Handboek Annuleren

Selecties maken en maskers toevoegen

  1. Photoshop Handboek
  2. Inleiding tot Photoshop
    1. Dream it. Make it.
    2. Nieuwe functies in Photoshop
    3. Uw eerste foto bewerken
    4. Documenten maken
    5. Photoshop | Veelgestelde vragen
    6. Systeemvereisten voor Photoshop
    7. Voorinstellingen, handelingen en instellingen migreren
    8. Maak kennis met Photoshop
  3. Photoshop en Adobe-services
    1. Photoshop en Adobe Stock
    2. Creative Cloud Libraries
    3. Creative Cloud Libraries in Photoshop
    4. De Touch Bar gebruiken met Photoshop
    5. Werken met illustraties van Illustrator in Photoshop
    6. De Capture-in-app-extensie in Photoshop gebruiken
    7. Raster en hulplijnen
    8. Handelingen maken
    9. Ongedaan maken en historie
    10. Standaardsneltoetsen
    11. Aanraakfuncties en aanpasbare werkruimten
  4. Photoshop voor de iPad
    1. Photoshop op de iPad | Veelgestelde vragen
    2. Kennismaken met de werkruimte
    3. Systeemvereisten | Photoshop voor iPad
    4. Documenten maken, openen en exporteren
    5. Foto's toevoegen
    6. Werken met lagen
    7. Tekenen en schilderen met penselen
    8. Selecties maken en maskers toevoegen
    9. Uw composities retoucheren
    10. Werk met aanpassingslagen
    11. Pas de tonaliteit van uw compositie aan met Curven
    12. Transformatiebewerkingen toepassen
    13. Uw composities uitsnijden en roteren
    14. Canvas roteren, pannen, zoomen en opnieuw instellen
    15. Werk met tekstlagen
    16. Werk met Photoshop en Lightroom
    17. Vind ontbrekende lettertypen in Photoshop op de iPad
    18. Japanse tekens in Photoshop op de iPad
    19. App-instellingen beheren
    20. Aanraaksneltoetsen en bewegingen
    21. Sneltoetsen
    22. Afbeeldingsgrootte bewerken
    23. Livestreamen terwijl u in Photoshop werkt op de iPad
    24. Imperfecties corrigeren met het Retoucheerpenseel
    25. Penselen maken in Capture en gebruiken in Photoshop
    26. Werken met Camera Raw-bestanden
    27. Slimme objecten maken en ermee werken
    28. De belichting in uw afbeeldingen aanpassen met Tegenhouden en Doordrukken
  5. Photoshop op internet (bèta)
    1. Veelgestelde vragen | Photoshop op internet (bèta) 
    2. Kennismaken met de werkruimte
    3. Systeemvereisten | Photoshop op internet (bèta)
    4. Sneltoetsen | Photoshop op internet (bèta)
    5. Ondersteunde bestandstypen | Photoshop op internet (bèta)
    6. Clouddocumenten openen en bewerken
    7. Samenwerken met belanghebbenden
    8. Beperkte bewerkingen toepassen op uw clouddocumenten
  6. Clouddocumenten
    1. Photoshop-clouddocumenten | Algemene vragen
    2. Photoshop-clouddocumenten | Vragen over workflow
    3. Clouddocumenten beheren en bewerken in Photoshop
    4. Cloudopslag upgraden voor Photoshop
    5. Kan geen clouddocumenten maken of opslaan
    6. Fouten met Photoshop-clouddocumenten oplossen
    7. Synchronisatielogboeken voor clouddocumenten verzamelen
    8. Toegang delen en uw clouddocumenten bewerken
    9. Bestanden delen en opmerkingen in de app
  7. Werkruimte
    1. Basisbegrippen voor werkruimten
    2. Documenten maken
    3. De Touch Bar gebruiken met Photoshop
    4. Ondersteuning voor Microsoft Surface Dial in Photoshop
    5. Toolgalerieën
    6. Prestatievoorkeuren
    7. Tools gebruiken
    8. Aanraakbewegingen
    9. Aanraakfuncties en aanpasbare werkruimten
    10. Technology Previews
    11. Metagegevens en notities
    12. Snel uw creaties delen
    13. Photoshop-afbeeldingen in andere toepassingen opnemen
    14. Voorkeuren
    15. Standaardsneltoetsen
    16. Linialen
    17. Niet-afdrukbare extra's tonen of verbergen
    18. Het aantal kolommen voor een afbeelding opgeven
    19. Ongedaan maken en historie
    20. Deelvensters en menu's
    21. Bestanden plaatsen
    22. Elementen instellen met de functie Magnetisch
    23. Plaatsen met de liniaal
    24. Voorinstellingen
    25. Sneltoetsen aanpassen
    26. Raster en hulplijnen
  8. Ontwerp van websites, schermen en apps
    1. Ontwerpen in Photoshop
    2. Tekengebieden
    3. Apparaatvoorvertoning
    4. CSS kopiëren uit lagen
    5. Webpagina’s segmenteren
    6. HTML-opties voor segmenten
    7. De segmentlay-out wijzigen
    8. Werken met webafbeeldingen
    9. Webfotogalerieën maken
  9. Basisprincipes van afbeeldingen en kleuren
    1. Afbeeldingen vergroten/verkleinen
    2. Werken met raster-en vectorafbeeldingen
    3. Grootte en resolutie van afbeeldingen
    4. Afbeeldingen ophalen van camera's en scanners
    5. Afbeeldingen maken, openen en importeren
    6. Afbeeldingen weergeven
    7. Fout Ongeldige JPEG-markering | Afbeeldingen openen
    8. Meerdere afbeeldingen weergeven
    9. Kleurkiezers en -stalen aanpassen
    10. HDR-afbeeldingen (High Dynamic Range)
    11. Kleuren in uw afbeelding afstemmen
    12. Afbeeldingen omzetten in andere kleurmodi
    13. Kleurmodi
    14. Delen van een afbeelding wissen
    15. Overvloeimodi
    16. Kleuren kiezen
    17. Geïndexeerde-kleurentabellen aanpassen
    18. Informatie over afbeeldingen
    19. Vervormingsfilters zijn niet beschikbaar
    20. Informatie over kleur
    21. Kleuren en monochrome instellingen aanpassen aan de hand van kanalen
    22. Kleuren kiezen in de deelvensters Kleur en Stalen
    23. Monster
    24. Kleurmodus of Afbeeldingsmodus
    25. Kleurzweem
    26. Een voorwaardelijke moduswijziging toevoegen aan een handeling
    27. Stalen toevoegen uit HTML, CSS en SVG
    28. Bitdiepte en voorkeuren
  10. Lagen
    1. Basisbegrippen voor lagen
    2. Niet-destructieve bewerkingen
    3. Lagen en groepen maken en beheren
    4. Lagen selecteren, groeperen en koppelen
    5. Afbeeldingen in kaders plaatsen
    6. Laagdekking en overvloeien
    7. Lagen maskeren
    8. Slimme filters toepassen
    9. Laagsamenstellingen
    10. Lagen verplaatsen, stapelen en vergrendelen
    11. Lagen maskeren met vectormaskers
    12. Lagen en groepen beheren
    13. Laageffecten en laagstijlen
    14. Laagmaskers bewerken
    15. Middelen extraheren
    16. Lagen met uitknipmaskers tonen
    17. Afbeeldingsmiddelen genereren op basis van lagen
    18. Werken met slimme objecten
    19. Overvloeimodi
    20. Meerdere afbeeldingen combineren tot een groepsportret
    21. Afbeeldingen combineren met automatisch overvloeiende lagen
    22. Lagen uitlijnen en verdelen
    23. CSS kopiëren uit lagen
    24. Selecties uit een laag of grenzen van een laagmasker laden
    25. Uitnemen om inhoud van andere lagen zichtbaar te maken
    26. Laag
    27. Afvlakken
    28. Samengesteld
    29. Achtergrond
  11. Selecties
    1. Werkruimte Selecteren en maskeren
    2. Snelle selecties maken
    3. Aan de slag met selecties
    4. Selecties aanbrengen met de selectiekadertools
    5. Selecties maken met de lasso’s
    6. Een kleurbereik selecteren in een afbeelding
    7. Pixelselecties aanpassen
    8. Paden omzetten in selectiekaders en omgekeerd
    9. Basisbegrippen voor kanalen
    10. Geselecteerde pixels verplaatsen, kopiëren en verwijderen
    11. Een tijdelijk snelmasker maken
    12. Selecties en alfakanaalmaskers opslaan
    13. De afbeeldingsgebieden met de focus selecteren
    14. Kanalen dupliceren, splitsen en samenvoegen
    15. Kanaalberekeningen
    16. Selectie
    17. Selectiekader
  12. Afbeeldingsaanpassingen
    1. Perspectief verdraaien
    2. Vervaging door camerabeweging verminderen
    3. Voorbeelden van de tool Retoucheerpenseel
    4. Kleur-opzoektabellen exporteren
    5. De scherpte en vervaging van afbeeldingen aanpassen
    6. Kleuraanpassingen
    7. De aanpassing Helderheid/contrast toepassen
    8. Schaduwdetails en hooglichtdetails aanpassen
    9. Aanpassing Niveaus
    10. De kleurtoon en verzadiging aanpassen
    11. Levendigheid aanpassen
    12. De kleurverzadiging in afbeeldingsgebieden aanpassen
    13. Snel aanpassingen aanbrengen aan tinten
    14. Speciale kleureffecten toepassen op afbeeldingen
    15. Uw afbeelding verbeteren met aanpassingen in kleurbalans
    16. HDR-afbeeldingen (High Dynamic Range)
    17. Histogrammen en pixelwaarden bekijken
    18. Kleuren in uw afbeelding afstemmen
    19. Foto's uitsnijden en rechttrekken
    20. Een kleurenfoto omzetten in zwart-wit
    21. Aanpassings- en opvullagen
    22. Aanpassing Curven
    23. Overvloeimodi
    24. Afbeeldingen voorbereiden voor drukken
    25. De kleur en toon aanpassen met de pipetten Niveaus en Curven
    26. HDR-belichting en -kleurtinten aanpassen
    27. Filter
    28. Vervagen
    29. Afbeeldingsgebieden doordrukken of tegenhouden
    30. Selectieve kleuraanpassingen aanbrengen
    31. Objectkleuren vervangen
  13. Adobe Camera Raw
    1. Systeemvereisten voor Camera Raw
    2. Nieuwe functies in Camera Raw
    3. Kennismaken met Camera Raw
    4. Panorama's maken
    5. Ondersteunde lenzen
    6. Vignet-, korrel- en neveleffecten in Camera Raw
    7. Standaardsneltoetsen
    8. Automatische perspectiefcorrectie in Camera Raw
    9. Niet-destructieve bewerkingen uitvoeren in Camera Raw
    10. Radiaalfilter in Camera Raw
    11. Camera Raw-instellingen beheren
    12. Afbeeldingen openen, verwerken en opslaan in Camera Raw
    13. Repareer afbeeldingen met de verbeterde tool Vlekken verwijderen in Camera Raw
    14. Afbeeldingen roteren, uitsnijden en aanpassen
    15. Kleurweergave aanpassen in Camera Raw
    16. Functieoverzicht | Adobe Camera Raw | 2018-versies
    17. Overzicht van nieuwe functies
    18. Procesversies in Camera Raw
    19. Lokale aanpassingen aanbrengen in Camera Raw
  14. Afbeeldingen repareren en restaureren
    1. Objecten verwijderen uit uw foto's met Vullen met behoud van inhoud
    2. Repareren en verplaatsen met behoud van inhoud
    3. Foto's retoucheren en repareren
    4. Afbeeldingsvervorming en -ruis corrigeren
    5. Eenvoudige probleemoplossing voor de meest voorkomende problemen
  15. Afbeeldingen transformeren
    1. Objecten transformeren
    2. Uitsnijding, rotatie en canvasgrootte aanpassen
    3. Foto's uitsnijden en rechttrekken
    4. Panoramische afbeeldingen maken en bewerken
    5. Afbeeldingen, vormen en paden verdraaien
    6. Perspectiefpunt
    7. Het filter Uitvloeien gebruiken
    8. Schalen en de inhoud behouden
    9. Afbeeldingen, vormen en paden transformeren
    10. Verdraaien
    11. Transformeren
    12. Panorama
  16. Tekenen en verven
    1. Symmetrische patronen tekenen
    2. Rechthoeken tekenen en lijnopties wijzigen
    3. Tekenen
    4. Vormen tekenen en bewerken
    5. Tekentools
    6. Penselen maken en wijzigen
    7. Overvloeimodi
    8. Kleur toevoegen aan paden
    9. Paden bewerken
    10. Tekenen met het mixerpenseel
    11. Voorinstellingen voor penselen
    12. Verlopen
    13. Interpolatie met verloop
    14. Selecties, lagen en paden vullen en omlijnen
    15. Tekenen met de pentools
    16. Patronen maken
    17. Een patroon maken met de Patroonmaker
    18. Paden beheren
    19. Bibliotheken en voorinstellingen van patronen beheren
    20. Tekenen of verven met een grafisch tablet
    21. Structuurpenselen maken
    22. Dynamische elementen toevoegen aan penselen
    23. Verloop
    24. Gestileerde streken tekenen met het penseel Tekeninghistorie
    25. Tekenen met een patroon
    26. Voorinstellingen synchroniseren op meerdere apparaten
  17. Tekst
    1. Werken met OpenType SVG-lettertypen
    2. Tekens opmaken
    3. Alinea's opmaken
    4. Teksteffecten maken
    5. Tekst bewerken
    6. Regelafstand en tekenspatiëring
    7. Arabische en Hebreeuwse tekst
    8. Lettertypen
    9. Problemen met lettertypen oplossen
    10. Aziatische tekst
    11. Tekst maken
    12. Tekstenginefout met Typegereedschap in Photoshop | Windows 8
    13. World-Ready composer voor Aziatische scripts
    14. Tekst toevoegen en bewerken in Photoshop
  18. Video en animatie
    1. Video's bewerken in Photoshop
    2. Video- en animatielagen bewerken
    3. Overzicht van video en animatie
    4. Voorvertoningen van video en animaties weergeven
    5. Frames tekenen in videolagen
    6. Videobestanden en reeksen afbeeldingen importeren
    7. Frameanimaties maken
    8. Creative Cloud 3D-animatie (Preview)
    9. Tijdlijnanimaties maken
    10. Afbeeldingen maken voor video
  19. Filters en effecten
    1. Het filter Uitvloeien gebruiken
    2. De galerie Vervagen gebruiken
    3. Basisbeginselen van filters
    4. Overzicht van de filtereffecten
    5. Belichtingseffecten toevoegen
    6. Het filter Adaptief groothoek gebruiken
    7. Het filter Olieverf gebruiken
    8. Laageffecten en laagstijlen
    9. Specifieke filters toepassen
    10. Natte vinger gebruiken in afbeeldingsgebieden
  20. Opslaan en exporteren
    1. Uw bestanden opslaan in Photoshop
    2. Bestanden exporteren in Photoshop
    3. Ondersteunde bestandsindelingen
    4. Bestanden opslaan in grafische indelingen
    5. Ontwerpen verplaatsen tussen Photoshop en Illustrator
    6. Video en animaties opslaan en exporteren
    7. PDF-bestanden opslaan
    8. Digimarc-copyrightbescherming
  21. Afdrukken
    1. 3D-objecten afdrukken
    2. Afdrukken vanuit Photoshop
    3. Afdrukken met kleurbeheer
    4. Contactbladen en PDF-presentaties
    5. Foto's afdrukken in een figuurpakketlay-out
    6. Steunkleuren afdrukken
    7. Duotonen
    8. Afbeeldingen drukken op een professionele drukpers
    9. Kleurenafdrukken in Photoshop verbeteren
    10. Problemen met afdrukken oplossen | Photoshop
  22. Automatisering
    1. Handelingen maken
    2. Gegevensgestuurde afbeeldingen maken
    3. Scripts
    4. Een groep bestanden verwerken
    5. Handelingen afspelen en beheren
    6. Voorwaardelijke acties toevoegen
    7. Handelingen en het deelvenster Handelingen
    8. Tools opnemen in handelingen
    9. Een voorwaardelijke moduswijziging toevoegen aan een handeling
    10. Photoshop-gebruikersinterfacewerkset voor plug-ins en scripts
  23. Kleurbeheer
    1. Werken met kleurbeheer
    2. Kleuren consistent houden
    3. Kleurinstellingen
    4. Werken met kleurprofielen
    5. Kleurbeheer toepassen op documenten voor onlineweergave
    6. Kleurbeheer toepassen op documenten bij afdrukken
    7. Kleurbeheer toepassen op geïmporteerde afbeeldingen
    8. Kleuren controleren
  24. Content Authenticity
    1. Meer informatie over inhoudreferenties
    2. Identiteit en herkomst voor NFT's
    3. Accounts verbinden voor creatieve toewijzing
  25. 3D-beelden en technische beeldverwerking
    1. Photoshop 3D | Veelgestelde vragen over 3D-functies die niet meer beschikbaar zijn
    2. Creative Cloud 3D-animatie (Preview)
    3. 3D-objecten afdrukken
    4. Tekenen in 3D
    5. Verbeteringen in het 3D-deelvenster | Photoshop
    6. De belangrijkste 3D-concepten en -tools
    7. 3D renderen en opslaan
    8. 3D-objecten en -animaties maken
    9. Afbeeldingsstapels
    10. 3D-workflow
    11. Metingen
    12. DICOM-bestanden
    13. Photoshop en MATLAB
    14. Objecten in een afbeelding tellen
    15. 3D-objecten combineren en omzetten
    16. Structuren bewerken in 3D
    17. HDR-belichting en -kleurtinten aanpassen
    18. Instellingen van het 3D-deelvenster

Geef uw Photoshop-workflows een extra boost met selectie en maskering op de iPad.

Het maken van selecties en het toevoegen van maskers zijn twee krachtige manieren om selectieve gebieden te bewerken en effecten toe te voegen aan uw composities.

Ken uw selectietools en -acties

Aan de hand van een selectie isoleert u een of meerdere gedeelten van uw afbeelding. Door bepaalde gebieden te selecteren, kunt u bewerkingen aanbrengen en effecten en filters toepassen op gedeelten van het document, waarbij de gebieden die niet zijn geselecteerd niet worden gewijzigd.

Tik twee keer op de actieve selectierool op de werkbalk of druk er lang op om meer selectietools weer te geven: Lasso, Objectselectie, Snelle selectie, Marquee rechthoek, Marquee ellips en Toverstaf. Lasso is de standaard selectietool.

Met Acties kunt u snel een resultaat bereiken, zoals het selecteren van een onderwerp.

Opmerking:

  • Gebruik Object selecteren om een van de objecten of een deel van een object in uw compositie met meerdere objecten te selecteren.
  • Gebruik Onderwerp selecteren om alle hoofdonderwerpen in uw compositie te identificeren en te selecteren.

Wanneer u op een selectietool tikt, worden de bijbehorende opties weergegeven. Vanuit de toolopties kunt u kiezen of u wilt toevoegen aan uw selectie (), aftrekken van uw selectie (), of de gebieden selecteren die de huidige selectie doorsnijden ().

Wanneer u een selectie maakt, worden de actieve selectie-eigenschappen onderaan de werkruimte weergegeven. Het geeft u de optie Deselecteren, Maskeren, Wissen, Omkeren, Rand verfijnen, Selectie transformeren of Vergelijkbare selecteren.

Selectietools en acties in Photoshop op de iPad

Selecteren met de lasso

De tool Lasso is de standaardselectietool in Photoshop op de iPad en is handig voor het tekenen van vrije segmenten van een selectie. Tik op op de werkbalk om de tool Lasso te selecteren en kies uit de opties die worden weergegeven. Teken een selectie uit de vrije hand op uw document om verder te gaan.

  • Toevoegen aan selectie (): De volgende selecties worden aan de huidige selectie toegevoegd.
  • Aftrekken van selectie (): De volgende selecties worden afgetrokken van de huidige selectie.
  • Selecteer de gebieden die de huidige selectie doorsnijden (): Selecteer het snijpunt van de huidige en de volgende selectie.
  • Lasso-instellingen (): Doezelaar - Selecteer het aantal pixels om de randen van een selectie te verdoezelen.
Selecteren met lasso

Selecteren met de tool Object selecteren

Ga als volgt te werk om een object te selecteren met Object selecteren:

  1. Dubbeltik of druk langer op Lasso (standaard) of een willekeurige andere actieve selectietool in de werkbalk om meer selectietools te tonen.
  2. Tik op Object selecteren (). 
  3. (Optioneel) Uit de bijbehorende toolopties die worden geopend, kunt u een nieuwe selectie maken, toevoegen aan uw selectie (), van uw selectie aftrekken (), de gebieden selecteren die de huidige selectie doorsnijden (), of tikken op () om de instellingen voor Object selecteren te openen.
  4. (Optioneel) Onder de instellingen voor Object selecteren kunt u een Selectiestijl kiezen: Rechthoek (standaard) of Lasso. U kunt ook kiezen voor inschakelen: Monster nemen van alle lagen, Rand verbeteren en Object aftrekken.
  5. Tik en teken een rechthoekig gebied of een ruwe lasso, gebaseerd op de gekozen selectiestijl in stap 4, rond het object dat u in uw compositie wilt selecteren. Photoshop selecteert automatisch het object binnen het gedefinieerde gebied.
Tool Object selecteren

Selecteren met de tool Snelle selectie

Met de tool Snelle selectie kunt u snel een selectie tekenen met gebruik van een aanpasbaar rond penseel. Terwijl u sleept, wordt de selectie uitgebreid en worden de gedefinieerde randen in uw document automatisch gevolgd.

Selecteren met Snel selecteren

Tik twee keer of houd de lasso ingedrukt op de werkbalk om de tool Snel selecteren te onthullen. Terwijl u op de tool Snel selecteren tikt, kiest u uit de opties die worden weergegeven:

  • Toevoegen aan selectie (): De volgende selecties worden aan de huidige selectie toegevoegd.
  • Aftrekken van selectie (): De volgende selecties worden afgetrokken van de huidige selectie.
  • Penseelgrootte: Bepaalt de pixelgrootte van de tool Snel selecteren.
  • Hardheid: Met de hardheidsinstelling bepaalt u de grootte van het harde centrum van het penseel.
  • Instellingen voor Snel selecteren (): Inschakelen/uitschakelen Druk gebruiken voor grootte.

Selecties aanbrengen met de selectiekadertools

Met de selectiekadertools kunt u rechthoeken en ovalen selecteren. Als u een rechthoekig kader wilt selecteren, kiest u een van de selectiekadertools en sleept u over het gebied dat u wilt selecteren. Als u een fysiek toetsenbord op uw iPad hebt aangesloten, kunt u ook op M (Shift) drukken om de selectiekadertools te selecteren.

Gebruik de tool Ovaal selectiekader () om een ovale selectie te maken.

Ovaal selectiekader

Gebruik de tool Rechthoekig selectiekader () om een rechthoekige selectie te maken.

Rechthoekig selectiekader

  • Nieuwe selectie: Hiermee maakt u een nieuwe selectie.
  • Toevoegen aan selectie (): De volgende selecties worden aan de huidige selectie toegevoegd.
  • Aftrekken van selectie (): De volgende selecties worden afgetrokken van de huidige selectie.
  • Selecteer de gebieden die de huidige selectie doorsnijden (): Selecteer het snijpunt van de huidige en de volgende selectie.
  • Lasso-instellingen ():
    Doezelaar - Selecteer het aantal pixels om de randen van een selectie te verdoezelen.
    Stijl  - Selecteer een stijl uit de vervolgkeuzelijst.

Selecteren met de toverstaf

Toverstaf is handig als u snel objecten wilt extraheren uit een platte achtergrond, of snel een onregelmatig gevormd gebied of een opvallend gekleurd element wilt selecteren.  

Ga als volgt te werk om een selectie te maken met de toverstaf:

  1. Tik twee keer of houd de Lasso (standaard selectietool) ingedrukt op de werkbalk om alle selectietools en -acties weer te geven. Selecteer de tool Toverstaf.
  2. Selecteer in de toolopties die worden weergegeven een selectieoptie: Nieuwe selectie, Toevoegen aan selectie, Verwijderen uit selectie, Doorsnede maken met selectie, Penseelgrootte en meer instellingen voor de toverstaf.
  3. In het instellingenmenu voor de toverstaf kunt u een voorbeeldgrootte voor uw selectie instellen. U kunt ook de volgende opties in- of uitschakelen: Anti-aliasing, Aangrenzend en Monster nemen van alle lagen. Schakel Aangrenzend uit als u niet-aangrenzende gebieden met een vergelijkbare kleur wilt selecteren.
  4. Tik in de afbeelding op de kleur die u wilt selecteren om uw keuze te maken.
  5. Als u dit hebt gedaan, wordt de balk met actieve eigenschappen weergegeven onder in uw werkruimte. U kunt daarnaast de volgende opties kiezen: Deselecteren, Maskeren, Wissen, Omkeren, Rand verfijnen, Selectie transformeren of Vergelijkbare selecteren.
Een object extraheren met de tool Toverstaf

Selecteren met de actie Onderwerp selecteren

Onderwerp selecteren () wordt met behulp van Adobe Sensei getraind om allerlei objecten in een afbeelding te herkennen, zoals mensen, dieren, voertuigen, speelgoed en nog veel meer. Onderwerp selecteren gebruikt de kracht van Sensei om de meest prominente onderwerpen in uw document te identificeren en een selectie te maken, met één tik. 

De tool Onderwerp selecteren bespaart tijd door de hoofdonderwerpen snel van de achtergrond te isoleren. Het resultaat is het beste als uw compositie minder rommelig is, geen reflecterende oppervlakken bevat, een goede hoeveelheid contrast heeft tussen het hoofdonderwerp en de achtergrond, en scherpe randen heeft rond het hoofdonderwerp. U kunt de automatische selectie verder verfijnen met andere selectietools om uw selectie te verfijnen. 

Ga als volgt te werk om een selectie te maken met de tool Onderwerp selecteren:

1. Dubbeltik of druk langer op Lasso (standaard) of een andere actieve selectietool in de werkbalk om meer selectietools te tonen.

2. Tik op Onderwerp selecteren () onder Acties. Hiermee selecteert u automatisch het hoofdonderwerp in de actieve laag van het document.

Met de versie van maart 2022 van Photoshop op de iPad, hebben we de actie Onderwerp selecteren verbetert met verbeterde AI-technologie, die helpt bij het maken van nauwkeurige selecties wanneer u werkt met portretafbeeldingen op uw iPad.

Portretondersteuning voor Onderwerp selecteren

Actie Achtergrond verwijderen

Met de versie van april 2022 van Photoshop op de iPad, kunt u nu eenvoudig de achtergrond van foto's verwijderen en ze met een tik op de knop gebruiken in uw composities.

Achtergronden verwijderen uit uw afbeeldingen

Tik op de snelle actieknop Achtergrond verwijderen in het deelvenster Selectietools om de achtergrond te verwijderen uit uw afbeelding. U kunt deze snelle actieknop ook vinden in het deelvenster Laageigenschappen

Eigenschappen actieve selectie

Nadat u een selectie hebt gemaakt, kunt u Eigenschappen actieve selectie zien onderaan de werkruimte:

  • Deselecteren: Hiermee deselecteert u de huidige selectie.
  • Masker: Hiermee wordt de huidige selectie omgezet in een masker voor de laag.
  • Wissen: Hiermee kunt u het geselecteerde gebied wissen.
  • Omkeren: Hiermee wordt de selectie omgekeerd, zodat het gedeselecteerde gebied de selectie wordt.
  • Rand verfijnen: Verfijnt uw complexe selecties.
  • Selectie transformeren: Hiermee kunt u de selectie transformeren.
  • Selecteer vergelijkbaar: Hiermee voegt u pixels toe aan de selectie die lijken op de pixels die al zijn geselecteerd.
eigenschappen actieve selectie

Randen verfijnen

Gebruik Rand verfijnen () om de grens van uw selectie verder te verfijnen. Met de functie Rand verfijnen kunt u complexe selecties zoals haarstrengen, bont of andere lastige randen van uw onderwerp gemakkelijker maken.

Als u Randen verfijnen wilt gebruiken, gaat u als volgt te werk:

  1. Maak een selectie met een van de selectietools in Photoshop op uw iPad.
  2. Tik op Meer () en selecteer Randen verfijnen  in de actieve eigenschappenbalk voor de selectie die onderaan de werkruimte wordt weergegeven.
  3. In de modus Rand verfijnen, die wordt geopend vanuit de balk met tooleigenschappen, kunt u de grootte van de penseel Rand verfijnen aanpassen, toevoegen aan selectie (), aftrekken van de selectie (), of tikken om de instellingen van de penseel Rand verfijnen te openen. Onder de instellingen voor het penseel Rand verfijnen kunt u de schuifregelaars Hardheid, Afstand, Hoek, en Ronding naar wens aanpassen.
  4. In demodus Rand verfijnen kunt u in het eigenschappenvenster aan de rechterkant het volgende selecteren:
    1. Weergavemodus: Met deze instelling kunt u een weergavemodus kiezen, afhankelijk van de complexiteit en kleuren in uw compositie: Geanimeerd, Overlay, Op zwart, Op wit, en Zwart-wit.
    2. Randdetectie: Schuif de schuifregelaar voor Straal randdetectie naar rechts om de randen zachter te maken en naar links om scherpe selectieranden te maken. Schakel Slimme straal in om de breedte van verfijning dynamisch te houden rond uw selectiegrens. Dit helpt de pixels zonder gegevens te reduceren en maakt uw selectie natuurlijker.
    3. Globale verfijningen:
      - Pas de schuifregelaar Vloeiend aan om de ongelijkmatige randen van uw selectie glad te maken.
      - Pas deschuifregelaar Doezelaar aan om uw selectiegrens te laten samenvallen met de achtergrond van uw compositie.
      - Pas de schuifregelaar Contrast aan om meer helderheid aan de randen van uw selectie toe te voegen.
      - Pas de schuifregelaar Rand verschuiven aan naar links om uw selectie kleiner te maken en naar rechts om de selectie te vergroten. De waard is standaard ingesteld op 0.
      - Schakel Omkeren in om van uw gedeselecteerde gebied de nieuwe selectie te maken.
    4. Uitvoer als: U kunt ervoor kiezen om uw selectie van randen verfijnen uit te voeren als: Selectie, Laagmasker, Nieuwe laag en Nieuwe laag met masker. Voordat u klaar bent om uw selectie uit te voeren, kunt u Kleuren zuiveren inschakelen en de schuifregelaar Hoeveelheid gebruiken om eventuele kleurranden in uw selectie aan te passen en te verwijderen. Dit is handig als uw selectie wordt gemaakt tegen een scherpe, contrasterende achtergrond.
  5. Tik op het pictogram Ongedaan maken ( ) om de laatst uitgevoerde actie ongedaan te maken. Tik op Opnieuw ( ) om de ongedaan gemaakte actie te herstellen.
  6. Tik op Gereed om de selectie-instellingen voor Randen verfijnen toe te passen. Tik op Annuleren om de modus Randen verfijnen te sluiten.
Maak een selectie Randen verfijnen gebruiken

Meer opties op de taakbalk

  • Knippen: Hiermee kunt u een selectie of laag knippen
  • Verenigd kopiëren: Hiermee kopieert u een verenigde selectie of laag die over een andere laag moet worden geplakt.

Maskers toepassen

Met maskers kunt u gedeelten van een laag verbergen en gedeelten van onderliggende lagen zichtbaar maken. Maskers zijn niet-destructief, dat wil zeggen dat u de maskers opnieuw kunt bewerken zonder de pixels te verliezen die hiermee verborgen worden.

  • Een laagmasker verbergt een deel van een laag uit de weergave.
  • Een uitknipmasker gebruikt de inhoud van een laag om de inhoud van een of meer andere lagen uit de weergave te knippen of te verbergen.
Maak eenvoudig nauwkeurige selecties en maskers in Photoshop op uw iPad.
Maak eenvoudig nauwkeurige selecties en maskers in Photoshop op uw iPad.

Laagmasker

U kunt een laagmasker maken om delen van een laag weer te geven en andere te verbergen door een selectie om te zetten in een laagmasker, of door op het laagmasker te tekenen nadat u deze hebt gemaakt. In gebieden waar de laag wordt gemaskeerd of verborgen, zijn de onderliggende lagen zichtbaar. Het maskeren van lagen is bijzonder handig wanneer u verschillende documenten combineert tot één document, of objecten uit een compositie wilt verwijderen.

Een laagmasker maken uit een selectie

  1. Zorg ervoor dat de laag die u wilt maskeren is geselecteerd. Tik op een miniatuur van een laag op de taakbalk om een laag te selecteren.

  2. Maak een selectie met een van de selectietools.

  3. Tik op het laagmaskerpictogram op de taakbalk ( ).

U kunt het geselecteerde gebied bekijken terwijl de rest van de laag wordt gemaskeerd.

Vanuit de weergave van de compacte laag kunt u naar links en rechts vegen op de miniatuur van de laag om de weergave te veranderen van de laagweergave naar de laagmaskerweergave. Beide miniaturen zijn zichtbaar in de gedetailleerde laagweergave. Raadpleeg Werk met lagen voor meer informatie over laagweergaven.

Maak een laagmasker en bewerk het masker met een penseel

  1. Zorg ervoor dat de laag die u wilt maskeren is geselecteerd. Tik op een miniatuur van een laag op de taakbalk om een laag te selecteren.

  2. Tik op het pictogram van het laagmasker ( ) op de taakbalk om een masker te maken.

  3. Tik op het pictogram penseel ().

  4. Stel de penseeleigenschappen naar wens in. Kies zwart om volledig te maskeren waar u tekent. Zie Tekenen en verven met penselen voor meer informatie over penseeleigenschappen.

  5. Teken over de maskerlaag.

Raadpleeg Werk met lagen voor meer informatie over laagmaskers.

Uitknipmasker

Met een uitknipmasker kunt u de inhoud van een laag gebruiken om de bovenliggende lagen te maskeren. Raadpleeg Werk met lagen voor meer informatie over uitknipmaskers.

Adobe-logo

Aanmelden bij je account