Overzicht van het deelvenster Alinea

U gebruikt het deelvenster Alinea (Venster > Tekst > Alinea) om de opmaak van kolommen en alinea's te wijzigen. Als er tekst is geselecteerd of als de tool Tekst actief is, kunt u ook opties in het deelvenster Beheer gebruiken om alinea's op te maken.

Ga naar www.adobe.com/go/vid0047_nl voor een video over het werken met teken- en alineastijlen.

Deelvenster Alinea met alle opties
Deelvenster Alinea (alle opties worden weergegeven)

A. Uitlijning en uitvulling B. Links inspringen C. Eerste regel links inspringen D. Witruimte voor alinea E. Afbreken F. Rechts inspringen G. Witruimte na alinea  
Opties voor het opmaken van alinea's, zoals de tekenstijl
A. Lettertype B. Lettertypestijl C. Tekengrootte D. Links uitlijnen E. Centreren F. Rechts uitlijnen 

Standaard worden alleen de meest gebruikte opties weergegeven in het deelvenster Alinea. Kies Opties tonen in het deelvenstermenu als u alle opties wilt weergeven. U kunt ook op het dubbele driehoekje op de tab van het deelvenster klikken om door de weergavegrootten te bladeren.

Tekst uitlijnen

Vlaktekst en tekst op een pad kunnen met een rand of beide randen van een tekstpad worden uitgelijnd.

  1. Selecteer het tekstobject of plaats de cursor in de alinea die u wilt wijzigen.

    Als u geen tekstobject selecteert of geen cursor in een alinea plaatst, wordt de uitlijning toegepast op nieuwe tekst.

  2. Klik op een uitlijnknop in het deelvenster Beheer of het deelvenster Alinea.

Tekst uitvullen

Uitgevulde tekst is tekst die op beide randen is uitgelijnd. U kunt alle tekst in een alinea uitvullen met inbegrip van of behalve de laatste regel.

  1. Selecteer het tekstobject of plaats de cursor in de alinea die u wilt uitvullen.

    Als u geen tekstobject selecteert of geen cursor in een alinea plaatst, wordt de uitvulling toegepast op nieuwe tekst.

  2. Klik in het deelvenster Alinea op een knop voor uitvulling.

Woord- en letterspatiëring in uitgevulde tekst aanpassen

U kunt de spatiëring tussen letters en woorden en de schaal van tekens in Adobe-toepassingen nauwkeurig instellen. Het aanpassen van de spatiëring is vooral handig voor uitgevulde tekst, maar u kunt ook de spatiëring van niet-uitgevulde tekst aanpassen.

  1. Plaats de cursor in de alinea die u wilt wijzigen of selecteer een tekstobject of kader om alle alinea's te wijzigen.
  2. Kies Uitvulling in het menu van het deelvenster Alinea.
  3. Voer waarden in voor Woordspatiëring, Letterspatiëring en Ruimte tussen glyphs. Het bereik van aanvaardbare spatiëring dat u met de waarden van Minimum en Maximum definieert, geldt alleen voor uitgevulde alinea's. Met Gewenst geeft u de gewenste spatiëring voor uitgevulde en niet-uitgevulde alinea's op:

    Woordspatiëring

    De ruimte tussen woorden die het resultaat is van het indrukken van de spatiebalk. Voor Woordspatiëring kunt u waarden opgeven van 0% tot 1000%. Bij 100% wordt er geen extra ruimte tussen woorden toegevoegd.

    Letterspatiëring

    De afstand tussen letters, met inbegrip van de tekstspatiëring of tekenspatiëring. Voor letterspatiëring kunt u waarden opgeven van –100% tot 500%. Bij 0% wordt geen ruimte tussen letters toegevoegd. Bij 100% wordt een volledige spatiebreedte tussen letters toegevoegd.

    Glyph-schaling

    De breedte van tekens (elk lettertypeteken is een glyph). De waarden voor glyph-schaling kunnen variëren van 50% tot 200%.

    Tip: Spatiëringsopties worden altijd toegepast op een hele alinea. Gebruik de optie Tekstspatiëring als u de spatiëring van enkele tekens wilt aanpassen, maar niet de spatiëring van de hele alinea.

  4. Stel de optie Uitvullen enkel woord in om op te geven hoe u alinea's met één woord wilt uitvullen.

    In smalle kolommen kan het gebeuren dat er op één regel slechts één woord staat. Als de alinea volledig moet worden uitgevuld, is het mogelijk dat dit ene woord teveel wordt uitgerekt. In plaats van volledige uitvulling voor dergelijke woorden te handhaven, kunt u ze centreren of op de linker- of rechtermarge uitlijnen.

Tekst inspringen

Inspringing is de ruimte tussen tekst en de grens van een tekstobject. Inspringen is alleen van invloed op de geselecteerde alinea of alinea's, wat betekent dat u eenvoudig verschillende inspringingen kunt instellen voor verschillende alinea's.

U kunt inspringingen instellen in het deelvenster Tabs, het deelvenster Beheer of het deelvenster Alinea. Als u met vlaktekst werkt, kunt u de inspringing ook instellen met tabs of door de inzetafstand van het tekstobject te wijzigen.

Opmerking:

Als u met Japanse tekst werkt, kunt u in plaats van het deelvenster Alinea de mojikumi-instelling gebruiken om de inspringing van de eerste regel op te geven. Als u het inspringen voor de eerste regel opgeeft in het deelvenster Alinea en de mojikumi-instellingen voor het inspringen van de eerste regel opgeeft, wordt de tekst binnen het totaal van de beide inspringingen geplaatst.

Inspringingen instellen met het deelvenster Alinea

  1. Klik met de tool Tekst  in de alinea die u wilt laten inspringen.
  2. Pas de desbetreffende inspringingswaarden aan in het deelvenster Alinea. Voer bijvoorbeeld een van de volgende handelingen uit:
    • Als u de gehele alinea één pica wilt laten inspringen, typt u een waarde (bijvoorbeeld 1p) in het vak Links inspringen .

    • Als u alleen de eerste regel van een alinea één pica wilt laten inspringen, typt u een waarde (bijvoorbeeld 1p) in het vak Eerste regel links inspringen .

    • Als u een hangende inspringing van één pica wilt maken, typt u een positieve waarde (bijvoorbeeld 1p) in het vak Links inspringen en een negatieve waarde (bijvoorbeeld ‑1p) in het vak Eerste regel links inspringen.

Een inspringing instellen met het deelvenster Tabs

  1. Klik met de tool Tekst  in de alinea die u wilt laten inspringen.
  2. Voer een van de volgende handelingen uit met de inspringingsmarkeringen  in het deelvenster Tabs:
    • Sleep de bovenste markering om de eerste tekstregel te laten inspringen. Sleep de onderste markering om alle tekstregels behalve de eerste regel te laten inspringen. Houd Ctrl (Windows) of Command (Mac OS) ingedrukt en sleep de onderste markering om beide markeringen te verplaatsen en de gehele alinea te laten inspringen.

    Inspringen voor eerste regel (links) en zonder inspringen (rechts)
    Inspringen voor eerste regel (links) en zonder inspringen (rechts)

    • Selecteer de bovenste markering en typ een waarde voor X om de eerste tekstregel te laten inspringen. Selecteer de onderste markering en typ een waarde voor X om alle tekstregels behalve de eerste te laten inspringen.

Een hangende inspringing maken

Bij een hangende inspringing springen alle regels met uitzondering van de eerste regel in. Hangende inspringingen worden vooral gebruikt wanneer er inline-afbeeldingen aan het begin van de alinea worden geplaatst of bij een lijst met opsommingstekens.

Zonder inspringen (links) en hangende inspringing (rechts)
Zonder inspringen (links) en hangende inspringing (rechts)

  1. Klik met de tool Tekst  in de alinea die u wilt laten inspringen.
  2. Geef in het deelvenster Beheer of het deelvenster Tabs een waarde groter dan nul op voor een linkse inspringing.
  3. Om een negatieve waarde voor het inspringen van de eerste regel op te geven, voert u een van de volgende handelingen uit:
    • Typ in het deelvenster Alinea een negatieve waarde voor het links inspringen van de eerste regel .

    • Sleep in het deelvenster Tabs de bovenste markering naar links of de onderste markering naar rechts.

Alinea-afstand aanpassen

  1. Plaats de cursor in de alinea die u wilt wijzigen of selecteer een tekstobject om alle alinea's te wijzigen. Als u geen cursor in een alinea plaatst of geen tekstobject selecteert, wordt de instelling toegepast op nieuwe tekst.
  2. Wijzig in het deelvenster Alinea de waarden bij Witruimte voor ( of ) en Witruimte na ( of ).

    Opmerking:

    Als een alinea boven in een kolom begint, wordt geen extra witruimte toegevoegd vóór de alinea. In dat geval kunt u de regelafstand van de eerste regel van de alinea vergroten of de inzetafstand van het tekstobject wijzigen.

Hangende leestekens

Als u de optie voor hangende leestekens gebruikt, worden de randen van de tekst gelijkmatiger weergegeven doordat leestekens buiten de alineamarges worden geplaatst.

Een alinea zonder hangende leestekens (links) vergeleken met een alinea met hangende leestekens (rechts)
Een alinea zonder hangende leestekens (links) vergeleken met een alinea met hangende leestekens (rechts)

In Illustrator kunt u de volgende opties voor hangende leestekens instellen:

Romeinse hangende leestekens

Hiermee bepaalt u de uitlijning van leestekens voor een bepaalde alinea. Wanneer Romeinse hangende leestekens is ingeschakeld, worden de volgende tekens 100% buiten de marges geplaatst: enkele aanhalingstekens, dubbele aanhalingstekens, afbreekstreepjes en komma's. De volgende tekens worden 50% buiten de marges geplaatst: asterisken, tildes, ellipsen, en-streepjes, em-streepjes, dubbele punten en puntkomma's. Als u deze instelling wilt toepassen, plaatst u de cursor in de alinea en selecteert u Romeinse hangende leestekens in het menu van het deelvenster Alinea.

Optische uitlijning van marges

Hiermee bepaalt u de uitlijning van leestekens voor alle alinea's in een tekstobject. Als Optische uitlijning van marges is ingeschakeld, worden romeinse leestekens en de randen van letters (zoals W en A) buiten de tekstmarges weergegeven zodat de tekst uitgelijnd wordt weergegeven. Als u deze instelling wilt toepassen, selecteert u het tekstobject en kiest u Tekst > Optische uitlijning van marges.

Burasagari

Hiermee bepaalt u de uitlijning van double-byte leestekens (beschikbaar in Chinese, Japanse en Koreaanse lettertypen). Deze leestekens worden niet beïnvloed door de optie Romeinse hangende leestekens of Optische uitlijning van marges.

Houd er rekening mee dat de uitlijning van de alinea de marge bepaalt van waaraf de leestekens hangen. Bij links en rechts uitgelijnde pagina's hangen de leestekens respectievelijk buiten de linker- en rechtermarge. Bij aan de boven- en onderzijde uitgelijnde pagina's hangen de leestekens respectievelijk buiten de boven- en ondermarge. Bij gecentreerde en uitgevulde alinea's hangen leestekens buiten beide marges.

Opmerking: Als er een aanhalingsteken achter een leesteken staat, zijn beide tekens hangend.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid