Als u een interactieve diapresentatie wilt maken, is het een goed idee om een dynamisch PDF-document te maken. U kunt interactieve documenten maken met knoppen, films, geluidclips, hyperlinks, bladwijzers en paginaovergangen. U kunt in InDesign ook documenten ontwerpen die u in Acrobat kunt omzetten in formulieren.

Interactieve documenten maken voor PDF

U kunt Adobe PDF-documenten exporteren die de volgende interactieve functies bevatten.

Bladwijzers

De bladwijzers die u in het InDesign-document maakt, staan op het tabblad Bladwijzers links in het venster van Adobe Acrobat of Adobe Reader. Elke bladwijzer springt naar een pagina, tekst of afbeelding in het geëxporteerde PDF-bestand. Zie Bladwijzers.

Films en geluidsclips

U kunt films en geluidclips aan een document toevoegen of koppelen aan streaming videobestanden op internet. Deze films en geluidsclips kunnen worden afgespeeld in het geëxporteerde PDF-bestand. Zie Films en geluiden.

Hyperlinks

Als u in een geëxporteerd PDF-document op een hyperlink klikt, wordt naar een andere locatie in het document, naar een ander document of naar een website gesprongen. Zie Hyperlinks.

Kruisverwijzingen

Via een kruisverwijzing worden lezers van het ene deel van uw document verwezen naar een ander deel van het geëxporteerde PDF-bestand. Kruisverwijzingen zijn met name handig in gebruikers- en referentiehandleidingen. Als een document met kruisverwijzingen wordt geëxporteerd naar PDF, fungeren de kruisverwijzingen als interactieve hyperlinks. Zie Kruisverwijzingen.

Paginaovergangen

Bij paginaovergangen wordt een decoratief effect toegepast, zoals een verspreiding of sluitereffect, als u pagina's omslaat in de geëxporteerde PDF terwijl u zich in de modus voor volledig scherm bevindt. Zie Paginaovergangen.

  1. Kies Bestand > Exporteren.

  2. Geef een naam en locatie voor het bestand op.

  3. Selecteer Gebruik de InDesign-documentnaam als de uitvoerbestandsnaam als u de geëxporteerde PDF dezelfde naam wilt geven als de naam van het document uit de volgende export.

  4. Kies Adobe PDF (interactief) bij Opslaan als type (Windows) of Structuur (Mac OS) en klik op Opslaan.

  5. Stel de opties in het dialoogvenster Exporteren als interactieve PDF in en klik op OK.

Opties voor exporteren naar interactief PDF-bestand

Het dialoogvenster Exporteren als interactieve PDF bevat de volgende opties.

Tabblad Algemeen

Pagina's

Geef aan of u de huidige selectie, alle pagina's in het document of een paginabereik wilt exporteren. Als u Bereik selecteert, geeft u het gewenste paginabereik op, bijvoorbeeld 1-7, 9 om pagina 1 tot en met 7 en pagina 9 af te drukken. Zie Opgeven welke pagina's moeten worden afgedrukt.

Exporteren als

Geef aan of u het document wilt exporteren als pagina's of als spreads.

Aparte PDF-bestanden maken

Selecteer deze optie als u aparte PDF-bestanden wilt maken van elke pagina of spread.

Weergave

De aanvankelijke weergave-instellingen van het PDF-bestand wanneer dit wordt geopend.

Layout

De aanvankelijke layout van het PDF-bestand wanneer dit wordt geopend.

Presentatie

Selecteer Openen in modus Volledig scherm om het PDF-bestand zonder menu's of deelvensters weer te geven in Adobe Acrobat of Adobe Reader. Als u de pagina's automatisch wilt laten doorlopen, selecteert u Pagina's spiegelen bij elke en geeft u het aantal seconden tussen het omslaan van de pagina's op.

Na exporteren weergeven

Hiermee opent u het nieuwe PDF-bestand in de standaardtoepassing waarin PDF-bestanden worden weergegeven.

Paginaovergangen

Geef één paginaovergang op die bij het exporteren op alle pagina's wordt toegepast. Als u overgangen opgeeft in het deelvenster Paginaovergangen, kiest u de optie Op basis van document om de desbetreffende instellingen te gebruiken.

Formulieren en media

Selecteer Alles opnemen als u interactieve films, geluiden en knoppen in het geëxporteerde PDF-bestand wilt opnemen. Selecteer Alleen vormgeving als u de videoposters en de normale status van knoppen als statische elementen in het bestand wilt opnemen.

Miniaturen op pagina insluiten

Hiermee wordt een miniatuur weergegeven voor elke pagina in de PDF, waardoor het bestand groter wordt. Schakel deze instelling uit wanneer gebruikers van Acrobat 5.0 en later de PDF zullen weergeven en afdrukken. In deze versies worden miniaturen steeds dynamisch gegenereerd wanneer u op het deelvenster Pagina's van een PDF klikt.

Acrobat-lagen maken

Hiermee wordt elke InDesign-laag als een Acrobat-laag in het PDF-bestand opgeslagen. U kunt volledig door die lagen navigeren, waardoor gebruikers met Acrobat 6.0 en hoger meerdere versies van het document vanuit een enkel PDF-bestand kunnen bekijken.

Gelabelde PDF maken

Hiermee worden tijdens het exporteren elementen in het artikel automatisch van labels voorzien op basis van een subset van de Acrobat-labels die door InDesign worden ondersteund. Dit omvat de herkenning van alinea's, standaard tekstopmaak, lijsten en tabellen. (U kunt deze labels in het document invoegen en aanpassen, voordat u naar PDF exporteert. Zie Structuur aan PDF-bestanden toevoegen.)

Structuur gebruiken voor de tabvolgorde

Gebruik bij exporteren de tabvolgorde die is opgegeven met Objecten > Interactief > Tabvolgorde instellen. Deze optie is alleen beschikbaar voor gelabelde PDF's.

Tabblad Compressie

Compressie

Kies JPEG (met gegevensverlies) om afbeeldingsgegevens te verwijderen en de afbeeldingskwaliteit eventueel te verlagen. Het bestand wordt dan kleiner en het gegevensverlies wordt tot het minimum beperkt. Kies JPEG 2000 (zonder gegevensverlies) om het bestand met compressie zonder gegevensverlies te exporteren. Kies Automatisch om InDesign de beste kwaliteit voor afbeeldingen in kleur en grijswaarden te laten bepalen.

JPEG-kwaliteit

Hiermee geeft u op hoe gedetailleerd de geëxporteerde afbeelding moet worden. Hoe hoger de kwaliteit, hoe groter het bestand. Deze optie is grijs als u bij Compressie de optie JPEG 2000 (zonder gegevensverlies) selecteert.

Resolutie

Hiermee bepaalt u de resolutie van bitmapafbeeldingen in het geëxporteerde PDF-bestand. Een hoge resolutie is vooral belangrijk wanneer u gebruikers wilt laten inzoomen op inhoud op basis van pixels in uw geëxporteerde PDF-bestand. Een hoge resolutie kan resulteren in zeer grote bestanden.

Tabblad Geavanceerd

Titel weergeven

Kies wat u wilt weergeven in de titelbalk van Acrobat wanneer uw PDF wordt geopend. Beschikbare opties zijn Documenttitel en Bestandsnaam.

Taal

Kies de documenttaal voor het PDF-bestand. Hiermee wordt de standaardtaal voor het geëxporteerde PDF-bestand bepaald. Als de vereiste taal niet voorkomt in de lijst, kunt u ook de standaard ISO-code voor de taal invoeren.

Tabblad Beveiliging

Een wachtwoord vereisen om het document te openen

Selecteer deze optie als gebruikers het wachtwoord dat u opgeeft, moeten invoeren om het document te openen.

Wachtwoord voor document openen

Geef het wachtwoord op dat gebruikers moeten invoeren om het PDF-bestand te openen.

Een wachtwoord gebruiken om afdrukken, bewerken en overige taken te beperken

Beperkt de toegang tot de beveiligingsinstellingen van het PDF-bestand. Als het bestand wordt geopend in Adobe Acrobat, kan de gebruiker het bestand bekijken, maar moet hij of zij wel het opgegeven wachtwoord voor machtigingen invoeren om de instellingen voor beveiliging en machtigingen te kunnen wijzigen. Als het bestand wordt geopend in Illustrator, Photoshop of InDesign, moet de gebruiker het wachtwoord voor machtigingen invoeren, omdat het bestand niet in de alleen-weergavemodus kan worden geopend.

Wachtwoord voor machtigingen

Geef een wachtwoord op dat nodig is om de machtigingsinstellingen te wijzigen. Deze optie is alleen beschikbaar als de vorige optie is geselecteerd.

Afdrukken toegestaan

Hiermee geeft u het niveau op waarmee gebruikers het PDF-bestand mogen afdrukken.

Geen

Hiermee voorkomt u dat gebruikers het bestand afdrukken.

Lage resolutie (150 dpi)

Gebruikers kunnen afdrukken bij een maximale resolutie van 150 dpi. Dit kan het afdrukken vertragen omdat elke pagina wordt afgedrukt als een bitmapafbeelding.

Hoge resolutie

Gebruikers kunnen met een willekeurige resolutie afdrukken, waarbij vectoruitvoer van hoge kwaliteit wordt afgedrukt op PostScript-printers en andere printers die geavanceerde functies voor hoge afdrukkwaliteit ondersteunen.

Wijzigingen toegestaan

Hiermee definieert u welke bewerkingen kunnen worden uitgevoerd in het PDF-document.

Geen

Met deze instelling kan de gebruiker geen van de wijzigingen aanbrengen die worden weergegeven in het menu Wijzigingen toegestaan, zoals het invullen van formuliervelden en het toevoegen van opmerkingen.

Pagina's invoegen, verwijderen en roteren

Hiermee kunnen gebruikers pagina's invoegen, verwijderen en roteren en bladwijzers en miniaturen maken.

Formuliervelden invullen en ondertekenen

Gebruikers kunnen formulieren invullen en formulieren digitaal ondertekenen. Bij deze optie kunnen geen opmerkingen of formuliervelden worden toegevoegd.

Opmerkingen plaatsen, formuliervelden invullen en ondertekenen

Gebruikers kunnen opmerkingen toevoegen, formulieren invullen en formulieren digitaal ondertekenen. Met deze optie kunnen geen paginaobjecten worden verplaatst of formuliervelden worden gemaakt.

Alles, behalve pagina's extraheren

Gebruikers kunnen het document bewerken, formuliervelden maken en invullen, opmerkingen toevoegen en formulieren digitaal ondertekenen.

Kopiëren van tekst, afbeeldingen en andere inhoud toestaan

Gebruikers kunnen de inhoud van een PDF selecteren en kopiëren.

Tekstweergave voor slechtzienden op schermlezers inschakelen

Mensen met een visuele handicap kunnen het document lezen met een schermlezer, maar het is niet mogelijk om de documentinhoud te kopiëren of uit te nemen.

Onbewerkte metagegevens toestaan

Hiermee kunnen gebruikers inhoud vanuit het PDF-bestand kopiëren en ophalen. Als u deze optie selecteert, hebben opslag-/zoeksystemen en zoekfuncties toegang tot de metagegevens in het document. 

PDF-formulieren maken (CS5.5 en CS5)

InDesign bevat geen functies voor het toevoegen van formuliervelden, maar Adobe Acrobat biedt deze functies wel. U kunt in InDesign een formulier maken met plaatsaanduidingen voor velden zoals keuzerondjes, selectievakjes en tekstvelden. Daarna kunt u het bestand exporteren als PDF-bestand en de plaatsaanduidingen omzetten in formuliervelden in Acrobat.

  1. Maak in InDesign het document dat u voor het formulier wilt gebruiken. Gebruik tabellen en tekstvakken om de plaatsaanduidingen voor de velden te maken.

    Desgewenst kunt u in InDesign eveneens interactieve knoppen toevoegen.

  2. Exporteer het document naar Adobe PDF.

  3. Start de Formulierwizard om de plaatsaanduidingen om te zetten naar formuliervelden. Gebruik de formulierfuncties om het formulier toe te voegen en te bewerken. Raadpleeg de documentatie van Adobe Acrobat voor meer informatie.

    • In Acrobat X kiest u Extra > Formulieren > Maken om de Formulierwizard te starten.

    • In Adobe Acrobat 9 kiest u Formulieren > Formulierwizard.

Aanvullende bronnen

Designing forms for auto field detection in Adobe Acrobat is een artikel van het Adobe-team over het maken van formulieren voor automatische velddetectie in Adobe Acrobat.

Acrobat Friendly Form Design is een zelfstudievideo van Michael Murphy over het maken van formulieren.

Creating PDF Forms in InDesign is een artikel van Bob Bringhurst over het ontwerpen van formulieren.

Een voorvertoning weergeven van interactieve documenten

In het deelvenster Voorvertoning kunt u een voorvertoning weergeven van de interactiviteit en animatie van de huidige selectie of spread of van het hele document. U kunt het formaat van dit deelvenster wijzigen, u kunt het koppelen of laten zweven of zelfs naar een tweede beeldscherm verplaatsen.

  1. Kies Venster > Interactief > Voorvertoning.

  2. Voer een of meer van de volgende handelingen uit om een voorvertoning van de interactiviteit en animatie weer te geven:

    • Klik op de knop Modus Voorvertoning selectie instellen  om een voorvertoning van de huidige selectie weer te geven.

    • Klik op de knop Modus Voorvertoning spread instellen  om een voorvertoning van de huidige spread weer te geven.

    • Klik op de knop Modus Voorvertoning document instellen  om een voorvertoning van het huidige document weer te geven.

  3. Klik op de knop Voorvertoning afspelen  om een voorvertoning van de selectie, de spread of het document weer te geven. Klik desgewenst op interactieve items, zoals knoppen in het deelvenster Voorvertoning, om deze te testen.

    Klik tijdens het voorvertonen van een document op de pijlen Ga naar vorige pagina en Ga naar volgende pagina onder aan het deelvenster om naar andere pagina's te navigeren.

Opmerking:

Als u uw document bewerkt, kunt u de voorvertoning vernieuwen door op de knop Voorvertoning afspelen in het deelvenster Voorvertoning te klikken.

Een voorvertoning van het document weergeven in een webbrowser

  1. Kies Testen in browser in het menu van het deelvenster Voorvertoning.

  2. Klik op de interactieve items in uw document om deze te testen.

Voorvertoningsinstellingen bewerken

  1. Kies Voorvertoningsinstellingen bewerken in het menu van het deelvenster Voorvertoning.

    In het dialoogvenster Voorvertoningsinstellingen ziet u de actieve instellingen van het dialoogvenster SWF exporteren.

  2. Bewerk indien nodig de instellingen. Zie SWF-exportopties.

Presentatiemodus gebruiken

In de Presentatiemodus wordt het actieve InDesign-document weergegeven als een presentatie. In deze modus zijn het toepassingsmenu, de deelvensters, hulplijnen en kaderranden verborgen. Het achtergrondgebied heeft standaard een donkere kleur voor het geval het formaat van uw document afwijkt van de proporties van de monitor die u gebruikt.

De Presentatiemodus is bijzonder handig in combinatie met de functie Connect van Adobe. U kunt een webvergadering starten met de opdracht Bestand > Mijn scherm delen. Als uw scherm eenmaal wordt gedeeld, kunt u het InDesign-document weergeven in de Presentatiemodus.

  1. Kies Weergave > Schermmodus > Presentatie.

  2. Druk op een van de volgende toetsen.

    Handeling

    Beschrijving

    Muisklik, pijl-rechts of PgDn

    Volgende spread

    Shift ingedrukt houden en klikken, rechtermuisknop ingedrukt houden en klikken, pijl-links of PgUp

    Vorige spread

    Esc

    Presentatiemodus afsluiten

    Home

    Eerste spread

    End

    Laatste spread

    B

    Achtergrondkleur wijzigen in zwart

    W

    Achtergrondkleur wijzigen in wit

    G

    Achtergrondkleur wijzigen in grijs

Opmerking:

U kunt documenten niet bewerken in de Presentatiemodus. Als u echter met twee beeldschermen werkt, kunt u twee vensters van hetzelfde document openen en de Presentatiemodus in een van deze vensters weergeven. U kunt het document dan bewerken in de standaardmodus en de resultaten meteen bekijken in het venster Presentatiemodus.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid