Afbeeldingen maken voor video

  1. Photoshop Handboek
  2. Inleiding tot Photoshop
    1. Dream it. Make it.
    2. Nieuwe functies in Photoshop
    3. Uw eerste foto bewerken
    4. Documenten maken
    5. Photoshop | Veelgestelde vragen
    6. Systeemvereisten voor Photoshop
    7. Voorinstellingen, handelingen en instellingen migreren
    8. Maak kennis met Photoshop
  3. Photoshop en Adobe-services
    1. Photoshop en Adobe Stock
    2. Creative Cloud Libraries
    3. Creative Cloud Libraries in Photoshop
    4. Raster en hulplijnen
    5. Handelingen maken
    6. Ongedaan maken en historie
    7. Standaardsneltoetsen
    8. Aanraakfuncties en aanpasbare werkruimten
    9. De Touch Bar gebruiken met Photoshop
    10. De Capture-in-app-extensie in Photoshop gebruiken
  4. Photoshop voor de iPad
    1. Photoshop op de iPad | Veelgestelde vragen
    2. Kennismaken met de werkruimte
    3. Systeemvereisten | Photoshop voor iPad
    4. Clouddocumenten maken, openen en exporteren
    5. Foto's toevoegen
    6. Werken met lagen
    7. Tekenen en schilderen met penselen
    8. Selecties maken en maskers toevoegen
    9. Uw composities retoucheren
    10. Werk met aanpassingslagen
    11. Pas de tonaliteit van uw compositie aan met Curven
    12. Transformatiebewerkingen toepassen
    13. Uw composities uitsnijden en roteren
    14. Canvas roteren, pannen, zoomen en opnieuw instellen
    15. Werk met tekstlagen
    16. Werk met Photoshop en Lightroom
    17. Vind ontbrekende lettertypen in Photoshop op de iPad
    18. Japanse tekens in Photoshop op de iPad
    19. App-instellingen beheren
    20. Aanraaksneltoetsen en bewegingen
    21. Sneltoetsen
    22. Systeemvereisten 1.x | Photoshop op de iPad
    23. Systeemvereisten 2.x | Photoshop op de iPad
    24. Afbeeldingsgrootte bewerken
    25. Livestreamen terwijl u in Photoshop werkt op de iPad
    26. Imperfecties corrigeren met het Retoucheerpenseel
    27. Penselen maken in Capture en gebruiken in Photoshop
  5. Photoshop op internet
    1. Photoshop op internet | Veelgestelde vragen    
    2. Kennismaken met de werkruimte
    3. Systeemvereisten | Photoshop op internet
    4. Sneltoetsen | Photoshop op internet
    5. Ondersteunde bestandstypen | Photoshop op internet
    6. Clouddocumenten openen en bewerken
    7. Samenwerken met belanghebbenden
    8. Beperkte bewerkingen toepassen op uw clouddocumenten
  6. Clouddocumenten
    1. Photoshop-clouddocumenten | Algemene vragen
    2. Photoshop-clouddocumenten | Vragen over workflow
    3. Clouddocumenten beheren en bewerken in Photoshop
    4. Cloudopslag upgraden voor Photoshop
    5. Kan geen clouddocumenten maken of opslaan
    6. Fouten met Photoshop-clouddocumenten oplossen
    7. Synchronisatielogboeken voor clouddocumenten verzamelen
    8. Toegang delen en uw clouddocumenten bewerken
  7. Werkruimte
    1. Basisbegrippen voor werkruimten
    2. Documenten maken
    3. De Touch Bar gebruiken met Photoshop
    4. Ondersteuning voor Microsoft Surface Dial in Photoshop
    5. Toolgalerieën
    6. Prestatievoorkeuren
    7. Tools gebruiken
    8. Aanraakbewegingen
    9. Aanraakfuncties en aanpasbare werkruimten
    10. Technology Previews
    11. Metagegevens en notities
    12. Snel uw creaties delen
    13. Photoshop-afbeeldingen in andere toepassingen opnemen
    14. Voorkeuren
    15. Standaardsneltoetsen
    16. Linialen
    17. Niet-afdrukbare extra's tonen of verbergen
    18. Het aantal kolommen voor een afbeelding opgeven
    19. Ongedaan maken en historie
    20. Deelvensters en menu's
    21. Bestanden plaatsen
    22. Elementen instellen met de functie Magnetisch
    23. Plaatsen met de liniaal
    24. Voorinstellingen
    25. Sneltoetsen aanpassen
    26. Raster en hulplijnen
  8. Ontwerp van websites, schermen en apps
    1. Ontwerpen in Photoshop
    2. Tekengebieden
    3. Bestanden exporteren in Photoshop
    4. Apparaatvoorvertoning
    5. CSS kopiëren uit lagen
    6. Webpagina’s segmenteren
    7. HTML-opties voor segmenten
    8. De segmentlay-out wijzigen
    9. Werken met webafbeeldingen
    10. Webfotogalerieën maken
  9. Basisprincipes van afbeeldingen en kleuren
    1. Afbeeldingen vergroten/verkleinen
    2. Werken met raster-en vectorafbeeldingen
    3. Grootte en resolutie van afbeeldingen
    4. Afbeeldingen ophalen van camera's en scanners
    5. Afbeeldingen maken, openen en importeren
    6. Afbeeldingen weergeven
    7. Fout Ongeldige JPEG-markering | Afbeeldingen openen
    8. Meerdere afbeeldingen weergeven
    9. Kleurkiezers en -stalen aanpassen
    10. HDR-afbeeldingen (High Dynamic Range)
    11. Kleuren in uw afbeelding afstemmen
    12. Afbeeldingen omzetten in andere kleurmodi
    13. Kleurmodi
    14. Delen van een afbeelding wissen
    15. Overvloeimodi
    16. Kleuren kiezen
    17. Geïndexeerde-kleurentabellen aanpassen
    18. Informatie over afbeeldingen
    19. Vervormingsfilters zijn niet beschikbaar
    20. Informatie over kleur
    21. Kleuren en monochrome instellingen aanpassen aan de hand van kanalen
    22. Kleuren kiezen in de deelvensters Kleur en Stalen
    23. Monster
    24. Kleurmodus of Afbeeldingsmodus
    25. Kleurzweem
    26. Een voorwaardelijke moduswijziging toevoegen aan een handeling
    27. Stalen toevoegen uit HTML, CSS en SVG
    28. Bitdiepte en voorkeuren
  10. Lagen
    1. Basisbegrippen voor lagen
    2. Niet-destructieve bewerkingen
    3. Lagen en groepen maken en beheren
    4. Lagen selecteren, groeperen en koppelen
    5. Afbeeldingen in kaders plaatsen
    6. Laagdekking en overvloeien
    7. Lagen maskeren
    8. Slimme filters toepassen
    9. Laagsamenstellingen
    10. Lagen verplaatsen, stapelen en vergrendelen
    11. Lagen maskeren met vectormaskers
    12. Lagen en groepen beheren
    13. Laageffecten en laagstijlen
    14. Laagmaskers bewerken
    15. Middelen extraheren
    16. Lagen met uitknipmaskers tonen
    17. Afbeeldingsmiddelen genereren op basis van lagen
    18. Werken met slimme objecten
    19. Overvloeimodi
    20. Meerdere afbeeldingen combineren tot een groepsportret
    21. Afbeeldingen combineren met automatisch overvloeiende lagen
    22. Lagen uitlijnen en verdelen
    23. CSS kopiëren uit lagen
    24. Selecties uit een laag of grenzen van een laagmasker laden
    25. Uitnemen om inhoud van andere lagen zichtbaar te maken
    26. Laag
    27. Afvlakken
    28. Samengesteld
    29. Achtergrond
  11. Selecties
    1. Werkruimte Selecteren en maskeren
    2. Snelle selecties maken
    3. Aan de slag met selecties
    4. Selecties aanbrengen met de selectiekadertools
    5. Selecties maken met de lasso’s
    6. Een kleurbereik selecteren in een afbeelding
    7. Pixelselecties aanpassen
    8. Paden omzetten in selectiekaders en omgekeerd
    9. Basisbegrippen voor kanalen
    10. Geselecteerde pixels verplaatsen, kopiëren en verwijderen
    11. Een tijdelijk snelmasker maken
    12. Selecties en alfakanaalmaskers opslaan
    13. De afbeeldingsgebieden met de focus selecteren
    14. Kanalen dupliceren, splitsen en samenvoegen
    15. Kanaalberekeningen
    16. Selectie
    17. Selectiekader
  12. Afbeeldingsaanpassingen
    1. Perspectief verdraaien
    2. Vervaging door camerabeweging verminderen
    3. Voorbeelden van de tool Retoucheerpenseel
    4. Kleur-opzoektabellen exporteren
    5. De scherpte en vervaging van afbeeldingen aanpassen
    6. Kleuraanpassingen
    7. De aanpassing Helderheid/contrast toepassen
    8. Schaduwdetails en hooglichtdetails aanpassen
    9. Aanpassing Niveaus
    10. De kleurtoon en verzadiging aanpassen
    11. Levendigheid aanpassen
    12. De kleurverzadiging in afbeeldingsgebieden aanpassen
    13. Snel aanpassingen aanbrengen aan tinten
    14. Speciale kleureffecten toepassen op afbeeldingen
    15. Uw afbeelding verbeteren met aanpassingen in kleurbalans
    16. HDR-afbeeldingen (High Dynamic Range)
    17. Histogrammen en pixelwaarden bekijken
    18. Kleuren in uw afbeelding afstemmen
    19. Foto's uitsnijden en rechttrekken
    20. Een kleurenfoto omzetten in zwart-wit
    21. Aanpassings- en opvullagen
    22. Aanpassing Curven
    23. Overvloeimodi
    24. Afbeeldingen voorbereiden voor drukken
    25. De kleur en toon aanpassen met de pipetten Niveaus en Curven
    26. HDR-belichting en -kleurtinten aanpassen
    27. Filter
    28. Vervagen
    29. Afbeeldingsgebieden doordrukken of tegenhouden
    30. Selectieve kleuraanpassingen aanbrengen
    31. Objectkleuren vervangen
  13. Adobe Camera Raw
    1. Systeemvereisten voor Camera Raw
    2. Nieuwe functies in Camera Raw
    3. Kennismaken met Camera Raw
    4. Panorama's maken
    5. Ondersteunde lenzen
    6. Vignet-, korrel- en neveleffecten in Camera Raw
    7. Standaardsneltoetsen
    8. Automatische perspectiefcorrectie in Camera Raw
    9. Niet-destructieve bewerkingen uitvoeren in Camera Raw
    10. Radiaalfilter in Camera Raw
    11. Camera Raw-instellingen beheren
    12. Afbeeldingen openen, verwerken en opslaan in Camera Raw
    13. Repareer afbeeldingen met de verbeterde tool Vlekken verwijderen in Camera Raw
    14. Afbeeldingen roteren, uitsnijden en aanpassen
    15. Kleurweergave aanpassen in Camera Raw
    16. Functieoverzicht | Adobe Camera Raw | 2018-versies
    17. Overzicht van nieuwe functies
    18. Procesversies in Camera Raw
    19. Lokale aanpassingen aanbrengen in Camera Raw
  14. Afbeeldingen repareren en restaureren
    1. Objecten verwijderen uit uw foto's met Vullen met behoud van inhoud
    2. Repareren en verplaatsen met behoud van inhoud
    3. Foto's retoucheren en repareren
    4. Afbeeldingsvervorming en -ruis corrigeren
    5. Eenvoudige probleemoplossing voor de meest voorkomende problemen
  15. Afbeeldingen transformeren
    1. Objecten transformeren
    2. Uitsnijding, rotatie en canvasgrootte aanpassen
    3. Foto's uitsnijden en rechttrekken
    4. Panoramische afbeeldingen maken en bewerken
    5. Afbeeldingen, vormen en paden verdraaien
    6. Perspectiefpunt
    7. Het filter Uitvloeien gebruiken
    8. Schalen en de inhoud behouden
    9. Afbeeldingen, vormen en paden transformeren
    10. Verdraaien
    11. Transformeren
    12. Panorama
  16. Tekenen en verven
    1. Symmetrische patronen tekenen
    2. Rechthoeken tekenen en lijnopties wijzigen
    3. Tekenen
    4. Vormen tekenen en bewerken
    5. Tekentools
    6. Penselen maken en wijzigen
    7. Overvloeimodi
    8. Kleur toevoegen aan paden
    9. Paden bewerken
    10. Tekenen met het mixerpenseel
    11. Voorinstellingen voor penselen
    12. Verlopen
    13. Selecties, lagen en paden vullen en omlijnen
    14. Tekenen met de pentools
    15. Patronen maken
    16. Een patroon maken met de Patroonmaker
    17. Paden beheren
    18. Bibliotheken en voorinstellingen van patronen beheren
    19. Tekenen of verven met een grafisch tablet
    20. Structuurpenselen maken
    21. Dynamische elementen toevoegen aan penselen
    22. Verloop
    23. Gestileerde streken tekenen met het penseel Tekeninghistorie
    24. Tekenen met een patroon
    25. Voorinstellingen synchroniseren op meerdere apparaten
  17. Tekst
    1. Werken met OpenType SVG-lettertypen
    2. Tekens opmaken
    3. Alinea's opmaken
    4. Teksteffecten maken
    5. Tekst bewerken
    6. Regelafstand en tekenspatiëring
    7. Arabische en Hebreeuwse tekst
    8. Lettertypen
    9. Problemen met lettertypen oplossen
    10. Aziatische tekst
    11. Tekst maken
    12. Tekstenginefout met Typegereedschap in Photoshop | Windows 8
    13. World-Ready composer voor Aziatische scripts
    14. Tekst toevoegen en bewerken in Photoshop
  18. Video en animatie
    1. Video's bewerken in Photoshop
    2. Video- en animatielagen bewerken
    3. Overzicht van video en animatie
    4. Voorvertoningen van video en animaties weergeven
    5. Frames tekenen in videolagen
    6. Videobestanden en reeksen afbeeldingen importeren
    7. Frameanimaties maken
    8. Creative Cloud 3D-animatie (Preview)
    9. Tijdlijnanimaties maken
    10. Afbeeldingen maken voor video
  19. Filters en effecten
    1. Het filter Uitvloeien gebruiken
    2. De galerie Vervagen gebruiken
    3. Basisbeginselen van filters
    4. Overzicht van de filtereffecten
    5. Belichtingseffecten toevoegen
    6. Het filter Adaptief groothoek gebruiken
    7. Het filter Olieverf gebruiken
    8. Laageffecten en laagstijlen
    9. Specifieke filters toepassen
    10. Natte vinger gebruiken in afbeeldingsgebieden
  20. Opslaan en exporteren
    1. Bestanden opslaan in grafische indelingen
    2. Uw bestanden opslaan in Photoshop
    3. Bestandsindelingen
    4. Video en animaties opslaan en exporteren
    5. PDF-bestanden opslaan
    6. Digimarc-copyrightbescherming
  21. Afdrukken
    1. 3D-objecten afdrukken
    2. Afdrukken vanuit Photoshop
    3. Afdrukken met kleurbeheer
    4. Contactbladen en PDF-presentaties
    5. Foto's afdrukken in een figuurpakketlay-out
    6. Steunkleuren afdrukken
    7. Duotonen
    8. Afbeeldingen drukken op een professionele drukpers
    9. Kleurenafdrukken in Photoshop verbeteren
    10. Problemen met afdrukken oplossen | Photoshop
  22. Automatisering
    1. Handelingen maken
    2. Gegevensgestuurde afbeeldingen maken
    3. Scripts
    4. Een groep bestanden verwerken
    5. Handelingen afspelen en beheren
    6. Voorwaardelijke acties toevoegen
    7. Handelingen en het deelvenster Handelingen
    8. Tools opnemen in handelingen
    9. Een voorwaardelijke moduswijziging toevoegen aan een handeling
    10. Photoshop-gebruikersinterfacewerkset voor plug-ins en scripts
  23. 3D-beelden en technische beeldverwerking
    1. Creative Cloud 3D-animatie (Preview)
    2. 3D-objecten afdrukken
    3. Tekenen in 3D
    4. Verbeteringen in het 3D-deelvenster | Photoshop
    5. De belangrijkste 3D-concepten en -tools
    6. 3D renderen en opslaan
    7. 3D-objecten en -animaties maken
    8. Afbeeldingsstapels
    9. 3D-workflow
    10. Metingen
    11. DICOM-bestanden
    12. Photoshop en MATLAB
    13. Objecten in een afbeelding tellen
    14. 3D-objecten combineren en omzetten
    15. Structuren bewerken in 3D
    16. HDR-belichting en -kleurtinten aanpassen
    17. Instellingen van het 3D-deelvenster
  24. Kleurbeheer
    1. Werken met kleurbeheer
    2. Kleuren consistent houden
    3. Kleurinstellingen
    4. Werken met kleurprofielen
    5. Kleurbeheer toepassen op documenten voor onlineweergave
    6. Kleurbeheer toepassen op documenten bij afdrukken
    7. Kleurbeheer toepassen op geïmporteerde afbeeldingen
    8. Kleuren controleren

Afbeeldingen maken voor video

Photoshop kan afbeeldingen van verschillende verhoudingen maken, zodat deze op de juiste wijze worden weergegeven op bijvoorbeeld videoschermen. U kunt een specifieke video-optie gebruiken (met het dialoogvenster Nieuw) om schaling te compenseren als de uiteindelijke afbeelding wordt opgenomen in videobeelden.

Veilige zones

Met de voorinstelling Film en video kunt u ook een document maken met niet-afdrukbare hulplijnen. Zo kunt u de gedeelten met actiebeveiliging en titelbeveiliging in de afbeelding aanduiden. Als u gebruikmaakt van de opties in het menu Grootte, kunt u afbeeldingen produceren voor specifieke videosystemen, zoals NTSC, PAL of HDTV.

Deze veilige zones zijn nuttig wanneer u afbeeldingen bewerkt voor uitzendingen en videotapes. De meeste in de handel verkrijgbare tv's maken gebruik van een proces dat overscan wordt genoemd en waarbij de buitenste randen van het beeld worden weggesneden, zodat het middelste gedeelte van het beeld kan worden vergroot. De hoeveelheid overscan is echter niet hetzelfde voor alle tv's. Om ervoor te zorgen dat alles binnen het gebied past dat de meeste tv's kunnen weergeven, dient u tekst binnen de veilige marges voor titels te plaatsen en alle andere belangrijke elementen binnen de veilige marges voor handelingen.

Photoshop - Veilige zones voor titels en handelingen
Hulplijnen voor vooraf ingestelde bestandsgrootten voor video

A. Veilig gebied voor handelingen (buitenste rechthoek) B. Veilig gebied voor titels (binnenste rechthoek) 

Opmerking:

Als u inhoud voorbereidt voor het web of voor een cd, zijn de veilige marges voor handelingen en titels niet van toepassing, omdat de volledige afbeelding wordt weergegeven in deze media.

Voorvertoningsopties

Om u te helpen bij het maken van afbeeldingen voor video beschikt Photoshop over de modus Correctie pixelverhouding, waarin u uw afbeeldingen in de opgegeven verhouding kunt bekijken. Voor nauwkeuriger voorvertoningen beschikt Photoshop ook over de opdracht Voorvertoning video, waarmee u uw werk meteen op een scherm kunt zien, zoals bijvoorbeeld op een videoscherm. Om van deze mogelijkheid gebruik te kunnen maken, moet het apparaat op de computer zijn aangesloten via FireWire (IEEE 1394). Zie ook Een voorvertoning van het document op een videoscherm bekijken. Ga naar de website van Apple voor meer informatie over FireWire (IEEE 1394).

Andere overwegingen

U kunt in Photoshop gemaakte PSD-bestanden zowel gebruiken in Adobe AfterEffects als in Adobe Premiere Pro. Als u echter andere film- en videoprogramma's gebruikt, dient u het volgende in overweging te nemen wanneer u afbeeldingen maakt die u in video wilt gebruiken:

  • In sommige videobewerkingsprogramma's kunt u afzonderlijke lagen importeren uit een gelaagd PSD-bestand.

  • Sommige videobewerkingsprogramma's handhaven de in een bestand voorkomende transparantie.

  • Als in het bestand gebruik wordt gemaakt van een laagmasker of van meerdere lagen, hoeft u de lagen in het bestand mogelijk niet samen te voegen, maar kunt u een samengevoegde kopie van het bestand in PSD-indeling opnemen om de neerwaartse compatibiliteit te maximaliseren.

Verhoudingen

De frameverhouding beschrijft de verhouding tussen de breedte en de hoogte in de afmetingen van een afbeelding. DV NTSC heeft bijvoorbeeld een frameverhouding van 4:3 (een breedte van 4,0 en een hoogte van 3,0). De meeste breedbeeldframes hebben een frameverhouding van 16:9. Sommige videocamera's kunnen verschillende frameverhoudingen opnemen. Vele camera's met een breedbeeldmodus gebruiken de verhouding 16:9. En veel professionele films zijn opgenomen met nog bredere verhoudingen.

Photoshop - Verhoudingen
Frameverhouding van 4:3 (links) en frameverhouding van 16:9 (rechts)

De term pixelverhouding verwijst naar de verhouding tussen de breedte en de hoogte van één enkele pixel in een frame. De verschillende videostandaarden gebruiken verschillende pixelverhoudingen. Vele computervideostandaarden definiëren een frame met een verhouding van 4:3 als 640 pixels breed en 480 pixels hoog, hetgeen tot vierkante pixels leidt. De computervideopixels in dit voorbeeld beschikken over een pixelverhouding van 1:1 (vierkant), terwijl DV NTSC-pixels een pixelverhouding hebben van 0.91 (niet-vierkant). DV-pixels zijn altijd rechthoekig en worden verticaal geplaatst in systemen die NTSC-videobeelden produceren en horizontaal in systemen die PAL-videobeelden produceren.

Als u rechthoekige pixels ongewijzigd probeert weer te geven op een monitor voor vierkante pixels, worden de afbeeldingen vervormd. Cirkels zien er dan bijvoorbeeld uit als ovalen. Als deze afbeeldingen echter worden weergegeven op een videoscherm, zien ze er prima uit, omdat deze monitoren gebruikmaken van rechthoekige pixels.

Opmerking:

Wanneer u afbeeldingen kopieert of importeert uit een document met niet-vierkante pixels, zet Photoshop de afbeelding automatisch om en wordt deze geschaald naar de pixelverhouding van het document. Ook afbeeldingen uit Adobe Illustrator worden op de juiste wijze geschaald.

Photoshop - Voorbeelden van pixelverhoudingen en frameverhoudingen
Pixelverhoudingen en frameverhoudingen

A. Afbeelding met vierkante pixels met een verhouding van 4:3 weergegeven op een (computer)scherm met vierkante pixels met een verhouding van 4:3 B. Afbeelding met vierkante pixels met een verhouding van 4:3 op de juiste wijze geïnterpreteerd voor weergave op een (tv-)scherm met niet-vierkante pixels met een verhouding van 4:3 C. Afbeelding met vierkante pixels met een verhouding van 4:3 op foute wijze geïnterpreteerd voor weergave op een (tv-)scherm met niet-vierkante pixels met een verhouding van 4:3 

Een afbeelding maken voor gebruik in video

  1. Maak een nieuw document.
  2. Kies in het menu Voorinstelling in het dialoogvenster Nieuw de voorinstelling Film en video.
  3. Kies de grootte die past bij het videosysteem waarop de afbeelding wordt weergegeven.
  4. Klik op Geavanceerd om een kleurprofiel en een bepaalde pixelverhouding op te geven.
    Opmerking:

    Als u documenten met niet-vierkante pixels opent, is de optie Correctie pixelverhouding standaard ingeschakeld. Zo wordt de afbeelding geschaald en kunt u zien hoe deze eruit zou zien op een uitvoerapparaat met niet-vierkante pixels (meestal een videoscherm).

  5. Kies Weergave > Correctie pixelverhouding als u wilt bekijken hoe de afbeelding eruitziet op een computerscherm (met vierkante pixels).
    Photoshop - Cirkel met Correctie pixelverhouding ingeschakeld en uitgeschakeld
    Cirkel in NTSC DV-document (720 x 480 pixels) weergegeven op een computerbeeldscherm (vierkante pixels) met Correctie pixelverhouding ingeschakeld (boven) en Correctie pixelverhouding uitgeschakeld (onder)

    Opmerking:

    U kunt een afbeelding tegelijk bekijken met Correctie pixelverhouding ingeschakeld en uitgeschakeld. Zorg dat de afbeelding met niet-vierkante pixels is geopend en dat Correctie pixelverhouding is ingeschakeld. Kies vervolgens Venster > Ordenen > Nieuw venster voor [naam van document]. Activeer het nieuwe venster en kies Weergave > Correctie pixelverhouding om de correctie uit te schakelen.

  6. Als uw weergaveapparaat, zoals een videoscherm, via FireWire is aangesloten op uw computer, kunt u een voorvertoning van het document weergeven:
    • Kies Bestand > Exporteren > Voorvertoning video om uitvoeropties in te stellen voordat u een voorvertoning van de afbeelding weergeeft.

    • Kies Bestand > Exporteren > Voorvertoning video naar apparaat verzenden om de afbeelding te bekijken zonder uitvoeropties in te stellen.

Opmerking:

Wanneer u afbeeldingen voor video maakt, kunt u een set videohandelingen laden (die wordt geleverd met Photoshop) waarmee bepaalde taken, zoals het schalen van afbeeldingen naar videopixelafmetingen en het instellen van de pixelverhouding, automatisch kunnen worden uitgevoerd.

Videohandelingen laden

Bij videoafbeeldingen kunt u met behulp van handelingen bepaalde taken automatiseren, zoals het beperken van het lichtsterktebereik en de verzadigingsniveaus om te kunnen voldoen aan de normen voor het uitzenden van televisiebeelden, het vergroten, verkleinen en omzetten van videoafbeeldingen in niet-vierkante pixels voor gebruik in dvd-presentaties (NTSC en PAL, standaard- en breedbeeldschermverhoudingen), het maken van een alfakanaal van alle op een bepaald moment zichtbare lagen, het aanpassen van beeldgebieden (vooral dunne lijnen) die de oorzaak kunnen zijn van schokkerige beelden en het genereren van een bedekking met een veilig gebied voor titels.

  1. Kies Venster > Handelingen om het deelvenster Handelingen weer te geven.
  2. Klik op het driehoekje rechtsboven in het deelvenster en kies Videohandelingen in het menu.

Pixelverhouding aanpassen

U kunt een aangepaste pixelverhouding maken in bestaande documenten, of pixelverhoudingen verwijderen of opnieuw instellen die eerder aan een document zijn toegewezen.

Een pixelverhouding toewijzen aan een bestaand document

  1. Zorg dat er een document is geopend en kies Weergave > Pixelverhouding. Kies vervolgens een pixelverhouding die compatibel is met de videoindeling van uw Photoshop-bestand.

Een aangepaste pixelverhouding maken

  1. Zorg dat er een document is geopend. Kies vervolgens Weergave > Pixelverhouding > Aangepaste pixelverhoudingen.
  2. Geef in het dialoogvenster Pixelverhoudingen opslaan een waarde op in het tekstvak Factor, geef een naam op voor de aangepaste pixelverhouding en klik vervolgens op OK.

    De nieuwe aangepaste pixelverhouding verschijnt zowel in het menu Pixelverhouding van het dialoogvenster Nieuw als in het menu Weergave > Pixelverhouding.

Een pixelverhouding verwijderen

  1. Zorg dat er een document is geopend. Kies vervolgens Weergave > Pixelverhouding > Pixelverhoudingen verwijderen.
  2. Kies in het dialoogvenster Pixelverhoudingen verwijderen de optie die u uit het menu Pixelverhouding wilt verwijderen en klik op Verwijderen.

Pixelverhoudingen opnieuw instellen

  1. Zorg dat er een document is geopend. Kies vervolgens Weergave > Pixelverhouding > Pixelverhoudingen herstellen.
  2. Kies in het dialoogvenster een van de volgende opties:

    Toevoegen

    Hiermee vervangt u de huidige pixelverhoudingen door de standaardwaarden plus eventuele aangepaste pixelverhoudingen. Deze optie is handig als u een standaardwaarde die u hebt verwijderd, wilt herstellen zonder dat er aangepaste pixelverhoudingen verloren gaan.

    OK

    Hiermee vervangt u de huidige pixelverhoudingen door de standaardwaarden. Daarbij worden aangepaste pixelverhoudingen verwijderd.

    Annuleren

    Hiermee annuleert u de opdracht.

Afbeeldingen voorbereiden voor gebruik in After Effects

U kunt een Photoshop-bestand (PSD) rechtstreeks in een After Effects-project importeren en u hebt daarbij de mogelijkheid om afzonderlijke lagen, laagstijlen, transparante gebieden en laagmaskers en aanpassingslagen te behouden (de afzonderlijke elementen blijven behouden voor animatie).

 

Opmerking: U behaalt de beste resultaten in de door After Effects gebruikte RGB-modus. In After Effects CS3 en later kunt u CMYK-bestanden omzetten in RGB-bestanden. In After Effects 7 en eerdere versies is dat niet mogelijk.

Voordat u een gelaagd Photoshop-bestand exporteert voor gebruik in After Effects, voert u een van de volgende handelingen uit om het genereren van een voorvertoning en bestandsweergave te versnellen en om problemen bij het importeren en bijwerken van Photoshop-lagen te voorkomen.

 

  • Deel de lagen in en geef ze een naam. Als u de naam van een laag wijzigt of als u in een Photoshop-document een laag verwijdert nadat u deze in After Effects hebt geïmporteerd, kan After Effects de hernoemde of verwijderde laag niet meer vinden. In dit geval wordt in het projectvenster van After Effects Project aangegeven dat de laag ontbreekt. (U kunt lagen ook groeperen in slimme objecten. Als u bijvoorbeeld een laagset hebt gebruikt om een voorgrondobject te maken en een laagset om een achtergrond te maken, kunt u elk groeperen tot één slim object, en gemakkelijk zodanig animatie toepassen dat de ene voor de andere langs vliegt).
  • Zorg ervoor dat elke laag een unieke naam heeft. Dubbele laagnamen kunnen leiden tot verwarring.
  • Kies Altijd in het menu Compatibiliteit met PSD en PSB maximaliseren in het dialoogvenster met voorkeuren voor bestandsverwerking.
  • Gebruik de gewenste vooraf gedefinieerde pixelafmeting voor video en film in het dialoogvenster Nieuw document.
  • Voer desgewenst kleurcorrectie, schalen, uitsnijden of andere bewerkingen uit in Photoshop, zodat in After Effects geen extra beeldverwerkingsbewerkingen nodig zijn. U kunt ook een kleurprofiel aan de afbeelding toewijzen die overeenkomt met het gewenste type uitvoer, zoals Rec. 601 NTSC of Rec. 709. After Effects kan ingesloten kleurprofielen lezen en de kleuren van de afbeelding op basis van het profiel interpreteren.
Adobe-logo

Aanmelden bij je account