Opmerking:

De gebruikersinterface van Dreamweaver CC en hoger is vereenvoudigd. Daarom zijn sommige opties die in dit artikel worden beschreven, niet beschikbaar in Dreamweaver CC en hoger. Meer informatie vindt u in dit artikel.

Over dynamische inhoud

U kunt de dynamische inhoud op een pagina wijzigen door het servergedrag te wijzigen dat de inhoud verschaft. U kunt bijvoorbeeld het servergedrag van een resordset bewerken om meer records op de pagina weer te geven.

Dynamische inhoud op een pagina wordt in het paneel Servergedrag weergegeven. Als u bijvoorbeeld een recordset aan uw pagina toevoegt, wordt deze in het paneel Servergedrag als volgt weergegeven:

Recordset(myRecordset)

Als u nog een recordset aan uw pagina toevoegt, worden beide in het paneel Servergedrag als volgt weergegeven:

Recordset(mySecondRecordset)Recordset(myRecordset)

Dynamische inhoud bewerken

  1. Open het paneel Servergedrag (Venster > Servergedrag).
  2. Klik op de plusknop (+) om het servergedrag weer te geven en dubbelklik op het servergedrag in het paneel.

    Het dialoogvenster waarin u de oorspronkelijke gegevensbron hebt gedefinieerd, wordt geopend.

  3. Breng de gewenste wijzigingen aan in het dialoogvenster en klik op OK.

Dynamische inhoud verwijderen

  1. Wanneer u dynamische inhoud aan een pagina hebt toegevoegd, kunt u deze op een van de volgende manieren verwijderen:
    • Selecteer de dynamische inhoud op de pagina en druk op Delete.

    • Selecteer de dynamische inhoud in het paneel Servergedrag en klik op de minknop (-).

    Opmerking:

    Met deze handeling verwijdert u het op de server gemaakte script van de pagina dat de dynamische inhoud van de database ophaalt. De gegevens worden niet uit de database verwijderd.

Dynamische inhoud testen

U kunt dynamische inhoud bekijken en bewerken met Live View.

Terwijl dynamische inhoud wordt weergegeven, kunt u de volgende taken uitvoeren:

  • De indeling van de pagina wijzigen met de paginaontwerpgereedschappen;

  • Dynamische inhoud toevoegen, bewerken of verwijderen;

  • Servergedrag toevoegen, bewerken of verwijderen.

  1. Klik op de knop Live View om dynamische inhoud weer te geven.
  2. Breng de noodzakelijke wijzigingen op de pagina aan. Schakel tussen Live View en de code- of ontwerpweergave om wijzigingen aan te brengen en het effect van de wijzigingen te controleren.

Gebruikers van Adobe Contribute dynamische inhoud laten bewerken

Wanneer een gebruiker van Contribute een pagina bewerkt die dynamische inhoud of onzichtbare elementen (zoals scripts en commentaren) bevat, worden de dynamische inhoud en onzichtbare elementen in Contribute als gele markeringen weergegeven. Standaard kunnen Contribute-gebruikers deze markeringen niet selecteren of verwijderen.

Als u wilt dat Contribute-gebruikers dynamische inhoud en andere onzichtbare elementen kunnen selecteren en van een pagina kunnen verwijderen, wijzigt u de instellingen in de machtigingsgroep zodat selectie of verwijdering is toegestaan. Contribute-gebruikers kunnen dynamische inhoud normaliter nooit bewerken, zelfs niet wanneer u de selectie ervan toestaat.

Opmerking:

Met behulp van bepaalde servertechnologieën kunt u statische tekst weergeven met een servertag of functie. Als u wilt toestaan dat Contribute-gebruikers de statische tekst kunnen bewerken op een dynamische pagina die een dergelijke servertechnologie gebruikt, plaatst u de statische tekst buiten de servertags. Zie Adobe Contribute beheren voor meer informatie.

  1. Selecteer Site > Contribute-site beheren.
  2. Als bepaalde verplichte opties voor Contribute-compatibiliteit niet zijn ingeschakeld, wordt een dialoogvenster geopend waarin u wordt gevraagd deze opties in te schakelen. Klik op OK om deze opties en Contribute-compatibiliteit in te schakelen.
  3. Typ het beheerderswachtwoord als u hierom wordt gevraagd en klik op OK.

    Het dialoogvenster Website beheren wordt geopend.

  4. Selecteer een rol in de categorie Gebruikers en rollen, en klik op de knop Rolinstellingen bewerken.
  5. Selecteer de categorie Bewerking en schakel de optie voor het beschermen van scripts en formulieren uit.
  6. Klik op OK om het dialoogvenster Instellingen bewerken te sluiten.
  7. Klik op Sluiten om het dialoogvenster Website beheren te sluiten.

Recordsets wijzigen met de eigenschappencontrole

Gebruik de eigenschappencontrole om de geselecteerde recordset te wijzigen. Welke opties beschikbaar zijn, hangt af van het servermodel.

  1. Open de eigenschappencontrole (Venster > Eigenschappen) en selecteer dan de recordset in het paneel Servergedrag (Venster > Servergedrag).
  2. Bewerk de opties. Wanneer u in de eigenschappencontrole een nieuwe optie selecteert, wordt de pagina in Dreamweaver bijgewerkt.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid