Inzicht in vormen en paden

Wanneer u in Adobe Photoshop tekent, maakt u vectorvormen en -paden. U kunt met alle vormtools, de pen of met de tools Pen voor vrije vorm tekenen. Op de optiebalk vindt u opties voor iedere tool.

Voordat u begint te tekenen, moet u eerst een tekenmodus kiezen op de optiebalk. De tekenmodus die u kiest, bepaalt of u een vectorvorm op een eigen laag maakt, een tijdelijk pad op een bestaande laag of een in pixels omgezette vorm op een bestaande laag.

Vectorvormen zijn lijnen en curven die u met een vorm- of pentool tekent. (Zie Vormen tekenen en Tekenen met de pentools.) Vectorvormen zijn niet afhankelijk van de resolutie. De randen blijven scherp bij vergroting en verkleining, als ze worden afgedrukt op een PostScript-printer, opgeslagen in een PDF-bestand of geïmporteerd in een grafische toepassing op vectorbasis. U kunt bibliotheken met aangepaste vormen maken en de omtrek van een vorm (ook wel een pad genoemd) en de kenmerken van een vorm (zoals een omlijning, vulkleur en stijl) bewerken.

Paden zijn omtrekken die u kunt selecteren of vullen en omlijnen met kleur. U kunt de vorm van een pad gemakkelijk wijzigen door de ankerpunten te bewerken.

Een tijdelijk pad is een pad dat tijdelijk wordt weergegeven in het deelvenster Paden en dat de omtrek van een vorm bepaalt.

U kunt paden op verschillende manieren gebruiken:

Tekenmodi

Als u met de vormtools of de pen werkt, kunt u in drie verschillende modi werken. U kunt een modus kiezen door een pictogram te selecteren in de optiebalk, terwijl u een vorm- of pentool hebt geselecteerd.

Vormlagen

Hiermee maakt u een vorm op een andere laag. Als u vormlagen wilt maken, kunt u zowel de vormtools als de pentools gebruiken. Vormlagen zijn uitermate geschikt voor het maken van afbeeldingen voor webpagina's, omdat ze gemakkelijk kunnen worden verplaatst, vergroot, verkleind, uitgelijnd en verdeeld. U kunt meerdere vormen op één laag tekenen. Een vormlaag bestaat uit een opvullaag waarmee de kleur van de vorm wordt gedefinieerd en een gekoppeld vectormasker waarmee de omtrek van de vorm wordt gedefinieerd. De omtrek van een vorm wordt een pad genoemd en wordt in het deelvenster Paden weergegeven.

Paden

Hiermee tekent u een tijdelijk pad op de huidige laag. Dit pad kunt u vervolgens gebruiken om een selectie te maken, een vectormasker te maken of u kunt dit pad vullen en omlijnen met kleur om rasterafbeeldingen te maken (zoals met een tekentool). Een tijdelijk pad gaat verloren, tenzij u het opslaat. Paden worden in het deelvenster Paden weergegeven.

Vullen met pixels

Hiermee tekent u direct op een laag, net zoals met een tekentool. Wanneer u in deze modus werkt, maakt u rasterafbeeldingen in plaats van vectorafbeeldingen. U werkt met vormen en tekent net zoals bij rasterafbeeldingen. Alleen de vormtools werken in deze modus.

Photoshop - Tekenopties
Tekenopties

A. Vormlagen B. Paden C. Vullen met pixels 

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid