Een illustratie exporteren

  1. Kies Bestand > Exporteren.

  2. Selecteer een locatie voor het bestand en geef een bestandsnaam op.

  3. Selecteer een indeling in het pop-upmenu Opslaan als type (Windows) of Indeling (Mac OS).

  4. Klik op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS).

Zie Een bestand opslaan voor uitvoer voor een video over het exporteren van inhoud vanuit Illustrator.

Bestandsindelingen voor het exporteren van illustraties

Opmerking:

U kunt meerdere tekengebieden alleen naar de volgende indelingen exporteren: SWF, JPEG, PSD, PNG en TIFF.

AutoCAD-tekening en AutoCAD Interchange-bestand (DWG en DXF)

AutoCAD-tekening is de standaardbestandsindeling voor het opslaan van vectorafbeeldingen die zijn gemaakt in AutoCAD. AutoCAD-uitwisselingsbestand is een uitwisselingsindeling voor het exporteren van AutoCAD-tekeningen naar of het importeren van tekeningen vanuit andere toepassingen. Zie Exportopties voor AutoCAD voor meer informatie. Opmerking: Standaard worden witte lijnen of vullingen in Illustrator-illustraties als zwarte lijnen of vullingen naar de AutoCAD-indelingen geëxporteerd; zwarte lijnen en vullingen in Illustrator worden als wit naar de AutoCAD-indeling geëxporteerd.

BMP

Een standaardindeling van Windows voor afbeeldingen. U kunt een kleurmodel, een resolutie en een anti-aliasinstelling opgeven voor het rasteren van illustraties en ook een indeling (Windows of OS/2) en een bitdiepte om het totale aantal kleuren (of grijstinten) te bepalen dat de afbeelding kan bevatten. Voor afbeeldingen van 4 bits en 8 bits in Windows-indeling kunt u ook de RLE-compressie opgeven.

Enhanced metabestand (EMF)

Wordt door Windows-toepassingen vaak gebruikt als indeling voor het exporteren van gegevens van vectorafbeeldingen. Illustrator kan sommige vectorgegevens rasteren bij het exporteren van illustraties naar de EMF-indeling.

JPEG (Joint Photographic Experts Group)

Wordt vaak gebruikt voor het opslaan van foto's. Bij de JPEG-indeling blijven alle kleurgegevens van een afbeelding behouden, maar wordt het bestand gecomprimeerd door selectief gegevens te verwijderen. JPEG is een standaardindeling voor het weergeven van afbeeldingen op het web. Zie Exportopties voor JPEG voor meer informatie. U kunt een afbeelding ook als een JPEG-bestand opslaan met de opdracht Opslaan voor web en apparatenOpmerking: Telkens als u het bestand opslaat in de indeling JPEG, worden artefacten toegevoegd, zoals golvende patronen of blokken met vervorming. Sla JPEG-bestanden altijd op vanuit de oorspronkelijke afbeelding en niet vanuit een eerder opgeslagen JPEG-bestand.

Macintosh PICT

Worden met Mac OS-afbeeldingen en paginaopmaakprogramma's gebruikt om afbeeldingen tussen toepassingen uit te wisselen. PICT werkt vooral effectief bij het comprimeren van afbeeldingen met grote gebieden in een effen kleur.

Flash (SWF)

Een vectorindeling voor interactieve, geanimeerde webafbeeldingen. U kunt illustraties exporteren naar de Flash-indeling (SWF) voor gebruik in webontwerpen. U kunt de illustraties dan bekijken in elke browser die beschikt over de plug-in Flash Player. Zie Exportopties voor Flash voor meer informatie. U kunt een afbeelding ook als een SWF-bestand opslaan met de opdracht Opslaan voor web en apparaten, en u kunt tekst exporteren als Dynamische tekst (Flash) of invoertekst (zie Tekst markeren voor export naar Flash). Behalve dat u een illustratie in Flash-indeling kunt opslaan, kunt u een Illustrator-illustratie ook kopiëren en plakken naar Flash. Als u gebruikmaakt van het Klembord, blijft de getrouwheid van illustraties behouden.

Photoshop (PSD)

De standaardindeling van Photoshop. Als uw illustraties gegevens bevatten die niet kunnen worden geëxporteerd naar de Photoshop-indeling, blijft het uiterlijk van de illustraties in Illustrator behouden door de lagen in het document samen te voegen of de illustraties te rasteren. Hierdoor blijven lagen, sublagen, samengestelde vormen en bewerkbare tekst niet altijd behouden in het Photoshop-bestand, zelfs niet als u de juiste exportoptie hebt geselecteerd. Zie Exportopties voor Photoshop voor meer informatie.

PNG (Portable Network Graphics)

Wordt gebruikt voor compressie zonder verlies en voor het weergeven van afbeeldingen op het web. In tegenstelling tot GIF ondersteunt PNG wel 24-bitsafbeeldingen en produceert deze indeling achtergrondtransparantie zonder gekartelde randen. Sommige webbrowsers bieden echter geen ondersteuning voor PNG-afbeeldingen. Bij de PNG-indeling blijft transparantie in grijswaarden- en RGB-afbeeldingen behouden. Zie Exportopties voor PNG voor meer informatie. U kunt een afbeelding ook als een PNG-bestand opslaan met de opdracht Opslaan voor web en apparaten.

Targa (TGA)

Deze indeling is ontworpen voor systemen die de Truevision®-videokaart gebruiken. U kunt een kleurmodel, een resolutie en een anti-aliasinstelling opgeven voor het rasteren van illustraties en ook een bitdiepte om het totale aantal kleuren (of grijstinten) te bepalen dat de afbeelding kan bevatten.

Tekstindeling (TXT)

Wordt gebruikt om tekst in een illustratie te exporteren naar een tekstbestand. (Zie Tekst exporteren naar een tekstbestand.)

TIFF (Tagged-Image File Format)

Wordt gebruikt voor het uitwisselen van bestanden tussen toepassingen en computerplatforms. TIFF is een flexibele indeling voor bitmapafbeeldingen die door de meeste teken-, beeldbewerkings- en paginaopmaakprogramma’s wordt ondersteund. De meeste desktopscanners kunnen TIFF-bestanden produceren. Zie Exportopties voor TIFF voor meer informatie.

Windows-metabestand (WMF)

Een indeling voor het uitwisselen van gegevens tussen 16-bits-Windows-toepassingen. De WMF-indeling wordt ondersteund in bijna alle teken- en opmaakprogramma's voor Windows. Het heeft echter een beperkte ondersteuning voor vectorafbeeldingen en wanneer het mogelijk is, kunt u beter de EMF-indeling gebruiken dan de WMF-indeling.

Exportopties voor AutoCAD

Wanneer u illustraties exporteert in DXF- of DWG-indeling, kunt u de volgende opties instellen:

AutoCAD-versie

Hiermee wordt de versie van AutoCAD opgegeven die het geëxporteerde bestand ondersteunt.

Schalen

Voer waarden in voor schaaleenheden om aan te geven hoe Illustrator lengtegegevens interpreteert bij het schrijven van het AutoCAD-bestand.

Lijndikten schalen

Hiermee schaalt u de lijndikten in het geëxporteerde bestand tezamen met de rest van de tekening.

Aantal kleuren

Hiermee bepaalt u de kleurdiepte van het geëxporteerde bestand.

Rasterbestandsindeling

Hiermee geeft u op of afbeeldingen en objecten die bij het exporteren worden gerasterd, worden opgeslagen in PNG- of JPEG-indeling. Alleen de PNG-indeling ondersteunt transparantie. Dus als u de oorspronkelijke weergave zo goed mogelijk wilt behouden, moet u de PNG-indeling kiezen.

Weergave behouden

Selecteer deze optie als u de weergave moet behouden en als u het geëxporteerde bestand niet meer hoeft te bewerken. Als u deze optie kiest, kan dat betekenen dat u de bewerkbaarheid in belangrijke mate verliest. De tekst kan bijvoorbeeld als omtrekken worden weergegeven en effecten worden gerasterd. U kunt kiezen tussen deze optie en Maximale bewerkbaarheid, maar u kunt deze opties niet tegelijkertijd selecteren.

Maximale bewerkbaarheid

Selecteer deze optie als de mogelijkheid om het bestand in AutoCAD te kunnen bewerken belangrijker is dan de noodzaak om de weergave te behouden. Als u deze optie kiest, kan de weergave in belangrijke mate verloren gaan, met name als er stijleffecten zijn toegepast. U kunt kiezen tussen deze optie en Weergave behouden, maar u kunt deze opties niet tegelijkertijd selecteren.

Alleen geselecteerde illustraties exporteren

Hiermee worden alleen de illustraties geëxporteerd die op het moment van exporteren in het bestand zijn geselecteerd. Als er geen illustraties zijn geselecteerd, wordt er een leeg bestand geëxporteerd.

Paden wijzigen voor weergave

Hiermee wijzigt u de paden in AutoCAD om, indien nodig, de originele weergave te behouden. Als een pad tijdens het exporteren bijvoorbeeld andere objecten overlapt waardoor hun weergave wordt gewijzigd, zorgt u er met deze optie voor dat het pad wordt aangepast zodat de weergave van de objecten behouden blijft.

Tekst weergeven als omtrekken

Hiermee zet u voor het exporteren alle tekst om in paden om zo de weergave te behouden. Illustrator en AutoCAD kunnen tekstkenmerken verschillend interpreteren. Selecteer deze optie als u maximale visuele getrouwheid wilt behouden (ten koste van bewerkbaarheid). Als u de tekst nog wilt kunnen bewerken in AutoCAD, moet u deze optie niet selecteren.

Exportopties voor Flash

Wanneer u illustraties exporteert in de SWF-indeling, kunt u de volgende standaardopties en geavanceerde opties instellen: U kunt meerdere tekengebieden exporteren naar de SWF-indeling.

U kunt op elk moment op Webvoorvertoning klikken om een voorvertoning van het bestand in de standaardwebbrowser te bekijken (Flash Player-plug-in moet zijn geïnstalleerd in de browser ),of klikken op Device Central om een voorvertoning van het bestand te bekijken in Flash Player op een bepaalde mobiele telefoon of een bepaald apparaat.

Opmerking: Als u een Illustrator-illustratie naar een Flash-document wilt overbrengen, kunt u deze eenvoudig kopiëren en in het document plakken. Alle paden, lijnen, verlopen, teksten (Flash-tekst opgeven), maskers, effecten (zoals slagschaduw op tekst) en symbolen blijven behouden. Verder kunt u aangeven hoe lagen tijdens het plakken moeten worden geïmporteerd: als Flash-lagen, frames of afbeeldingssymbolen.

Bepaal hoe u meerdere tekengebieden wilt exporteren voordat u op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) klikt in het dialoogvenster Exporteren. Als u tekengebieden wilt exporteren als afzonderlijke SWF-bestanden, selecteert u Tekengebieden gebruiken in het dialoogvenster Exporteren. Als u slechts een bereik van tekengebieden wilt exporteren, geeft u het desbetreffende bereik op. Klik vervolgens op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) en geef de volgende opties op:

Voorinstelling

Hiermee geeft u het instellingenbestand op met voorinstellingen die moeten worden gebruikt voor exporteren. Als u de standaardinstellingen wijzigt, verandert deze optie in Aangepast. U kunt aangepaste optie-instellingen als een nieuwe voorinstelling opslaan voor hergebruik bij andere bestanden. Klik op Voorinstelling opslaan als u optie-instellingen wilt opslaan als voorinstelling.

Exporteren als

Hiermee geeft u op hoe Illustrator lagen moet omzetten:

AI-bestand naar SWF-bestand

De illustratie wordt geëxporteerd naar een enkel frame. Selecteer deze optie als u de knipmaskers van lagen wilt behouden.

AI-lagen naar SWF-frames

De illustraties op elke laag worden geëxporteerd naar een afzonderlijk SWF-frame, waardoor een geanimeerd SWF-bestand ontstaat.

AI-lagen naar SWF-bestanden

De illustraties op elke laag worden geëxporteerd naar een afzonderlijk SWF-bestand. Hierdoor ontstaan meerdere SWF-bestanden die elk een enkel frame bevatten met de illustraties van een enkele Illustrator-laag.

AI-lagen naar SWF-symbolen

Hiermee zet u de illustratie op elke laag om in een symbool en exporteert u deze naar één SWF-bestand. AI-lagen worden geëxporteerd als SWF-filmclipsymbolen. De symbolen worden genoemd naar hun overeenkomstige laagnamen.

AI-tekengebieden naar SWF-bestanden

Hiermee exporteert u elk geselecteerd tekengebied naar een afzonderlijk SWF-bestand. Dit is de enige beschikbare optie wanneer u ervoor kiest om meerdere tekengebieden te behouden in het dialoogvenster Opslaan als. Als u een voorinstelling opslaat waarin deze optie is geselecteerd, kunt u de opgeslagen voorinstelling alleen gebruiken voor bestanden met meerdere tekengebieden.

Versie

Hiermee geeft u de versie van de Flash-speler weer die gebruikt wordt voor het bladeren in geïmporteerde bestanden. De optie Bestand comprimeren is niet beschikbaar in Flash-versie 5 en ouder. Dynamische tekst en Invoertekst zijn niet beschikbaar in versie 3 en ouder.

Knippen tot grootte tekengebied

Hiermee exporteert u het gedeelte van de Illustrator-illustratie binnen de randen van het geselecteerde tekengebied naar het SWF-bestand. Het deel van de illustratie dat buiten de randen valt, wordt weggeknipt. Deze optie wordt aangevinkt en uitgeschakeld als u meerdere tekengebieden exporteert.

Weergave behouden

Selecteer Weergave behouden als u de illustratie vóór het exporteren wilt afvlakken naar één laag. Als u deze optie selecteert, beperkt u de bewerkbaarheid van het bestand.

Bestand comprimeren

De SWF-gegevens worden gecomprimeerd, waardoor een kleiner bestand ontstaat. Oudere Flash-spelers dan Flash Player 6 kunnen geen gecomprimeerde bestanden openen of weergeven. Gebruik deze optie niet als u niet zeker weet met welke versie van de Flash-speler het bestand zal worden weergegeven.

Symbolen exporteren in het deelvenster

Hiermee exporteert u alle symbolen in het deelvenster Symbolen. Als een symbool geen actief exemplaar heeft in de illustratie, wordt het symbool niet opgenomen in de geëxporteerde frames. Het symbool is echter wel beschikbaar voor gebruik in de symboolbibliotheek van de Flash Authoring-omgeving.

Tekst als omtrek exporteren

Hiermee wordt tekst omgezet in vectorpaden. Gebruik deze optie om het uiterlijk van tekst te behouden in alle Flash-spelers. Schakel deze optie uit als u de maximale mogelijkheden voor tekstbewerking wilt behouden.

Tekenspatiëringsgegevens voor tekst negeren

Hiermee exporteert u tekst zonder tekenspatiëringsgegevens.

Metagegevens opnemen

Hiermee exporteert u de metagegevens die aan het bestand zijn gekoppeld. De geëxporteerde XMP-gegevens worden tot een minimum beperkt om de bestandsgrootte klein te houden. Miniaturen worden dan bijvoorbeeld niet opgenomen.

Beveiligen tegen importeren

Hiermee voorkomt u dat gebruikers het geëxporteerde SWF-bestand kunnen wijzigen.

Wachtwoord

Typ hier een wachtwoord om te voorkomen dat het bestand door onbevoegden wordt geopend, of dat het bestand in andere toepassingen dan Adobe Flash wordt gebruikt.

Boogkwaliteit

Hiermee wordt de nauwkeurigheid van de Bézier-curven bepaald. Een lagere waarde betekent dat het geëxporteerde bestand kleiner is, maar ook dat de kwaliteit van de curve enigszins achteruit gaat. Een hogere waarde verbetert de nauwkeurigheid van de reproductie, maar heeft een groter bestand tot gevolg.

Achtergrondkleur

Hiermee geeft u een achtergrondkleur op voor het geëxporteerde SWF-bestand.

Lokale afspeelbeveiliging

Hiermee geeft u op of het bestand tijdens het afspelen alleen toegang heeft tot lokale bestanden of tot netwerkbestanden.

Als u geavanceerde opties wilt opgeven, klik dan op Geavanceerd en stel de gewenste opties in:

Afbeeldingsformaat

Hiermee bepaalt u hoe de illustratie wordt gecomprimeerd. Als u Zonder verlies selecteert, blijft de hoogst mogelijke beeldkwaliteit behouden, maar wordt er een groot SWF-bestand gemaakt. Als u Met verlies (JPEG) selecteert, wordt er een kleiner SWF-bestand gemaakt, maar worden er artefacten aan de afbeelding toegevoegd. Selecteer Zonder verlies als u van plan bent om in Flash verder te werken aan het bestand (of aan de bestanden). Selecteer Met verlies als u de eindversie van het bestand als SWF-bestand wilt exporteren.

JPEG-kwaliteit

Hiermee geeft u op hoe gedetailleerd de geëxporteerde afbeelding moet worden. Hoe hoger de kwaliteit, hoe groter het bestand. (Deze optie is alleen beschikbaar als u compressie met verlies hebt geselecteerd.)

Methode

Hiermee bepaalt u het type JPEG-compressie dat wordt gebruikt. Selecteer Basislijn (standaard) als u de standaardcompressie wilt toepassen. Selecteer Basislijn geoptimaliseerd voor extra optimalisatie. (Deze opties zijn alleen beschikbaar als u compressie met verlies hebt geselecteerd.)

Resolutie

Hiermee past u de schermresolutie voor bitmapafbeeldingen aan. De resolutie voor geëxporteerde SWF-bestanden kan tussen 72 en 600 ppi (pixels per inch) zijn. Hogere resolutiewaarden resulteren in betere beeldkwaliteit, maar ook in grotere bestanden.

Framesnelheid

Hiermee geeft u de snelheid op waarmee de animatie in een Flash-speler wordt afgespeeld. (Deze optie is alleen beschikbaar voor AI-lagen naar SWF-frames.)

Lus

Hiermee wordt de animatie in een lus afgespeeld, in plaats van eenmalig (bij afspelen in Flash Player). (Deze optie is alleen beschikbaar voor AI-lagen naar SWF-frames.)

Overvloeiingen animeren

Hiermee geeft u op of overvloeiobjecten worden geanimeerd. Deze optie geeft dezelfde resultaten als de resultaten die u krijgt wanneer u overvloeiobjecten handmatig omzet in lagen voordat u exporteert. Overvloeiingen worden altijd van het begin tot het einde geanimeerd, onafhankelijk van de laagvolgorde.

Als u Overvloeiingen animeren selecteert, selecteert u ook een methode voor het exporteren van de overvloeiing:

Op volgorde

Elk object in de overvloeiing wordt geëxporteerd naar een afzonderlijk frame in de animatie.

Opbouwend

Er wordt een oplopende volgorde van objecten gemaakt in de animatieframes. Het onderste object in de overvloeiing wordt bijvoorbeeld weergegeven in elk frame en het bovenste object in de overvloeiing alleen in het laatste frame.

Laagvolgorde

Hiermee bepaalt u de tijdlijn van de animatie. Selecteer Beneden naar boven om de lagen te exporteren, te beginnen met de onderste laag in het deelvenster Lagen. Selecteer Boven naar beneden om de lagen te exporteren, te beginnen met de bovenste laag in het deelvenster Lagen. (Deze optie is alleen beschikbaar voor AI-lagen naar SWF-frames.)

Statische lagen exporteren

Hiermee geeft u een of meer lagen of sublagen op die worden gebruikt als statische inhoud in alle geëxporteerde SWF-frames. De inhoud van de geselecteerde lagen of sublagen wordt als achtergrondillustratie weergegeven in elk geëxporteerd SWF-frame. (Deze optie is alleen beschikbaar voor AI-lagen naar SWF-frames.)

Exportopties voor JPEG

Als uw document meerdere tekengebieden bevat, geeft u eerst op hoe u deze wilt exporteren. Pas dan klikt u op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) in het dialoogvenster Exporteren. Als u ieder tekengebied als een afzonderlijk JPEG-bestand wilt exporteren, selecteert u Tekengebieden gebruiken in het dialoogvenster Exporteren. Als u slechts een bereik van tekengebieden wilt exporteren, geeft u het desbetreffende bereik op. Klik vervolgens op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) en geef de volgende opties op:

Kwaliteit

Hiermee bepaalt u de kwaliteit en grootte van het JPEG-bestand. Kies een optie in het menu Kwaliteit of geef een waarde tussen 0 en 10 op in het tekstvak Kwaliteit.

Kleurmodel

Hiermee bepaalt u het kleurmodel van het JPEG-bestand.

Methode en Scans

Selecteer Basislijn (standaard) om een indeling te gebruiken die wordt herkend door de meeste webbrowsers. Selecteer Basislijn geoptimaliseerd voor geoptimaliseerde kleuren en een iets kleinere bestandsgrootte. Selecteer Progressief voor het weergeven van een aantal opeenvolgende scans waarbij steeds meer detail zichtbaar wordt terwijl de afbeelding wordt gedownload. Het aantal scans kunt u zelf opgeven. JPEG-afbeeldingen van het type Basislijnen geoptimaliseerd en Progressief worden niet door alle webbrowsers ondersteund.

Diepte

Hiermee bepaalt u de resolutie van het bestand. Kies Aangepast als u zelf een resolutie wilt opgeven.

Anti-alias

Hiermee worden rafelige randen in de illustratie vloeiend gemaakt door middel van supersampling. Als u deze optie uitschakelt, blijven de harde randen van lijnwerk behouden bij het rasteren.

Afbeelding met hyperlinks

Hiermee wordt code gegenereerd voor afbeeldingen met hyperlinks. Als u deze optie selecteert, moet u Client-kant (.html) of Server-kant (.map) selecteren om te bepalen welk type bestand moet worden gegenereerd.

ICC-profiel insluiten

Hiermee slaat u ICC-profielen op in het JPEG-bestand.

Exportopties voor Photoshop

Als uw document meerdere tekengebieden bevat, geeft u eerst op hoe u deze wilt exporteren. Pas dan klikt u op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) in het dialoogvenster Exporteren. Als u ieder tekengebied als een afzonderlijk PSD-bestand wilt exporteren, selecteert u Tekengebieden gebruiken in het dialoogvenster Exporteren. Als u slechts een bereik van tekengebieden wilt exporteren, geeft u het desbetreffende bereik op. Klik vervolgens op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) en geef de volgende opties op:

Kleurmodel

Hiermee bepaalt u het kleurmodel van het geëxporteerde bestand. Het exporteren van een CMYK-document als RGB-document, of andersom, kan onverwachte wijzigingen in transparante gebieden tot gevolg hebben. Dit geldt vooral voor gebieden met overvloeimodi. Als u het kleurmodel wijzigt, moet u de illustratie exporteren als een vlakke afbeelding (de optie Lagen schrijven is dan niet beschikbaar).

Resolutie

Hiermee bepaalt u de resolutie van het geëxporteerde bestand.

Vlakke afbeelding

Hiermee worden alle lagen samengevoegd en wordt de illustratie geëxporteerd als een gerasterde afbeelding. Als u deze optie kiest, blijft de visuele weergave van de illustratie behouden.

Lagen schrijven

Hiermee exporteert u groepen, samengestelde vormen, geneste lagen en segmenten als afzonderlijke, bewerkbare Photoshop-lagen. Geneste lagen die meer dan vijf lagen diep zijn, worden samengevoegd tot één Photoshop-laag. Selecteer Maximale bewerkbaarheid als u transparante objecten (objecten met een dekkingsmasker, een constante dekking van minder dan 100% of een andere overvloeimodus dan Normaal) wilt exporteren als actieve, bewerkbare Photoshop-lagen.

Bewerkbaarheid van tekst behouden

Hiermee exporteert u horizontale en verticale punttekst in lagen (inclusief geneste lagen tot maximaal vijf lagen diep) naar bewerkbare Photoshop-tekst. Als hierdoor de weergave van de illustratie wordt beïnvloed, kunt u deze optie uitschakelen, zodat de tekst wordt gerasterd.

Maximale bewerkbaarheid

Hiermee schrijft u elke bovenste sublaag naar een afzonderlijke Photoshop-laag, als hierdoor de weergave van de illustratie niet wordt beïnvloed. Bovenste lagen worden Photoshop-laagsets. Transparante objecten blijven bewerkbare transparante objecten. Er wordt ook een Photoshop-vormlaag gemaakt voor elke samengestelde vorm in een bovenste laag, als hierdoor de weergave van de illustratie niet wordt beïnvloed. Als u samengestelde vormen wilt schrijven met effen lijnen, wijzigt u het verbindingstype in Afgerond. Ongeacht of u deze optie selecteert, alle lagen die meer dan vijf niveaus diep zijn, worden samengevoegd in één Photoshop-laag. Opmerking: Illustrator kan geen samengestelde vormen exporteren waarop grafische stijlen, onderbroken lijnen of penselen zijn toegepast. Dergelijke samengestelde vormen worden gerasterd.

Anti-alias

Hiermee worden rafelige randen in de illustratie vloeiend gemaakt door middel van supersampling. Als u deze optie uitschakelt, blijven de harde randen van lijnwerk behouden bij het rasteren.

ICC-profielen insluiten

Maakt een document met beheerde kleuren.

Exportopties voor PNG

Als uw document meerdere tekengebieden bevat, geeft u eerst op hoe u deze wilt exporteren. Pas dan klikt u op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) in het dialoogvenster Exporteren. Als u ieder tekengebied als een afzonderlijk PNG-bestand wilt exporteren, selecteert u Tekengebieden gebruiken in het dialoogvenster Exporteren. Als u slechts een bereik van tekengebieden wilt exporteren, geeft u het desbetreffende bereik op. Klik vervolgens op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) en geef de volgende opties op:

Resolutie

Hiermee bepaalt u de resolutie van de gerasterde afbeelding. Hogere resolutiewaarden resulteren in betere beeldkwaliteit, maar ook in grotere bestanden. Opmerking: Sommige toepassingen openen PNG-bestanden met 72 ppi, ongeacht de resolutie die u opgeeft. In dergelijke toepassingen worden de afmetingen van de afbeelding gewijzigd. (Bijvoorbeeld illustraties opgeslagen met 150 ppi zullen ruim tweemaal zo groot zijn als illustraties opgeslagen met 72 ppi.) Wijzig daarom de resolutie alleen als u weet dat de doeltoepassing andere resoluties dan 72 ppi ondersteunt.

Kleur

Hiermee geeft u een kleur voor de vulling van transparantie op. Kies Transparant om transparantie te behouden, Wit om transparantie met wit te vullen, Zwart om transparantie met zwart te vullen of Anders als u een andere kleur wilt selecteren.

Anti-alias

Hiermee worden rafelige randen in de illustratie vloeiend gemaakt door middel van supersampling. Als u deze optie uitschakelt, blijven de harde randen van lijnwerk behouden bij het rasteren.

Interliniëren

Hiermee worden voorlopige versies van de afbeelding in lage resolutie weergegeven in de browser terwijl de afbeelding wordt gedownload. Door het gebruik van interliniëring lijkt de laadtijd korter, maar de bestanden worden wel groter.

Exportopties voor TIFF

Als uw document meerdere tekengebieden bevat, geeft u eerst op hoe u deze wilt exporteren. Pas dan klikt u op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) in het dialoogvenster Exporteren. Als u ieder tekengebied als een afzonderlijk TIFF-bestand wilt exporteren, selecteert u Tekengebieden gebruiken in het dialoogvenster Exporteren. Als u slechts een bereik van tekengebieden wilt exporteren, geeft u het desbetreffende bereik op. Klik vervolgens op Opslaan (Windows) of Exporteer (Mac OS) en geef de volgende opties op:

Kleurmodel

Hiermee bepaalt u het kleurmodel van het geëxporteerde bestand.

Resolutie

Hiermee bepaalt u de resolutie van de gerasterde afbeelding. Hogere resolutiewaarden resulteren in betere beeldkwaliteit, maar ook in grotere bestanden.

Anti-alias

Hiermee worden rafelige randen in de illustratie vloeiend gemaakt door middel van supersampling. Als u deze optie uitschakelt, blijven de harde randen van lijnwerk behouden bij het rasteren.

LZW-compressie

Hiermee past u LZW-compressie toe, een compressiemethode zonder verlies die de details niet uit de afbeelding verwijdert. Selecteer deze optie om een kleiner bestand te maken.

Bytevolgorde

Hiermee bepaalt u de juiste bytevolgorde voor het schrijven van het afbeeldingsbestand op basis van het platform dat u kiest. Illustrator en de meeste recente toepassingen kunnen bestanden lezen met de bytevolgorde van beide platforms. Als u niet weet in welk programma het bestand kan worden geopend, selecteert u het platform waarop het bestand wordt gelezen.

ICC-profielen insluiten

Maakt een document met beheerde kleuren.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid