Los problemen op die worden veroorzaakt door een beschadigde, niet-ondersteunde of incompatibele GPU of grafisch stuurprogramma.

Overzicht van de problemen die worden veroorzaakt door een beschadigde, niet-ondersteunde of incompatibele GPU of grafisch stuurprogramma

Als u problemen met het renderen van afbeeldingen, trage prestaties of crashes ondervindt, ligt de oorzaak mogelijk bij een beschadigde, niet-ondersteunde of incompatibele grafische processor (ook wel grafische kaart, videokaart of GPU genoemd) of grafisch stuurprogramma.

Grafische processor uitschakelen om het probleem snel te vinden

U kunt snel bepalen of het probleem betrekking op uw grafische processor of grafisch stuurprogramma heeft door de volgende stappen te volgen:

  1. Start Photoshop.
  2. Kies Bewerken > Voorkeuren > Prestaties (Windows) of Photoshop > Voorkeuren > Prestaties (Mac OS).
  3. Schakel GPU gebruiken uit.
  4. Sluit Photoshop en start het programma opnieuw op.

Als het probleem is opgelost, werd het waarschijnlijk veroorzaakt door uw grafische processor of grafisch stuurprogramma. Zie Problemen met grafische processor (GPU) oplossen voor meer probleemoplossingen.

Als het probleem zich nog steeds voordoet, wordt het niet veroorzaakt door de grafische processor. Voor aanvullende oplossingen voor problemen, zie:

Problemen met de GPU en het grafisch stuurprogramma oplossen

  1. Bevestig dat u de nieuwste versie van Photoshop gebruikt.

    Raadpleeg het artikel Creative Cloud-apps bijwerken om Photoshop bij te werken.

  2. Bevestig dat uw grafische kaart compatibel is met Photoshop.Start Photoshop en kies Help > Systeeminfo om informatie over de grafische processor weer te geven zodat u het merk en model van uw grafische kaart kunt bepalen:

    Systeeminformatie weergeven

    Als uw grafische kaart dateert van voor mei 2013, raadpleeg dan de lijst van geteste kaarten en de minimale GPU- en weergavevereisten.

    Als uw grafische kaart na mei 2013 op de markt is gekomen, kunt u ervan uitgaan dat de kaart met Photoshop werkt. Voer de onderstaande stappen voor probleem oplossen uit.

  3. Werk uw grafisch stuurprogramma bij.

    Geactualiseerde grafische stuurprogramma's kunnen veel problemen oplossen, zoals crashen, onjuist gerenderde afbeeldingen en prestatieproblemen. Haal updates van het stuurprogramma rechtstreeks bij de fabrikant van de videokaart op:

    Windows

    Voor bepaalde instructies over het installeren van de bijgewerkte stuurprogramma's, raadpleegt u Het grafische stuurprogramma bijwerken u het grafische stuurprogramma.

    Mac OS

    • Grafische stuurprogramma's worden bijgewerkt via besturingssysteemupdates. Controleer of u de nieuwste Mac OS-updates hebt door Software-update te selecteren in het menu  of via de Updates in de App Store.

    Start Photoshop na installatie van de updates opnieuw op. Schakel GPU gebruiken in door Voorkeuren > Prestatie > GPU gebruiken te selecteren en de stappen die het probleem hebben veroorzaakt opnieuw te herhalen.

    Opmerking:

    • U krijgt niet altijd de nieuwste en beste stuurprogramma's door Windows Update uit te voeren. U moet rechtstreeks naar de website van uw kaartfabrikant gaan om op stuurprogramma-updates te controleren.
    • Zorg dat u het juiste stuurprogramma kiest. Notebookstuurprogramma's hebben soms een andere naam dan vergelijkbare desktopstuurprogramma's.
    • Fabrikanten van sommige videokaarten hebben andere software waarvoor het videostuurprogramma en updates vereist zijn. Lees de update-instructies nauwkeurig door en neem rechtstreeks contact met de fabrikant van de videoadapter op als u de instructies niet begrijpt.

  4. Controleer de instelling van het cacheniveau.

    Als u uw cacheniveau in de voorkeuren van Photoshop op 1 hebt ingesteld, kunt u prestatieproblemen ondervinden met de functies die gebruik maken van de grafische processor.

    Zet het cacheniveau terug op de standaardinstelling (4):

    a. Kies Bewerken > Voorkeuren > Prestaties (Windows) of Photoshop > Voorkeuren (Mac OS).

    b. Stel Cacheniveaus in op 4.

    c. Sluit Photoshop en start het programma opnieuw op.

    Nadat u Photoshop opnieuw hebt gestart, herhaalt u de stappen die het probleem hebben veroorzaakt.

  5. Uw voorkeuren opnieuw instellen.

    Hiermee worden de standaardinstellingen van de grafische processor hersteld. Zie Standaardinstellingen van voorkeursbestanden herstellen voor meer informatie.

    Nadat u uw voorkeuren hebt hersteld, start u Photoshop opnieuw op en herhaalt u de stappen die het probleem hebben veroorzaakt.

  6. Wijzig uw Geavanceerde instellingen voor de Tekenmodus naar Standaard.

    Als u de Tekenmodus op Standaard instelt, worden de kleinste hoeveelheid VRAM en gewone GPU-functies gebruikt:

    a. Kies Bewerken > Voorkeuren > Prestaties (Windows) of Photoshop > Voorkeuren > Prestaties (Mac OS).

    b. Klik op Geavanceerde instellingen in het venster Prestaties.

    c. Kies Tekenmodus > Standaard.

    d. Sluit Photoshop en start het programma opnieuw op.

    Als deze oplossing het probleem oplost, stelt u de Tekenmodus in op Normaal. Start Photoshop opnieuw en kijk of het probleem opnieuw optreedt. Als het probleem zich weer voordoet, gaat u terug naar Standaardmodus.

    Zie de Veelgestelde vragen over de grafische processor (GPU) van Photoshop voor meer informatie over de instellingsvoorkeuren van de grafische processor en de manier waarop u ze optimaliseert voor uw workflow.

    Opmerking:

    Als u de Prestatievoorkeuren wijzigt om het probleem op te lossen, moet u Photoshop na elke wijziging opnieuw starten.

  7. Meerdere grafische kaarten met conflicterende stuurprogramma's kunnen problemen veroorzaken met GPU-versnellingsfuncties of ingeschakelde functies in Photoshop. Verbind twee (of meer) monitors met één grafische kaart voor het beste resultaat.

    Als u meerdere grafische kaarten gebruikt, moet u de minst krachtige kaarten verwijderen of uitschakelen. Stel, u hebt twee verschillende kaarten die verschillende stuurprogramma's gebruiken: een NVIDIA-videokaart en een AMD-videokaart. In dit geval moet de High Performance-videokaart aan Photoshop zijn toegewezen, en niet de Integrated Graphics- of Power Saving-videokaart.

    NVIDIA:

    a. Klik met de rechtermuisknop op een willekeurige locatie op het bureaublad en kies het NVIDIA-configuratiescherm.

    b. Klik op Manage 3D settings (3D-instellingen beheren).

    c. Klik op Program Settings (Programma-instellingen) en voeg Photoshop.exe en sniffer.exe toe.Wijzig de grafische processor van uw voorkeur naar High-performance NVIDIA processor.

    AMD:

    a. Klik met de rechtermuisknop op een willekeurige locatie op het bureaublad en kies het AMD Catalyst Control Center of Configure Switchable Graphics.

    b. Klik op Browse (Bladeren) en kies High performance in plaats van Power Saving.

    Opmerking:

    Photoshop profiteert momenteel niet van meer dan een grafische processor. Het gebruiken van twee grafische kaarten verbetert de prestatie van Photoshop niet. Meerdere grafische kaarten met conflicterende stuurprogramma's kunnen problemen veroorzaken met GPU-versnellingsfuncties in Photoshop.

    Voor details leest u Veelgestelde vragen over de grafische processor van Photoshop.

  8. Als u met nr. 7 het probleem niet kunt oplossen, kunt u de grafische kaarten uitschakelen.

    Op Windows kunt u grafische kaarten uitschakelen in Apparaatbeheer. Klik met de rechtermuisknop op de naam van de kaart in Apparaatbeheer en kies Uitschakelen.

    Grafische kaart uitschakelen in Systeembeheer
  9. Gebruik Photoshop niet op een virtuele computer. 

    Photoshop gebruiken op virtuele computers is uitgebreid getest noch officieel ondersteund als gevolg van bekende problemen met functies die afhankelijk zijn van de grafische processor in virtuele omgevingen.

  10. Als geen van de bovenstaande probleemoplossingen soelaas biedt, resten er u nog slechts twee opties: een compatibele grafische kaart aanschaffen of de grafische kaart volledig uitschakelen. Volg voor die laatste optie de onderstaande stappen:

    a. Start Photoshop.

    b. Kies Bewerken > Voorkeuren > Prestaties (Windows) of Photoshop > Voorkeuren > Prestaties (Mac OS).

    c. Schakel GPU gebruiken uit.

    d. Sluit Photoshop en start het programma opnieuw op.

Als u de bovenstaande probleemoplossingen hebt gevolgd, kunt u het resultaat bevestigen door de optie GPU gebruiken in te schakelen in het venster Voorkeuren > Prestaties.

Dit werk is gelicentieerd onder de Creative Commons Naamsvermelding/Niet-commercieel/Gelijk delen 3.0 Unported-licentie  De voorwaarden van Creative Commons zijn niet van toepassing op Twitter™- en Facebook-berichten.

Juridische kennisgevingen   |   Online privacybeleid