weergeven, tikt u rechtsboven op de drie puntjes en kiest u de optie Histogram tonen in het menu dat wordt geopend. Nu kunt u het histogram observeren terwijl u de kleurtoonregelaars aanpast.

De horizontale as vertegenwoordigt de oorspronkelijke kleurtoonwaarden (invoerwaarden), met zwart aan de linkerkant en geleidelijk lichter wordende waarden naar rechts. De verticale as vertegenwoordigt de gewijzigde kleurtoonwaarden (uitvoerwaarden), met zwart aan de onderkant en overgaand in lichtere waarden aan de bovenkant. Gebruik de kleurtintcurve om de aanpassingen die u in een foto hebt aangebracht, te perfectioneren.

De Kleurtintcurve gebruiken in Adobe Photoshop Lightroom CC voor mobiele apparaten (Android)
(Links) De algemene kleurtintcurvegrafiek van de foto; (Rechts) De puntcurve voor het rode kanaal

U kunt er ook voor kiezen om afzonderlijke punten in de kleurtintcurve in het rode, groene of blauwe kanaal aan te passen of alle drie kanalen tegelijk aan te passen.

  • Tik om een punt toe te voegen. Dubbeltik op een punt om dit punt te verwijderen.
  • Sleep een punt om het te bewerken. 

De kleuren in uw foto nauwkeurig instellen

Versie bijgewerkt in oktober 2020 (versie 6.0)

In het deelvenster Bewerken in de loepweergave kunt u met de regelaars in het menu Kleur het volgende doen:

  • Witbalans heeft betrekking op de kleur die in uw foto wordt gemaakt op basis van de temperatuur van uw lichtbron. Een middagzon straalt bijvoorbeeld een zeer warme, gele kleur uit, terwijl sommige lampen juist een heel koele, blauwe kleur opleveren in uw foto. U kunt de Witbalans instellen door een voorinstelling te kiezen of door een neutraal gebied in de foto op te geven met de tool Witbalans selecteren.
  • Stel de witbalans nauwkeurig in met de besturingselementen Temperatuur en Kleurtint. Met Temp of Temperatuur stelt u in hoe geel/warm of blauw/koel uw foto eruitziet. Met de optie Tint stelt u in hoeveel groen of magenta in uw foto wordt weergegeven.
  • Pas de kleurverzadiging (levendigheid) aan met de functies Levendigheid en Verzadiging. Met de optie Levendigheid verhoogt u de intensiteit van gedempte kleuren en met Verzadiging versterkt u de intensiteit van alle kleuren in de foto.
  • Zwart-witfotografie is een favoriete tool van fotografen om de details van een foto meer te benadrukken. Zet de foto om in een zwart-witfoto met de knop Zwart-wit.
Witbalans aanpassen
Witbalans en kleurverzadiging aanpassen en omzetten in grijswaarden

  • Tik op het pictogram Mix  om afzonderlijke kleuren te verfijnen met de schuifregelaars KleurtoonVerzadiging en Luminantie (HSL). Met de optie Tint past u de tint van elke afzonderlijke kleur aan en met Verzadiging stelt u de hoeveelheid grijs in een kleur in, waardoor de kleur gedempt of juist helderder wordt. De optie Luminantie helpt bij het aanpassen van de hoeveelheid wit in een kleur om deze helderder of donkerder te maken. Gebruik de tool Doelaanpassing om een bepaalde kleur in een foto aan te passen. Tik en sleep op de afbeelding om het kleurbereik onder uw vingertop te wijzigen.
Kleurmix
Afbeeldingskleuren afstellen met HSL-regelaars

  • Tik op Kleurverlopen  om de kleuren van middentonen, schaduwen en hooglichten aan te passen met de schuifregelaars voor kleurverlopen. Er is ook een globale schuifregelaar waarmee u de algehele kleuren in de foto kunt aanpassen zonder dat dit invloed heeft op de instellingen van middentonen, schaduwen en hooglichten. Bovendien kunt u de opties LuminantieOvervloeien en Balans van de kleuren voor middentonen, schaduwen en hooglichten aanpassen met de desbetreffende schuifregelaars.
Kleurverlopen
De schuifregelaars voor kleurverlopen. Tik op de pictogrammen in het gemarkeerde gedeelte om de afzonderlijke schuifregelaars voor respectievelijk Schaduwen, Middentonen, Hooglichten en Globaal weer te geven.

Opmerking:

Kleurverlopen vervangt Gesplitste tinten. Stel de overvloeischuifregelaar in op 100 om hetzelfde effect te bereiken als met de bestaande functie Gesplitste tinten.

Effecten toepassen op uw foto

  1. Tik in de loepweergave in het deelvenster Bewerken op het pictogram Effecten aan de onderkant van het scherm om de regelaars weer te geven.

  2. Pas de schuifregelaars voor effecten aan:

    Textuur

    Hiermee egaliseert of accentueert u details met structuur in een foto. Verplaats de schuifregelaar naar links om details te egaliseren of naar rechts om details te accentueren. Wanneer u de schuifregelaar Structuur aanpast, verandert de kleur of de tint niet.

    Helderheid

    Hiermee voegt u diepte aan een afbeelding toe door het plaatselijke contrast te verhogen. U kunt het effect optimaliseren door de instelling te verhogen tot u stralenkransen ziet bij de randdetails van de afbeelding, en de instelling daarna iets te verlagen.

    Als u deze instelling gebruikt, kunt u het beste inzoomen op 100% of meer. Dubbeltik op de foto of beweeg uw vingers uit elkaar om in te zoomen.

    Nevel verwijderen

    Hiermee regelt u de hoeveelheid nevel in een foto. Schuif naar rechts om nevel te verwijderen en sleep naar links om nevel toe te voegen.

    Hoeveelheid vignet

    Hiermee past u een donker of licht vignet op de foto toe voor een artistiek effect. Met negatieve waarden maakt u de hoeken van de foto donkerder. Met positieve waarden maakt u de hoeken lichter.

    Zie Vignet-, filmkorrel- en neveleffecten voor verwante informatie.

    Mate van korreligheid

    Hiermee voegt u een realistisch filmkorreleffect toe aan uw foto's. Verplaats de schuifregelaar naar rechts om korrel toe te voegen. Wanneer u korrel toevoegt, kunt u ook de korrelgrootte en ruwheid instellen met respectievelijk de schuifregelaars Grootte en Ruwheid.

Ruisreductie toepassen en uw foto scherper maken

In Adobe Photoshop Lightroom voor mobiele apparaten kunt u een foto verscherpen om de scherpte van de randen te verbeteren en de details in de foto naar voren te brengen.

U kunt de afbeeldingsruis reduceren door de overbodige zichtbare artefacten die de beeldkwaliteit verslechteren te verwijderen. Afbeeldingsruis bestaat uit luminantieruis (grijswaarden), die een afbeelding korrelig maakt, en chromaruis (kleurruis), die meestal de vorm heeft van gekleurde artefacten in de afbeelding. Foto's die zijn genomen met hoge ISO-snelheden kunnen merkbare ruis bevatten.

  1. Tik onderaan het deelvenster Edit (Bewerken) van de loepweergave op het pictogram Details.

    Besturingselementen voor ruisreductie en verscherpen in Adobe Photoshop Lightroom CC voor mobiele apparaten (Android)
    Besturingselement voor ruisreductie en verscherpen

    Opmerking:

    Bij het toepassen van selectieve bewerkingen zijn alleen de besturingselementen Ruis en Scherpte beschikbaar in het menu Detail.

  2. Pas de gewenste besturingselementen aan:

    Instellingen voor verscherpen

    • Verscherpen: hiermee past u de scherpte van de randen aan. Verhoog de waarde van de schuifregelaar om de verscherping te verhogen. Met de waarde nul (0) schakelt u de verscherping uit. In het algemeen geldt dat u duidelijkere afbeeldingen krijgt als u de schuifregelaar instelt op een lagere waarde. Met de aanpassing worden pixels gezocht die met de opgegeven drempel verschillen van omringende pixels en wordt het contrast van deze pixels met de opgegeven hoeveelheid vergroot.
    • Straal: hiermee past u de grootte aan van de details waarop de verscherping wordt toegepast. Gebruik een lage straalinstelling voor foto's met bijzonder veel details. Een grotere straal is geschikter voor foto's met grovere details. Wanneer u een te grote straal instelt, oogt het resultaat onnatuurlijk.
    • Detail: hiermee bepaalt u hoeveel vaak voorkomende gegevens worden verscherpt in de afbeelding en in hoeverre de verscherping de randen benadrukt. Bij een lagere instelling worden vooral de randen verscherpt om vervaging te verwijderen. Hogere waarden zijn vooral nuttig als u structuren in de afbeelding meer in het oog wilt doen springen.
    • Masker: hiermee bestuurt u een randmasker. Als u nul (0) kiest, worden alle aspecten van de afbeelding in dezelfde mate verscherpt. Als u 100 kiest, blijft het verscherpen grotendeels beperkt tot de gebieden bij de scherpste randen.

    Besturingselementen voor de reductie van luminantieruis

    • Ruisreductie: verplaats de schuifregelaar naar een hogere waarde om de luminantieruis te reduceren.
    • Detail: hiermee wordt de drempel voor luminantieruis ingesteld. Handig voor foto's met zeer veel ruis. Hogere waarden behouden meer details, maar de resultaten kunnen meer ruis bevatten. Lagere waarden geven resultaten met minder ruis, maar verwijderen wellicht ook details.
    • Contrast: hiermee wordt het luminantiecontrast ingesteld. Handig voor foto's met zeer veel ruis. Hogere waarden behouden het contrast, maar kunnen vlekken met ruis veroorzaken. Lagere waarden geven resultaten met minder ruis, maar wellicht ook minder contrast.

    Besturingselementen voor de reductie van kleurruis

    • Reductie kleurruis: verplaats de schuifregelaar naar een hogere waarde om de kleurruis te reduceren.
    • Detail: Hiermee wordt de drempel voor kleurdetail ingesteld. Hogere waarden beschermen dunne, gedetailleerde en gekleurde randen, maar kunnen zorgen voor kleurspikkels. Lagere waarden verwijderen kleurspikkels, maar kunnen overvloeien van kleuren veroorzaken.
    • Vloeiendheid: hiermee regelt u hoeveel vloeiendheid u wilt toepassen op de afbeelding als u de kleurruis reduceert.

Veel voorkomende cameralensproblemen oplossen

Cameralenzen kunnen verschillende defecten vertonen bij bepaalde brandpuntsafstanden, f-stops en focusafstanden. U kunt deze problemen in de geselecteerde foto verhelpen/verminderen met de opties van het pictogram Optica in het deelvenster Bewerken: Kleurafwijking verwijderen en Lensprofielcorrecties.

  1. Tik in het deelvenster Bewerken in de Loepweergave op het pictogram Optica onder in het venster.

  2. Kleurafwijking heeft de vorm van een kleurenrand langs de randen van objecten. Dit wordt veroorzaakt doordat de lens niet in staat is verschillende kleuren scherp te stellen op hetzelfde punt, door afwijkingen in de microlenzen van de sensor en door de zon.

    Kleurafwijking verwijderen:

    Als u kleurafwijking wilt verwijderen uit de geselecteerde foto, activeert u de optie Kleurafwijking verwijderen in het deelvenster Optica.

  3. Lightroom voor mobiele apparaten bevat een groot aantal lensprofielen om veel voorkomende, door de lens veroorzaakte afwijkingen (zoals geometrische vervorming en vignettering) te corrigeren. De profielen zijn gebaseerd op metagegevens die de camera en de lens identificeren waarmee de foto is vastgelegd. De profielen zorgen voor de nodige compensatie.

    Correcties lensprofiel:

    Activeer de optie Correcties lensprofiel in het deelvenster Optica om automatisch een passend lensprofiel te selecteren op basis van de metagegevens in de foto over cameramodel, brandpuntsafstand en f-stop en focusafstand.

    Ondersteuning voor camera's met ingebouwd lensprofiel
    De lenscorrectie voor alle Micro 4/3 (MFT)-lenzen en -camera's, waaronder Panasonic, Olympus en andere camera's (Fuji X, Leica Q en een groot aantal point-and-shoot-modellen van Canon) vindt automatisch plaats, zonder dat u iets hoeft te doen. Als uw lens automatisch wordt ondersteund, verschijnt in Lightroom voor mobiele apparaten het bericht Ingebouwd lensprofiel toegepast in het deelvenster Optica.

  4. (Optioneel) als Lightroom voor mobiele apparaten niet automatisch een passend lensprofiel kan vinden, doet u het volgende:

    1. Tik op Selecteer handmatig een profiel.
    2. In het deelvenster Lensprofiel selecteert u een merk, model en profiel.

    Als u het passende lensprofiel dat Lightroom automatisch toepast wilt wijzigen, gaat u als volgt te werk:

    1. Tik op de huidige lensprofielnaam.
    2. In het deelvenster Lensprofiel selecteert u een merk, model en profiel.
      Als u terug wilt naar het passende lensprofiel dat automatisch door Lightroom wordt toegepast, tikt u op Automatisch selecteren.

    Afhankelijk van of u een RAW-bestand of een bestand met een andere indeling aanpast, worden verschillende beschikbare lensprofielen weergegeven. Een lijst van ondersteunde lenzen vindt u in Ondersteunde lenzen.

  5. U kunt de correctie die het profiel toepast aanpassen met de volgende schuifregelaars onder het lensprofiel:

    Correctie vervorming:

    Met de standaardwaarde 100 wordt 100% van de vervormingscorrectie in het profiel toegepast. Met waarden hoger dan 100 wordt meer correctie toegepast op de vervorming; met waarden lager dan 100 wordt minder correctie toegepast op de vervorming.

    Vignettering lens:

    Met de standaardwaarde 100 wordt 100% van de vignetcorrectie in het profiel toegepast. Met waarden hoger dan 100 wordt meer  correctie toegepast op de vignettering; met waarden lager dan 100 wordt minder correctie toegepast op de vignettering.

Geometrisch perspectief herstellen

Een korte afstand tot het onderwerp bij het maken van foto's en bepaalde typen lenzen kunnen het perspectief vervormen, en ertoe leiden dat rechte lijnen gebogen, schuin of scheef in uw foto's worden weergegeven. Als u bijvoorbeeld van dichtbij een foto maakt van een hoog gebouw, lijkt het erop dat het gebouw naar achteren helt. U kunt het perspectief van uw foto eenvoudig herstellen en aanpassen met de Upright-modi en geometrieschuifregelaars in het deelvenster Geometrie.

De Upright-modi bieden vier opties voor automatische perspectiefcorrectie: Automatisch, Vlak, Verticaal en Volledig, plus een optie Met hulplijnen. U kunt de aanpassing ook verfijnen met de geometrieschuifbalk.

  1. Selecteer een foto met scheefgetrokken geometrie.

    (Aanbevolen) Tik in het deelvenster Bewerken in de loepweergave op het pictogram Optica onder aan het scherm en schakel de optie Correcties lensprofiel in.

    Een foto met scheefgetrokken geometrie
    Een foto met scheefgetrokken geometrie

  2. Tik op het pictogram Geometrie onder aan het scherm.

    Kies in het menu Upright een optie om de bijbehorende correctie toe te passen op de foto:

    • Met instructies: Hiermee kunt u twee tot vier hulplijnen tekenen op uw foto om het perspectief aan te passen.
    • Automatisch: Hiermee corrigeert u zowel het verticale als het horizontale perspectief waarbij de algehele balans en het zichtbare gebied van de afbeelding zo veel mogelijk behouden blijven.
    • Niveau: Hiermee verbetert u het horizontale perspectief en maakt u horizontale lijnen parallel in de foto.
    • Verticaal: Hiermee corrigeert u het verticale perspectief dat is veroorzaakt doordat de camera onder een hoek naar boven of beneden is gehouden. Verticale lijnen worden dan parallel gemaakt in de foto.
    • Volledig: Hiermee combineert u de Upright-modi Automatisch, Vlak, Verticaal en Volledig om het perspectief automatisch te corrigeren.
    Upright-modi in Lightroom voor mobiele apparaten (Android)
    Upright-modi in Lightroom voor mobiele apparaten (Android)

    Doorloop de modi Upright totdat u de meest geschikte instelling hebt gevonden.

    Met alle Upright-modi worden vervormings- en perspectieffouten gecorrigeerd. De beste instelling varieert per foto. Experimenteer met de modi voordat u bepaalt welke modus het beste is voor uw foto.

  3. Modus Upright met hulplijnen

    Als u de modus Upright met hulplijnen hebt gekozen, doet u het volgende:

    1. Klik op het pictogram Upright met hulplijnen () en teken vervolgens twee tot vier hulplijnen op de foto door met een vinger te schuiven.

      Upright met hulplijnen
      Twee verticale en twee horizontale hulplijnen getekend op de foto met behulp van Upright met hulplijnen

    2. Nadat u ten minste twee hulplijnen hebt getekend, wordt de foto interactief getransformeerd. U kunt maximaal vier hulplijnen op uw foto tekenen in een van de volgende combinaties:

      • Alleen twee horizontale hulplijnen of alleen twee verticale hulplijnen
      • Twee horizontale hulplijnen en twee verticale hulplijnen
      • Twee horizontale hulplijnen en één verticale hulplijn
      • Twee verticale hulplijnen en één horizontale hulplijn
      • Eén verticale hulplijn en één horizontale hulplijn

      Bij elke andere combinatie wordt in Lightroom voor mobiele apparaten het bericht Ongeldige hulplijn weergegeven.

      • Als u een hulplijn wilt verwijderen, tikt u op de hulplijn om deze te selecteren en vervolgens tikt u op het pictogram Verwijderen.
      • Als u een hulplijn wilt toevoegen, tikt u op het pluspictogram + om dit te markeren en vervolgens tekent u de hulplijn op de foto. Het pictogram Toevoegen is standaard gemarkeerd, tenzij u het uitschakelt.
    3. Klik op Gereed.

      Na
      (Na) Perspectief gecorrigeerd met Upright met hulplijnen

      Een foto met scheefgetrokken geometrie
      (Voor) Een foto met scheefgetrokken geometrie

  4. (Optioneel) Wanneer u het perspectief van uw foto corrigeert, krijgt u mogelijk witte gebieden bij de randen van de afbeelding. Als u deze gebieden wilt verwijderen, selecteert u de optie Uitsnijden behouden om de foto automatisch te laten uitsnijden op basis van de originele afmetingen.

    Opmerking:

    Bij bepaalde Upright-modi kunnen pixels in uw foto worden uitgesneden om het perspectief te corrigeren, zelfs wanneer de optie Uitsnijden behouden is uitgeschakeld. U kunt de uitgesneden pixels later mogelijk niet ophalen in de uitsnijdmodus.

  5. Gebruik de geometrieschuifregelaars om de perspectiefcorrecties nauwkeurig uit te voeren: Vervorming, Verticaal, Horizontaal, Roteren, Verhouding, Schaal, X-verschuiving, Y-verschuiving.

    • Vervorming: Hiermee worden vervormingen als korrelvorming (rechte lijnen die naar buiten lijken af te buigen) en speldenkusseneffect (rechte lijnen die naar binnen lijken af te buigen) gecorrigeerd. Verplaats de schuifregelaar naar rechts om korrelvorming in uw foto te corrigeren. Verplaats de schuifregelaar naar rechts om een speldenkusseneffect te corrigeren.
    • Verticaal: Deze optie zorgt ervoor dat verticale lijnen in een afbeelding parallel lopen. Als de verticale lijnen uit elkaar lopen aan de onderrand, verplaatst u de schuifregelaar naar links om de pixels weg te drukken van die rand. Als de verticale lijnen uit elkaar lopen aan de bovenrand, verplaatst u de schuifregelaar naar rechts om de pixels weg te drukken van die rand.
    • Horizontaal: Deze optie zorgt ervoor dat horizontale lijnen in een afbeelding parallel lopen. Verplaats de schuifregelaar naar links om de pixels weg te drukken van de rechterrand. Verplaats de schuifregelaar naar rechts om de pixels weg te drukken van de linkerrand.
    • Roteren: Hiermee roteert u de afbeelding om kanteling van de camera te corrigeren. Verplaats de schuifregelaar naar links om de afbeelding linksom te roteren of naar rechts om de afbeelding rechtsom te roteren.
    • Verhouding: Verplaats de schuifregelaar naar links om het perspectief van de foto te verbreden. Verplaats de schuifregelaar naar rechts om het perspectief van de foto te beperken.
    • Schaal: Hiermee kunt u de schaal van de foto vergroten of verkleinen met behoud van de beeldverhouding. Verplaats de schuifregelaar naar links om de schaal te verkleinen en naar rechts om de schaal te vergroten.
    • X-verschuiving: Verplaats de schuifregelaar naar links om de afbeeldingspixels naar links te verplaatsen op de x-as, zodat er een wit gebied ontstaat aan de rechterrand. Verplaats de schuifregelaar naar rechts om de afbeeldingspixels naar rechts te verplaatsen op de x-as, zodat er een wit gebied ontstaat aan de linkerrand.
    • Y-verschuiving: Verplaats de schuifregelaar naar links om de afbeeldingspixels omlaag te verplaatsen op de y-as, zodat er een wit gebied ontstaat aan de bovenrand. Verplaats de schuifregelaar naar rechts om de afbeeldingspixels omhoog te verplaatsen op de y-as, zodat er een wit gebied ontstaat aan de onderrand.

Bewerkingen kopiëren en plakken

Lightroom voor mobiele apparaten (Android) stelt u in staat om de bewerkingen die u hebt aangebracht op een foto te kopiëren en plakken in meerdere foto's. U kunt ook kiezen welke bewerkinstellingen u wilt kopiëren van een foto.

  1. Selecteer een foto waarvan u de bewerkingsinstellingen wilt kopiëren.

  2. Tik op de drie puntjes () rechtsboven in het scherm en kies Instellingen kopiëren.

  3. Klik in het dialoogvenster Instellingen kopiëren dat verschijnt Selecteren en kies een van de volgende opties:

    • Alles: Hiermee selecteert u alle groepen bewerkinstellingen.
    • Standaard: Hiermee selecteert u de standaardset bewerkinstellingen. Instellingen voor Tools en Geometrie worden standaard uitgesloten.
    • Gewijzigd: Hiermee selecteert u alleen de bewerkinstellingen die u hebt gewijzigd of toegepast op de geselecteerde foto.
    • Geen: Hiermee deselecteert u alle bewerkinstellingen.

    U kunt ook handmatig specifieke instellingen selecteren of deselecteren door de groepen bewerkinstellingen uit te breiden.

    Instellingen kopiëren
    Kies Instellingen bewerken om te kopiëren

  4. Tik na de selectie op het pictogram .

  5. Selecteer een of meer foto's waarop u de gekopieerde bewerkinstellingen wilt plakken.

     

  6. Tik op de drie puntjes rechtsboven in het scherm en kies Instellingen plakken.

Wijzigingen ongedaan maken, opnieuw uitvoeren en herstellen

Ongedaan maken of opnieuw

Om de meest recente bewerking ongedaan te maken of opnieuw uit te voeren, tikt u in de Loepweergave op het pictogram  Ongedaan maken of  Opnieuw. Dit pictogram verschijnt rechtsboven in het scherm.

Als u meerdere bewerkingen hebt aangebracht, tikt u op het pictogram () om de pictogrammen Opgedaan maken en Opnieuw weer te geven. Tik nu op de pictogrammen Ongedaan maken of Opnieuw om de bewerkingen één voor één in voorwaartse of achterwaartse richting te doorlopen.

Herstellen

Om een afbeelding volledig naar de oorspronkelijke staat te resetten, tikt u op Herstellen aan het eind van het menu Aanpassingen (zie bovenstaande afbeelding). In het menu Reset tikt u op een actie om uw foto naar een vorige status te herstellen.

Bewerkingsversies maken

Bijgewerkt in Lightroom voor mobiele apparaten 6.0 (versie van oktober 2020)

Met Versies kunt u verschillende bewerkingen van dezelfde foto opslaan zodat u ze gemakkelijk kunt vergelijken en kunt experimenteren met verschillende bewerkingen. In Lightroom worden belangrijke bewerkingen van uw foto's ook automatisch opgeslagen als Versies. Versies maken en opslaan: 

  1. Open een foto in de weergave Bewerken en pas de gewenste bewerkingen toe.

  2. Blader door het onderste deelvenster en tik op Versies.

    Tik op Versies in het onderste deelvenster
    Tik op Versies in het onderste deelvenster.

  3. Er zijn twee tabbladen in Versies: Met naam en Automatisch.

    Met naam

    In dit tabblad kunt u het origineel weergeven. Dit is de foto die u hebt geïmporteerd. De huidige miniatuur geeft de geselecteerde foto weer met de toegepaste bewerkingen. Tik op Versie maken om deze bewerkingen als een versie op te slaan. Geef een naam op voor de Versie en tik op Maken. De bewerkingen worden opgeslagen in de lijst Versies. Op deze manier kunt u verschillende bewerkingen maken en als versies opslaan.

    Versies met naam
    Versies met naam

    Opmerking:

    Uw standaardinstellingen voor RAW in Voorkeuren kunnen van invloed zijn op de originele foto. Zie RAW-standaardinstellingen configureren om de RAW-standaardinstellingen aan te passen.

    Automatisch

    Dit tabblad bevat alle versies die automatisch door Lightroom worden opgeslagen wanneer u de weergave Bewerken verlaat nadat u een bewerking hebt uitgevoerd. Bij Automatische versies wordt een datum- en tijdstempel aan de naam toegevoegd. U kunt een Automatische versie ook opslaan als een Versie met naam door op de drie puntjes rechtsboven te tikken en de optie Opslaan als versie met naam te selecteren. Typ een naam voor de Versie en klik op Opslaan.

    Automatische versies
    Automatische versies

    Opslaan als versie met naam
    Opslaan als versie met naam

  4. Als u bewerkingen van een versie wilt toepassen op de geselecteerde foto, selecteert u de gewenste versie in de lijst Versies en tikt u op Toepassen.

  5. Selecteer een Versie en tik op de drie puntjes om deze te hernoemen of te verwijderen. Als u alle Versies met naam of Automatische versies wilt verwijderen, tikt u op de drie puntjes rechtsonder en tikt u op Alle versies met naam verwijderen of Alle automatisch opgeslagen versies verwijderen.

    Verwijderen of naam wijzigen
    Een versie met naam verwijderen of de naam ervan wijzigen

    Versies met naam of automatische versies verwijderen
    Versies met naam of automatisch opgeslagen versies verwijderen

Opmerking:

De gemaakte Versies worden gesynchroniseerd met Lightroom voor mobiele apparaten (iOS en Android) en Lightroom voor desktop.

Adobe-logo

Aanmelden bij je account