Selecteer een afbeelding, laag of specifiek gebied in de werkruimte Bewerken.
Met dit filter geeft u een afbeelding weer alsof deze door een zacht diffuusfilter wordt bekeken. Dit filter voegt transparante witte ruis aan een afbeelding toe, waarbij de gloed vanaf het midden van een selectie steeds minder wordt.
Hiermee bepaalt u op basis van een afbeelding, de zogeheten verplaatsingsafbeelding, hoe een selectie moet worden vervormd. Als u bijvoorbeeld een paraboolvormige verplaatsingsafbeelding gebruikt, kunt u een afbeelding maken die lijkt te zijn afgedrukt op een doek dat aan de punten wordt vastgehouden.
Voor dit filter is een bestand met een verplaatsingsafbeelding vereist dat bestaat uit een samengevoegde afbeelding die is opgeslagen in de Photoshop-indeling of in de bitmapmodus. U kunt uw eigen bestanden gebruiken of de bestanden op de volgende locaties:
Selecteer een afbeelding, laag of specifiek gebied in de werkruimte Bewerken.
Kies Filter > Vervormen > Verplaatsen.
Als de horizontale en verticale schaal zijn ingesteld op 100%, is de grootste verplaatsing 128 pixels (omdat bij middengrijs geen verplaatsing plaatsvindt).
Uitrekken tot passend
Hiermee wordt de grootte van de verplaatsingsafbeelding gewijzigd.
Naast elkaar
Hiermee wordt de selectie gevuld door de verplaatsingsafbeelding te herhalen in een patroon.
Beeld omslaan
Hiermee vult u lege gebieden met inhoud van de tegenoverliggende rand van de afbeelding.
Randpixels herhalen
Hiermee worden de kleuren van pixels langs de rand van de afbeelding uitgebreid in de opgegeven richting.
Bij het filter Glas ontstaat de indruk dat u door verschillende typen glas naar een afbeelding kijkt. U kunt een glaseffect kiezen of u kunt een eigen glasstructuur maken en opslaan als een Photoshop-bestand en dat toepassen. U kunt de instellingen voor schaling, vervorming en vloeiendheid aanpassen. Als u uw eigen structuurbestand wilt gebruiken, klikt u op het pictogram
en selecteert u Structuur laden.
Met het filter Uitvloeien bewerkt u gedeelten van een afbeelding zodat het lijkt of ze met elkaar zijn versmolten. In een voorvertoning van de huidige laag past u speciale tools toe om delen van de afbeelding te verdraaien, te roteren, uit te rekken, in te drukken, te verschuiven of te spiegelen. U kunt subtiele wijzigingen aanbrengen om een afbeelding te retoucheren of drastische vervormingen toepassen om een artistiek effect te creëren.
Selecteer een afbeelding, laag of specifiek gebied in de werkruimte Bewerken.
Kies een zoomniveau in het pop-upmenu linksonder in het dialoogvenster.
Selecteer de tool Zoomen in de toolset in het dialoogvenster en klik in de afbeelding om in te zoomen of klik terwijl u Alt (of Option in Mac OS) ingedrukt houdt om uit te zoomen. U kunt de tool Zoomen ook slepen over het gedeelte van de voorvertoning dat u wilt vergroten.
Selecteer een tool in de toolbox.
Verdraaien
Deze tool duwt pixels voor zich uit terwijl u sleept.
Kronkel - met de klok mee
Met deze tool roteert u pixels met de klok mee wanneer u de muisknop ingedrukt houdt of sleept.
Kronkel - linksom
Met deze tool roteert u pixels tegen de klok in wanneer u de muisknop ingedrukt houdt of sleept.
Plooien
Met de tool Plooien verplaatst u pixels naar het midden van het penseelgebied wanneer u de muisknop ingedrukt houdt of sleept.
Zwellen
Met de tool Zwellen verplaatst u pixels bij het midden van het penseelgebied vandaan wanneer u de muisknop ingedrukt houdt of sleept.
Pixels verschuiven
Hiermee verplaatst u pixels opzij, haaks op de richting van de penseelstreek. Sleep om pixels naar links te verplaatsen. Houd Alt (of Option in Mac OS) ingedrukt en sleep om pixels naar rechts te verplaatsen.
Reconstrueren
Hiermee maakt u de wijzigingen die u hebt aangebracht geheel of gedeeltelijk ongedaan.
Als u de penseelgrootte wilt wijzigen, sleept u de pop-upregelaar of voert u een waarde tussen 1 en 15000 pixels in voor de penseelgrootte.
Als u de penseeldruk wilt wijzigen, sleept u de pop-upregelaar of voert u een waarde tussen 1 en 100 in voor de penseeldruk.
Bij een lagere penseeldruk zijn de wijzigingen geleidelijker.
U kunt in een rechte lijn werken tussen het huidige punt en het vorige punt waarop u hebt geklikt wanneer u bij gebruik van de tools Verdraaien, Pixels verschuiven of Reflectie Shift ingedrukt houdt terwijl u klikt.
Selecteer de tool Reconstrueren
en houd de muisknop ingedrukt of sleep over de vervormde gebieden. In het midden van het penseel gaat de reconstructie sneller. Houd Shift ingedrukt en klik om een gebied te reconstrueren in een rechte lijn tussen het huidige punt en het punt dat u eerder hebt aangeklikt.
Houd Alt (of Option in Mac OS) ingedrukt en klik op Herstellen als u de afbeelding in de voorvertoning wilt terugzetten naar de staat bij het openen van het dialoogvenster. U kunt ook op Vorige versie klikken om de oorspronkelijke afbeelding te herstellen en de tools opnieuw in te stellen op de vorige instellingen.
Met dit filter voegt u rimpels met willekeurige tussenruimte toe aan het oppervlak van een afbeelding, zodat de afbeelding eruitziet alsof deze zich onder water bevindt.
Met het filter Kneep wordt een selectie naar binnen of buiten geknepen.
Selecteer een afbeelding, laag of specifiek gebied in de werkruimte Bewerken.
Met dit filter wordt een selectie omgezet van rechthoekige in polaire coördinaten en omgekeerd, afhankelijk van de geselecteerde optie. Met dit filter kunt u een cilinderanamorfose maken, een kunstvorm die populair was in de 18e eeuw, waarbij de vervormde afbeelding normaal zichtbaar wordt als u deze spiegelt in een cilinder.
Hiermee past u een golfpatroon toe op een selectie, als rimpels op het oppervlak van een vijver. Voor meer controle gebruikt u het filter Golf. U kunt de hoeveelheid rimpels en het formaat van de rimpels bepalen.
Met het filter Schuin vervormt u een afbeelding langs een curve.
Selecteer een afbeelding, laag of specifiek gebied in de werkruimte Bewerken.
Klik op een willekeurige plaats aan een van de kanten van de verticale lijn.
Klik op de verticale lijn en sleep de aanwijzer naar een nieuw punt voor de curve.
U kunt naar elk punt op de curve slepen om de vervorming aan te passen en u kunt curvepunten toevoegen.
Beeld omslaan
Hiermee vult u nieuwe lege gebieden in de afbeelding met inhoud van de tegenoverliggende rand van de afbeelding.
Randpixels herhalen
Hiermee worden de kleuren van pixels uitgebreid. Er kan vervorming ontstaan als de randpixels verschillende kleuren hebben.
U kunt op Standaardinstellingen klikken om opnieuw te beginnen en de curve te herstellen tot een rechte lijn.
Met het filter Bol geeft u objecten een 3D-effect door een selectie rond of in een bolvorm te buigen, waarbij de afbeelding wordt vervormd en gerekt.
Selecteer een afbeelding, laag of specifiek gebied in de werkruimte Bewerken.
Met het filter Kronkel draait u een afbeelding of selectie in het midden meer dan aan de randen. Als u een hoek opgeeft, wordt een kronkelpatroon gegenereerd. Sleep de schuifregelaar naar de positieve waarden aan de rechterkant om een kronkel rechtsom toe te passen op de afbeelding. Sleep de schuifregelaar naar de negatieve waarden aan de linkerkant om een kronkel linksom toe te passen. U kunt ook een waarde tussen –999 en 999 invoeren.
Met het filter Golf past u een golfpatroon toe op een laag of een selectie.
Selecteer een afbeelding, laag of specifiek gebied in de werkruimte Bewerken.
Beeld omslaan
Hiermee vult u lege gebieden op met gegevens van de tegenoverliggende rand van de afbeelding.
Randpixels herhalen
Hiermee worden de kleuren van pixels langs de rand van de afbeelding uitgebreid in de opgegeven richting.
Met het filter ZigZag vervormt u een selectie radiaal, afhankelijk van de straal van de pixels in uw selectie.
Selecteer een afbeelding, laag of specifiek gebied in de werkruimte Bewerken.
Rond middelpunt
Hiermee roteert u de pixels rondom het middelpunt van de selectie.
Weg van middelpunt
Hiermee maakt u een rimpeleffect vanuit of naar het midden van de selectie.
Vijverrimpels
Hiermee maakt u een rimpeleffect waarmee de selectie naar linksboven of rechtsonder wordt vervormd.
Aanmelden bij je account