Overzicht van de tijdlijn van de Professionele weergave

De tijdlijn van de Professionele weergave biedt een grafische weergave van uw filmproject op basis van video- en audioclips die zijn gerangschikt in verticaal gestapelde tracks. Wanneer u videobeelden uit een digitaal videoapparaat vastlegt, worden de clips opeenvolgend weergegeven.

In de tijdlijn van de Professionele weergave worden de onderdelen van uw film en hun onderlinge relatie in de loop van de tijd weergegeven met een tijdliniaal. U kunt scènes bijsnijden en toevoegen, belangrijke frames aangeven met markeertekens, overgangen toevoegen en bepalen hoe clips in elkaar overvloeien of boven elkaar worden geplaatst.

Met de zoomknoppen in de tijdlijn van de Professionele weergave kunt u uitzoomen om de gehele video te bekijken of inzoomen om meer details van clips te bekijken. U kunt ook instellen hoe de clips worden weergegeven in de tracks en u kunt het formaat van de tracks en het kopgebied wijzigen.

ac_expert_timeline_et
De tijdlijn van de Professionele weergave

A. Huidige-tijdindicator B. Tijdliniaal C. Zoomregelaar D. Videotrack E. Audiotrack 

Tracks in de tijdlijn van de Professionele weergave

Met tracks kunt u lagen met video of audio maken en samengestelde effecten, beeld-in-beeld-effecten, bedekkingstitels, soundtracks en meer toevoegen. Met meerdere audiotracks kunt u commentaar aan de ene track toevoegen en achtergrondmuziek aan een andere track. In de uiteindelijke film worden alle video- en audiotracks gecombineerd.

De tijdlijn van de Professionele weergave bevat standaard drie tracks voor video (of beelden) en audio, een track voor gesproken tekst en een geluidstrack. U kunt gekoppelde clips (clips die zowel audio als video bevatten) naar een track slepen.

Voor gekoppelde clips worden de video- en audiocomponenten samen weergegeven (video direct boven audio) in hun respectievelijke tracks (zoals Video 1 en Audio 1). Als u alle tracks wilt weergeven, moet u mogelijk naar boven of beneden schuiven in de tijdlijn van de Professionele weergave.

U kunt een nieuwe track invoegen door een clip te slepen en boven op de bovenste videotrack neer te zetten. Er is geen limiet op het aantal tracks dat een project kan bevatten. U kunt op elk moment tracks toevoegen of verwijderen, zelfs voordat u clips toevoegt.

Een film moet ten minste één type van elke track bevatten (de track kan leeg zijn). De volgorde van videotracks is belangrijk omdat een clip in Video 2 ook de track van Video 1 bedekt. Audiotracks worden gecombineerd bij het afspelen en de volgorde van de tracks is dus niet belangrijk.

Tip: u kunt het standaardaantal tracks en het type tracks opgeven voor nieuwe films.

ac_expert_timeline_tracks_et
Standaardtracks

A. Video 2 track B. Track Audio 2 C. Track Video 1 D. Track Audio 1 E. Commentaartrack F. Soundtrack 

Gereedschappen van de tijdlijn van de Professionele weergave

Gebruik de gereedschappen boven aan de tijdlijn van de Professionele weergave om een clip af te spelen, het afspelen te stoppen of de afspeelsnelheid te wijzigen. Gebruik de deelvensters in de actiebalk om titels, overgangen, speciale effecten en muziek toe te voegen. U kunt ook markeertekens toevoegen, de maat van de muziek vaststellen, de audiomixer openen of gesproken tekst toevoegen.

Navigeren door de tijdlijn van de Professionele weergave

Bij het plaatsen en rangschikken van clips in de tijdlijn van de Professionele weergave, verplaatst u de huidige-tijdindicator naar de juiste locatie. In het tijdliniaal komt de huidige-tijdindicator overeen met het frame dat wordt weergegeven in het deelvenster Monitor.

Vanaf deze huidige-tijdindicator loopt een verticale lijn door alle tracks. Door in en uit te zoomen op de tijdlijn van de Professionele weergave, kunt u de exacte plaats bepalen voor een clip, of een bewerking uitvoeren.

  1. Voer een van de volgende handelingen uit in de tijdlijn van de Professionele weergave:
    • Sleep de huidige-tijdindicator.

    • Klik op het punt in de tijdliniaal waar u de huidige-tijdindicator wilt plaatsen.

    • Druk op Shift terwijl u de huidige-tijdindicator sleept om deze 'vast te zetten' op de rand van de dichtstbijzijnde clip of het dichtstbijzijnde markeerteken.

    • Sleep de tijdweergave (onder het deelvenster Monitor) naar de gewenste tijdwaarde.

    • Klik op de tijdweergave (onder aan het deelvenster Monitor), typ een geldige tijd en druk op Enter. (U hoeft geen voorloopnullen, dubbele punten of puntkomma's te typen. Houd er echter rekening mee dat in Adobe Premiere Elements getallen onder de 100 als frames worden geïnterpreteerd.)

    Opmerking:

    Met de toetsen Home of End op het toetsenbord kunt u terug- of vooruitgaan naar het begin of einde van de film. Met de toetsen Page Up en Page Down verplaatst u de huidige-tijdindicator respectievelijk naar de vorige en volgende clips. U kunt met de toetsen Pijl-rechts of Pijl-links de huidige-tijdindicator een frame vooruit- of terugplaatsen. Met Shift+Pijl-rechts of Shift+Pijl-links verplaats u de huidige-tijdindicator in stappen van vijf frames vooruit of achteruit.

Clips toevoegen aan de tijdlijn van de Professionele weergave

Als u een clip invoegt in de tijdlijn van de Professionele weergave, worden de aaneengesloten clips op alle tracks verplaatst om plaats te maken voor de nieuwe clip. Door alle clips gezamenlijk te verplaatsen, blijven het geluid en de videobeelden van de bestaande clips synchroon.

Soms wilt u alle clips niet bij elke invoeging verschuiven. Als u bijvoorbeeld achtergrondmuziek toevoegt die boven op de gehele film wordt geplaatst, wilt u geen clips verschuiven.

Als u bepaalde clips tegelijk wilt verplaatsen, drukt u de Alt-toets terwijl u de clips invoegt. Ook kunt u specifieke clips op maximaal twee tracks tegelijk verplaatsen. Dit zijn de track die de invoeging ontvangt en de track die de gekoppelde audio of video (indien aanwezig) bevat. Betrokken tracks worden tezamen verplaatst en blijven uitgelijnd. De clips op andere tracks worden niet beïnvloed.

Een clip invoegen en clips verplaatsen in de tijdlijn van de Professionele weergave

  1. Voer een van de volgende handelingen uit:
    • Sleep de clip van het deelvenster Projectelementen naar de gewenste locatie in de tijdlijn van de Professionele weergave. Wanneer de aanwijzer verandert in het invoegpictogram, laat u de muis los.

    • Verplaats de huidige-tijdindicator naar de gewenste locatie in de tijdlijn van de Professionele weergave. Selecteer de clip in het deelvenster Projectelementen en kies Clip > Invoegen.

Een clip invoegen en clips verplaatsen naar alleen de doeltracks en de gekoppelde tracks

  1. Houd de Alt-toets ingedrukt en sleep de clip van het deelvenster Projectelementen naar de gewenste locatie in de tijdlijn van de Professionele weergave. Wanneer de aanwijzer verandert in het invoegpictogram, laat u de muis los.

    Als u een clip naar de lege ruimte boven de bovenste videotrack (voor video) of onder de onderste audiotrack (voor audio) sleept, maakt Adobe Premiere Elements een nieuwe track voor de clip. Als de clip audio en video bevat, worden een nieuwe videotrack en een nieuwe audiotrack gemaakt.

Een clip bedekken met overlay in de tijdlijn van de Professionele weergave

De eenvoudigste manier om een gedeelte met videobeelden te vervangen is deze te bedekken door ander beeldmateriaal. Wanneer u een clip bedekt, worden bestaande frames op de locatie die u opgeeft, vervangen door de clip die u toevoegt.

Als de nieuwe clip veertig frames lang is, worden veertig frames van de bestaande clip bedekt. Als er frames zijn die volgen op de overlay, blijven deze op dezelfde locatie op de track staan. Met bedekkingen wordt de lengte van de film niet gewijzigd tenzij de bedekking het einde van de film overschrijdt.

  1. Voer een van de volgende handelingen uit:
    • Houd de Ctrl-toets of de Cmd-toets ingedrukt en sleep de clip van het deelvenster Projectelementen naar het eerste frame dat u wilt bedekken. Wanneer de aanwijzer verandert in het bedekkingspictogram, laat u de muis los.

    • Verplaats de huidige-tijdindicator naar het eerste frame dat u wilt bedekken, selecteer de clip in het deelvenster Projectelementen en kies vervolgens Clip > Bedekken.

Eén clip boven op een andere plaatsen in de tijdlijn van de Professionele weergave

U kunt een clip boven een andere clip plaatsen zonder een gedeelte van de onderste clip te vervangen, zoals bij een bedekking. U kunt clips die op deze manier zijn gestapeld, bijvoorbeeld gebruiken met verschillende keyingeffecten.

  1. In de tijdlijn van de Professionele weergave sleept u de huidige-tijdindicator naar een locatie boven een videoclip waar u een andere clip wilt bedekken.
  2. Houd de Shift-toets ingedrukt en sleep de clip van het deelvenster Projectelementen naar het deelvenster Monitor.
  3. Kies Boven plaatsen.

Adobe Premiere Elements plaatst de tweede clip in de videotrack die als eerste beschikbaar is op de locatie van de huidige-tijdindicator.

Een clip vervangen in de tijdlijn van de Professionele weergave

Als u een clip in het midden van de tijdlijn van de Professionele weergave wilt vervangen zonder de lengte te veranderen of de effecten en bedekkingen te wijzigen, gebruikt u de opdracht Clip vervangen. Deze optie is handig wanneer u verbrede instant films wilt bewerken.

  1. Selecteer in het deelvenster Projectelementen de clip die u wilt gebruiken.
  2. Klik met de rechtermuisknop of houd de Ctrl-toets ingedrukt en klik op de clip die u wilt vervangen en kies Clip van projectelementen vervangen.

    Als de binnenkomende clip langer duurt, wordt deze aan het einde getrimd en aangepast aan de bestaande duur van de uitgaande clip.

    Als de binnenkomende clip een kortere duur heeft, wordt een waarschuwingsbericht weergegeven en kunt u de vervangingsactie annuleren of zwarte frames gebruiken om de overtollige duur op te vullen.

Clips in de tijdlijn van de Professionele weergave selecteren, verplaatsen, uitlijnen en verwijderen

Nadat u een clip aan uw film hebt toegevoegd, moet u mogelijk clips opnieuw rangschikken, scènes kopiëren en plakken en andere clips verwijderen. U beschikt over diverse methoden om afzonderlijke clips, een reeks clips of alleen het audio- of videodeel van een gekoppelde clip te selecteren.

Clips in de tijdlijn van de Professionele weergave selecteren

  1. Voer een van de volgende handelingen uit met behulp van de muiscursor:
    • Als u één clip wilt selecteren, klikt u op de clip in de tijdlijn van de Professionele weergave. Als de clip is gekoppeld of gegroepeerd, worden de andere gekoppelde of gegroepeerde clips ook geselecteerd wanneer u op één clip klikt.

    • Als u alleen het audio- of videodeel van gekoppelde clips wilt selecteren, klikt u op de gewenste clip terwijl u Alt ingedrukt houdt.

    • Als u één clip wilt selecteren in een groep, klikt u op de gewenste clip terwijl u Alt ingedrukt houdt.

    • Als u meerdere clips wilt selecteren, klikt u op elke clip die u wilt selecteren terwijl u Shift ingedrukt houdt. (Klik op een geselecteerde clip terwijl u Shift ingedrukt houdt om deze te deselecteren.)

    • Als u opeenvolgende clips wilt selecteren, sleept u een rechthoek (selectiekader) die de clips bevat die u wilt selecteren.

    • Als u een reeks clips wilt toevoegen aan de huidige selectie, sleept u een selectiekader om de clips terwijl u Shift ingedrukt houdt.

    ac_selecting_clips_sc
    Een reeks clips selecteren door een selectiekader te slepen

Een clip in de tijdlijn van de Professionele weergave verplaatsen

U kunt clips gemakkelijk opnieuw rangschikken in de tijdlijn van de Professionele weergave door ze te slepen. Met dezelfde methoden als u clips toevoegt, kunt u clips invoegen of bedekken wanneer u deze verplaatst.

  • Als u een clip wilt verplaatsen en invoegen zodat alle tracks worden verplaatst na het invoegen, sleept u de clip naar de gewenste locatie. Wanneer de aanwijzer verandert in het invoegpictogram, laat u de muisknop los.
  • Als u een clip wilt verplaatsen en een andere clip in de film wilt bedekken, sleept u de clip naar het eerste frame dat u wilt bedekken en drukt u vervolgens op Ctrl of Cmd. Wanneer de aanwijzer verandert in het bedekkingspictogram, laat u de muis los.
  • Als u slechts één clip van een gekoppeld paar wilt verplaatsen, selecteert u de clip die u wilt verplaatsen terwijl u Alt ingedrukt houdt. Sleep de clip vervolgens naar de gewenste locatie. Als u alleen clips op de doeltracks wilt verplaatsen, laat u de muisknop los wanneer de aanwijzer verandert in het invoegpictogram. Als u een andere clip wilt bedekken, drukt u op Ctrl en laat u de muisknop los wanneer de aanwijzer verandert in het bedekkingspictogram.

Clips uitlijnen met de optie Magnetisch

Met de optie Magnetisch, die standaard is ingeschakeld, kunt u clips gemakkelijker met elkaar of met bepaalde punten in de tijd uitlijnen. U kunt een clip met de geselecteerde optie Snap verplaatsen. De clip wordt automatisch uitgelijnd op de rand van een andere clip, een markering, het begin en einde van het tijdliniaal of de huidige-tijdindicator.

Met behulp van de snapfunctie zorgt u ervoor dat u niet per ongeluk een invoeg- of bedekkingsbewerking uitvoert tijdens het slepen. Terwijl u de clips sleept, wordt er een pop-upvenster weergegeven dat de afstand, in frames, weergeeft waarover u de clips hebt verplaatst. Een negatief getal geeft aan dat u de clip in de richting van het begin van de film hebt verplaatst.

  1. Kies Tijdlijn > Magnetisch. Een vinkje geeft aan dat de optie is ingeschakeld.

Een clip in de tijdlijn van de Snelle weergave of de Professionele weergave verwijderen

Als u een clip verwijdert uit een film, wordt deze niet verwijderd uit het project. De clip blijft beschikbaar in het deelvenster Projectelementen.

  1. Selecteer een of meer clips in de tijdlijn van de Snelle weergave of de Professionele weergave. (Houd Alt ingedrukt en klik om alleen het audio- of videodeel van een clip te selecteren.)
  2. Voer een van de volgende handelingen uit:
    • Als u clips wilt verwijderen en een tussenruimte van dezelfde duur wilt behouden, het zogeheten wissen, kiest u Bewerken > Verwijderen.

    • Als u een clip wilt verwijderen en de ontstane ruimte wilt sluiten, rimpelverwijdering genaamd, kiest u Bewerken > Tussenruimte verwijderen en sluiten of drukt u op de toets Delete of Backspace.

    Opmerking:

    Wanneer een clip uit de tijdlijn van de Snelle weergave wordt verwijderd, wordt een overgang die de clip volgt, ook verwijderd. Wanneer een clip uit de tijdlijn van de Professionele weergave wordt verwijderd, wordt een overgang die de clip volgt, ook verwijderd.

Lege ruimtes tussen clips in de tijdlijn van de Professionele weergave verwijderen

U kunt snel lege ruimtes clips in de tijdlijn van de Professionele weergave verwijderen door de opdracht Verwijderen en tussenruimte sluiten te gebruiken. Of u kunt ook op de Delete- of Backspace-toets drukken. Met beide methoden worden aangrenzende clips verplaatst om de tussenruimte te vullen.

  1. Voer een van de volgende handelingen uit in de tijdlijn van de Professionele weergave:
    • Klik met de rechtermuisknop op de lege ruimte en kies Tussenruimte verwijderen en sluiten.

    • Selecteer de tussenruimte die u wilt verwijderen en druk op Delete of Backspace.

      Opmerking: als de tussenruimte klein is en moeilijk is te selecteren, verplaatst u de huidige-tijdindicator naar de tussenruimte en klikt u op de knop Inzoomen.

Een dubbele clip maken in de tijdlijn van de Professionele weergave

Elke keer dat u een bronclip van het deelvenster Projectelementen naar de tijdlijn van de Professionele weergave sleept, maakt u een clipinstantie. Deze instantie deelt de standaardpunten In en Uit van de bronclip. Als u de bronclip in het deelvenster Projectelementen verwijdert, worden alle instanties van de clip in de tijdlijn van de Professionele weergave verwijderd.

Als u clipinstanties wilt maken met verschillende standaardpunten In en Uit, dupliceert de bronclip in het deelvenster Projectelementen. Als u een gedupliceerde clip in het deelvenster Projectelementen verwijdert, worden alle instanties van die clip in de tijdlijn van de Professionele weergave verwijderd.

  1. Selecteer in het deelvenster Projectelementen een clip en kies Bewerken > Dupliceren.
  2. Als u de naam van de gedupliceerde clip wilt wijzigen, selecteert u deze clip in het deelvenster Projectelementen en voert u een van de volgende handelingen uit:
    • Kies Clip > Naam wijzigen en typ een nieuwe naam.

    • Klik op de tekst en typ een nieuwe naam.

    Opmerking:

    U kunt ook een gedupliceerde clip maken door te kopiëren en te plakken of door de Ctrl-toets ingedrukt te houden en een clip naar het deelvenster Projectelementen te slepen.

De duur van geselecteerde clips in de tijdlijn van de Professionele weergave bekijken

Het deelvenster Info geeft u de totale duur weer van meerdere clips die in de tijdlijn van de Snelle weergave of de Professionele weergave zijn geselecteerd. Deze informatie is vaak nuttig bij het bewerken van een film. Mogelijk wilt u bijvoorbeeld muziek zoeken bij een scène of wilt u enkele clips vervangen door ander beeldmateriaal.

Als u clips selecteert in het deelvenster Projectelementen, geeft het deelvenster Info de totale duur weer van alle clips die u selecteert. Als u clips in de tijdlijn van de Snelle weergave of de Professionele weergave selecteert, wordt in het deelvenster Info de totale duur van de geselecteerde clips weergegeven.

De duur wordt berekend vanaf het inpunt van de eerst geselecteerde clip naar het uitpunt van de laatst geselecteerde clip. Als de clips niet aaneengesloten zijn in de tracks, kan de duur langer zijn dan de totale duur van de clips.

  1. Controleer of het deelvenster Info wordt weergegeven. Kies Venster > Info als het palet niet wordt weergegeven.
  2. In het deelvenster Projectelementen, de tijdlijn van de Snelle weergave of de tijdlijn van de Professionele weergave selecteert u de gewenste clips. Het deelvenster Info geeft het aantal geselecteerde items en de totale duur van deze items weer.

    Opmerking:

    U kunt de duur van één clip in een knopinfo bekijken door de cursor over een clip in de tijdlijn van de Snelle weergave of de Professionele weergave te bewegen.

Tracks in de tijdlijn van de Professionele weergave aanpassen

U kunt tracks in de tijdlijn van de Professionele weergave aanpassen aan de noden van uw project.

Een track toevoegen aan de tijdlijn van de Professionele weergave

  1. Kies Tijdlijn > Tracks toevoegen.
  2. Typ in het dialoogvenster Tracks toevoegen het aantal tracks dat u wilt toevoegen in het veld Toevoegen voor video- of audiotracks.
  3. Als u de plaats van toegevoegde tracks wilt opgeven, kiest u een optie in het pop-upmenu Plaatsing voor elk type track dat wordt toegevoegd en klikt u op OK.

De grootte van tracks wijzigen

Tracks beschikken over drie vooraf ingestelde grootten: Klein, Normaal en Groot. De weergave Groot is handig om de miniaturen van de clip te bekijken en de effecten, zoals de transparantie of het volume van een clip, aan te passen. U kunt de grootte van tracks ook handmatig wijzigen en u kunt het kopgebied van tracks breder maken om ruimte te bieden aan lange tracknamen. Als uw film verschillende tracks bevat, kunt u het relatieve gedeelte van de tracks aanpassen om de voorkeur te geven aan de tracks die u wilt zien.

Standaard zijn tracknamen verborgen. Als u tracknamen wilt weergeven, wijzigt u de grootte van het koptekstgebied van de track.

De hoogte van een track aanpassen

  1. Voer een van de volgende handelingen uit in de tijdlijn van de Professionele weergave:

    • Klik met de rechtermuisknop of houd de Ctrl-toets ingedrukt en klik op een lege track in de tijdlijn van de Professionele weergave en kies Trackgrootte. Kies vervolgens Klein, Normaal of Groot.

    • In het koptekstgebied van de track in de tijdlijn van de Professionele weergave plaatst u de aanwijzer tussen twee tracks zodat het pictogram Hoogteaanpassing wordt weergegeven. Vervolgens sleept u omhoog of omlaag om de grootte van de track boven eronder (voor video) of de track eronder (voor audio) te wijzigen.

    ac_resize_track_rt
    Trackhoogte wijzigen in de tijdlijn van de Professionele weergave

De grootte van het koptekstgebied van de track in de tijdlijn van de Professionele weergave wijzigen

  1. Plaats in de tijdlijn van de Professionele weergave de aanwijzer over de rechterzijde van de koptekst van de track (waar trackpictogrammen worden weergegeven), zodat het pictogram Grootte wijzigen verschijnt. Sleep vervolgens de rechterzijde. (Met de pictogrammen boven aan de kop van de track wordt de minimale breedte beperkt. De maximale breedte is ongeveer tweemaal de minimale breedte.)

De naam van een track wijzigen

  1. Klik met de rechtermuisknop of houd de Ctrl-toets ingedrukt en klik op de naam van de track (bijvoorbeeld Video 1) in de tijdlijn van de Professionele weergave en kies Naam wijzigen.
  2. Typ een nieuwe naam voor de track en druk op Enter of klik buiten het vak.

Lege tracks verwijderen uit de tijdlijn van de Professionele weergave

  1. Voer een van de volgende handelingen uit:
    • Kies Tijdlijn > Lege tracks verwijderen.

    • Klik met de rechtermuisknop of houd de Ctrl-toets ingedrukt en klik op een lege track in de tijdlijn van de Professionele weergave en kies Lege tracks verwijderen.

Aanpassen hoe clips worden weergegeven in de tijdlijn van de Professionele weergave

U kunt clips in de tijdlijn van de Professionele weergave op verschillende manieren weergeven, afhankelijk van uw voorkeuren of de taak die wordt uitgevoerd. U kunt desgewenst een miniatuurafbeelding aan het begin van de clip weergeven. Of u kunt een miniatuurafbeelding weergeven aan de kop en de staart of langs de volledige duur van de clip (de standaardweergave). Voor een audiotrack kunt u de audiogolfvorm van de audio-inhoud naar wens weergeven of verbergen.

ac_display_buttons_dp
Met de knoppen voor het instellen van de weergavestijl kunt u instellen hoe tracks worden weergegeven in de tijdlijn van de Professionele weergave.

Als u miniatuurafbeeldingen weergeeft tijdens de duur van de clip, krijgt u een beeld van de voortgang van de clip. U moet de grenzen tussen de miniaturen echter niet verwarren met de werkelijke grenzen tussen de frames. U moet de miniaturen beschouwen als een storyboard of een schets van de inhoud van de clip.

  1. Klik op de knop Weergavestijl videotrack instellen of de knop Weergavestijl audiotrack instellen links in de track. Elke keer dat u klikt, wordt de weergavestijl van de track ingesteld op een andere weergave.

    Opmerking:

    Als u meer gegevens over het volume wilt bekijken tijdens het bekijken van een audiogolfvorm in de tijdlijn van de Professionele weergave, vergroot u de trackhoogte.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid